:: wikimiki.org ::
| Sweikhuizen (bedevaart) |
Sweikhuizen (bedevaart)
Sweikhuizen is een woonkern grenzend aan Geleen en Spaubeek behorende tot de gemeente Schinnen.
Sweikhuizen ligt op een vrij steile heuvel. Halverwege de helling ligt een kleine kerk die in 1739 gebouwd is. Onder aan de Sweikhuizerberg ligt een monumentale hoeve. De Biezenhof.
Aangenomen wordt dat de naam Sweikhuizen afkomstig is van het woord Zweihuizen oftewel twee huizen ( Zwei betekent in Limburgs dialect twee ).
De naam slaat op de bebouwing tussen twee huizen. Men vermoed dat de Stammenhof gelegen boven op de heuvel het boven- en de Biessenhof onder aan de heuvel het benedenhuis was.
Het dorp is een bedevaartsoort voor blinden en slechtzienden. Vanaf 1851 kent Sweikhuizen een Odiliadevotie. Sinds 1929 worden er jaarlijks blindenbedevaarten gehouden met deelname vanuit geheel Nederland. De blinden- en slechtziendenbedevaart werd in 1929 gesticht door de blinde pater Lucianus, minderbroeder-conventueel te Urmond en geestelijk adviseur van de afdeling Limburg van de R.K. Blindenbond St. Odilia.
Wielrennen in Sweikhuizen
Vanwege de steile helling in Sweikhuizen zijn er in het verleden ook vaker wielerkoersen georganiseerd, o.a. de Klauterkoers waar in de negentiger jaren van de 20ste eeuw vele nationale wielervedetten aan deelnamen zoals Michael Boogerd en Erik Dekker. 'Klauteren' is Limburgs dialect voor klimmen. De Klauterkoers bestaat niet meer.
Beroemde pruimen uit Sweikhuizen
Het product waarmee Sweikhuizen in de wijde omgeving bekend is, zijn haar Rèngelaote. Volgens de in New York wonende Gelener Prof. Dr. Arthur Schrijnemakers is de kweek van deze pruimensoort ontstaan rond 1820 toen een zekere Jacob Lenaerts naar Sweikhuizen kwam om te gaan werken bij Peter Baggen, in die tijd de grootste fruitteler van het dorp. Zijn kennis van pruimen kweken nam hij mee. Hij wist uit een wilde zure pruimensoort een soort te kweken welke tot de sappigste en fruitigste pruimen van deze streek behoorde. Dat was het begin van de pruimenteelt, die gedurende anderhalve eeuw, grote bekendheid aan Sweikhuizen zou geven.
Joep Boyens (1865-1953) gold in zijn tijd in Sweikhuizen als de grootste autoriteit inzake pruimenteelt. Van hem schijnt ook de benaming Sjweikeser Rèngelaot te stammen. (Bron: Sweykhuizen, dorp op de berg).
Tussen 1960-1970 kwam echter de anti climax. Door de ruilverkavelingen en door de overgang van fruitteelt naar landbouw werd toen een ware kaalslag gepleegd: hele akkers met pruimenbomen en andere hoogstambomen werden met de grond gelijk gemaakt. Rooipremies en uitbreiding van de bouwactiviteiten versnelden de teloorgang van de eens zo beroemde rèngelaot. En van het zo prachtig beschreven bloeiende landschap rondom Sweikhuizen is niet veel meer overgebleven. Het aantal pruimenbomen is inmiddels geslonken tot enkele tientallen. Bij niet ingrijpen zal over enkele jaren deze boomsoort volledig uit Sweikhuizen zijn verdwenen.
Er zijn initiatieven genomen de redding van de “ Sjweikeser Rèngelaot “ te verwezenlijken.
Een aantal vrijwilligers heeft reeds in 2000 uit eigener beweging een honderdtal scheuten van de rèngelaot in hun achtertuin geplant.
Tevens is er contact gezocht met Gemeente Schinnen, Natuurmonumenten en het Landschapspark de Graven om deze pruimensoort weer terug te plaatsen waar hij thuis hoort: op de hellingen rondom Sweikhuizen.
Het is voor de initiatiefnemers een uitdaging dit plan te realiseren en zodoende de Sjweikeser Rèngelaot te behouden voor ons nageslacht.
Externe link
- [http://www.schinnen.nl Website van de gemeente]
- [http://www.historie-schinnen.nl Website vereniging Historie Schinnen]
- [http://www.sjweikeserrengelaot.tk Website vereniging ter behoud van de Rèngelaot]
Categorie:Plaats in Nederlands-Limburg
categorie:Schinnen
GeleenGeleen (Limburgs Gelaen) is een voormalige gemeente in de Nederlandse provincie Limburg.
Op 1 januari 2001 is Geleen samengevoegd met de gemeente Sittard en Born tot de gemeente Sittard-Geleen.
Tot die tijd bestond Geleen uit de dorpskernen Oud-Geleen, Lutterade, Krawinkel, Spaans-Neerbeek en Daniken en besloeg het een grondgebied van 1220 ha.
Geleen kwam tot bloei met de aanleg van de kolenmijn Staatsmijn Maurits waarmee in 1915 werd begonnen. De Maurits was de eerste steenkoolmijn die in 1967 werd gesloten. Sindsdien zijn Geleen en DSM twee synoniemen van elkaar.
Dagboek van een herdershond, de bekende tv-serie uit de de jaren 70 speelde zich af in het Geleen ten tijde van de opkomst van de mijnindustrie in Limburg.
Geleen kent twee treinstations, te weten Geleen-Lutterade (aan de spoorverbinding Sittard - Maastricht) en Geleen Oost. (aan de spoorverbinding Sittard - Heerlen)
Geboren in Geleen
- Paul van Loon (17 april 1955), Nederlands schrijver van kinderboeken
- Max Hermans (16 februari 1974), Nederlands politicus (LPF)
Categorie:Plaats in Nederlands-Limburg
Categorie:Voormalige gemeente in Nederlands-Limburg
categorie:Sittard-Geleen
Schinnen
Schinnen is een plaats en gemeente in Limburg (Nederland). De gemeente telt 13.524 inwoners (1 juni 2005) en heeft een oppervlakte van 23,83 km².
Uit Schinnen komt de stroop van Canisius en het Alfa bier, dat gebrouwen wordt in de buurtschap Thull. In Schinnen staat ook een kasteelhoeve, kasteel Terborg. Daarnaast is Schinnen bekend door de eerste bokkenrijdersbende die hier ontstaan is in het buurtschap Wolfhagen, tegen de Putherberg.
Schinnen maakt deel uit van landschapspark de Graven
Legende
Over de naam Schinnen gaan vele geruchten de ronde. Zo zou de oude Romeinse naam van Schinnen Sunici zijn, en zou Schinnen hiervan een verbastering zijn. Maar er gaat ook een verhaal de ronde dat keizer Karel de Grote tijdens een van zijn trektochten was verdwaald. Plots zag hij in de verte een licht schijnen (Schinnen) en een licht schimmeren (Schimmert). Als dank voor het weer terugvinden van de weg liet Karel de Grote op de plek waar hij beide lichtverschijnselen waarnam een kapel bouwen.
Mijnverleden
In Schinnen stond tot medio 1993 nog een voormalige mijnschacht (schacht 4) van de Staatsmijn Emma. Deze schacht was gelegen direct naast de spoorlijn van Heerlen naar Sittard en de autosnelweg A76. Op het terrein van Schacht 4 is tegenwoordig een Amerikaanse bevoorradingsbasis gevestigd, de United States Army Garrison Schinnen. De basis bestaat uit een groot winkelcentrum, banken en enkele restaurants. De voormalige mijnspoorweg liep van Brunssum, Hoensbroek en Nuth via Thull langs de Geleenbeek over het grondgebied van de gemeente Schinnen, en kruiste in Schinnen de Stationsstraat en de Veeweg via een ongelijkvloerse kruising. Ter hoogte van het terrein van Schacht 4 verliet de mijnspoorweg het grondgebied van de gemeente Schinnen en vervolgde haar weg via het grondgebied van de gemeenten Spaubeek en Geleen haar route naar de haven van Stein. Eind jaren '50, begin jaren '60 kochten de Staatsmijnen het gebied gelegen rondom de Muldermolen in het buurtschap Thull. In dit gebied was een oude molen gelegen en enkele boerderijen. Gedurende enkele jaren werd in dit gebied mijnslik en mijnsteen geloosd wat afkomstig was van de voormalige Staatsmijn Emma in Hoensbroek. Nadat de mijnen waren gesloten was het terrein in handen gekomen van DSM en ontstond er een natuurgebied met zeldzame plantengroei. In de jaren '90 is het gebied overgegaan van DSM naar de gemeente Schinnen en is het gebied deel uit gaan maken van Landschapspark 'De Graven'. Dit heeft er onder meer toe geleid dat het hele gebied opnieuw werd ingericht met wandelpaden, het terugbrengen van de in het gebied stromende Geleenbeek in haar natuurlijke loop (gedurende de periode dat in het gebied mijnslik werd gestort, is de Geleenbeek gekanaliseerd en om het gebied heen geleid) en het aanleggen van een grote visvijver in het voormalige slik.
Overige kernen
Amstenrade, Doenrade, Oirsbeek, Puth, en Sweikhuizen.
Openbaar vervoer
Schinnen heeft een eigen NS-station, waarvanuit men eenmaal per uur kan vertrekken in de richting Heerlen en in de richting Sittard en Roermond. Verder onderhoudt Openbaar Vevoersbedrijf Hermes een lijnbus dienst tussen Heerlen en Geleen via Schinnen (lijn 32).
Opmerkelijk
In de gemeente Schinnen liggen twee straten met de zelfde naam. De Altaarstraat komt zowel voor in Schinnen als in het kerkdorp Oirsbeek. Dit is opmerkelijk omdat deze straatnaam naast deze twee niet meer voorkomt in Nederland.
Bekende inwoners
- Nadia Wijenberg (atlete)
- Hans Erkens (voormalig voetballer bij Ajax)
- Piet Knarren, een in limburg en Duitsland bekende trompettist.
Externe links
- [http://www.schinnen.nl Website van de gemeente]
- [http://www.historie-schinnen.nl Website vereniging Historie Schinnen]
Categorie:Plaats in Nederlands-Limburg
categorie:Schinnen
Michael Boogerd
Michael Boogerd (Den Haag, 28 mei 1972) is een professioneel wielrenner.
Boogerd is vooral sterk in klassiekers als de Amstel Gold Race en in bergetappes van grote rondes als de Ronde van Frankrijk. Om ook in het eindklassement een rol te spelen zijn zijn kwaliteiten op de tijdrit echter te beperkt. In 2001 haalde hij de zevende plaats van de wereldranglijst van de UCI.
Boogerd is in 2002 getrouwd met Nerena Ruinemans. Ze hebben samen een zoon.
Ploegen Michael Boogerd
- 1994 Word Perfect
- 1995 Novell
- 1996-2005 Rabobank
Belangrijke overwinningen
Ereplaatsen
Externe links
- [http://utopia.knoware.nl/users/jalabert/boogerd/ Michael Boogerd fanclub]
Boogerd, Michael
Boogerd, Michael
Schinnen
Schinnen is een plaats en gemeente in Limburg (Nederland). De gemeente telt 13.524 inwoners (1 juni 2005) en heeft een oppervlakte van 23,83 km².
Uit Schinnen komt de stroop van Canisius en het Alfa bier, dat gebrouwen wordt in de buurtschap Thull. In Schinnen staat ook een kasteelhoeve, kasteel Terborg. Daarnaast is Schinnen bekend door de eerste bokkenrijdersbende die hier ontstaan is in het buurtschap Wolfhagen, tegen de Putherberg.
Schinnen maakt deel uit van landschapspark de Graven
Legende
Over de naam Schinnen gaan vele geruchten de ronde. Zo zou de oude Romeinse naam van Schinnen Sunici zijn, en zou Schinnen hiervan een verbastering zijn. Maar er gaat ook een verhaal de ronde dat keizer Karel de Grote tijdens een van zijn trektochten was verdwaald. Plots zag hij in de verte een licht schijnen (Schinnen) en een licht schimmeren (Schimmert). Als dank voor het weer terugvinden van de weg liet Karel de Grote op de plek waar hij beide lichtverschijnselen waarnam een kapel bouwen.
Mijnverleden
In Schinnen stond tot medio 1993 nog een voormalige mijnschacht (schacht 4) van de Staatsmijn Emma. Deze schacht was gelegen direct naast de spoorlijn van Heerlen naar Sittard en de autosnelweg A76. Op het terrein van Schacht 4 is tegenwoordig een Amerikaanse bevoorradingsbasis gevestigd, de United States Army Garrison Schinnen. De basis bestaat uit een groot winkelcentrum, banken en enkele restaurants. De voormalige mijnspoorweg liep van Brunssum, Hoensbroek en Nuth via Thull langs de Geleenbeek over het grondgebied van de gemeente Schinnen, en kruiste in Schinnen de Stationsstraat en de Veeweg via een ongelijkvloerse kruising. Ter hoogte van het terrein van Schacht 4 verliet de mijnspoorweg het grondgebied van de gemeente Schinnen en vervolgde haar weg via het grondgebied van de gemeenten Spaubeek en Geleen haar route naar de haven van Stein. Eind jaren '50, begin jaren '60 kochten de Staatsmijnen het gebied gelegen rondom de Muldermolen in het buurtschap Thull. In dit gebied was een oude molen gelegen en enkele boerderijen. Gedurende enkele jaren werd in dit gebied mijnslik en mijnsteen geloosd wat afkomstig was van de voormalige Staatsmijn Emma in Hoensbroek. Nadat de mijnen waren gesloten was het terrein in handen gekomen van DSM en ontstond er een natuurgebied met zeldzame plantengroei. In de jaren '90 is het gebied overgegaan van DSM naar de gemeente Schinnen en is het gebied deel uit gaan maken van Landschapspark 'De Graven'. Dit heeft er onder meer toe geleid dat het hele gebied opnieuw werd ingericht met wandelpaden, het terugbrengen van de in het gebied stromende Geleenbeek in haar natuurlijke loop (gedurende de periode dat in het gebied mijnslik werd gestort, is de Geleenbeek gekanaliseerd en om het gebied heen geleid) en het aanleggen van een grote visvijver in het voormalige slik.
Overige kernen
Amstenrade, Doenrade, Oirsbeek, Puth, en Sweikhuizen.
Openbaar vervoer
Schinnen heeft een eigen NS-station, waarvanuit men eenmaal per uur kan vertrekken in de richting Heerlen en in de richting Sittard en Roermond. Verder onderhoudt Openbaar Vevoersbedrijf Hermes een lijnbus dienst tussen Heerlen en Geleen via Schinnen (lijn 32).
Opmerkelijk
In de gemeente Schinnen liggen twee straten met de zelfde naam. De Altaarstraat komt zowel voor in Schinnen als in het kerkdorp Oirsbeek. Dit is opmerkelijk omdat deze straatnaam naast deze twee niet meer voorkomt in Nederland.
Bekende inwoners
- Nadia Wijenberg (atlete)
- Hans Erkens (voormalig voetballer bij Ajax)
- Piet Knarren, een in limburg en Duitsland bekende trompettist.
Externe links
- [http://www.schinnen.nl Website van de gemeente]
- [http://www.historie-schinnen.nl Website vereniging Historie Schinnen]
Categorie:Plaats in Nederlands-Limburg
categorie:Schinnen
NatuurmonumentenDe Vereniging Natuurmonumenten (oorspronkelijk: Vereniging tot Behoud van Natuurmonumenten in Nederland) (kortweg: Natuurmonumenten) is een Nederlandse natuurbeschermingsorganisatie die natuurgebieden in Nederland aankoopt en beheert.
De vereniging had anno 2004 366 gebieden in beheer, met een gezamenlijke oppervlakte van 88.500 hectare (dit is even groot als 27% van de provincie Zuid-Holland). Het grootste natuurmonument is De Wieden (5847 hectare), het kleinste Fort Ellewoutsdijk (1 ha). De vereniging bezit verder 1700 gebouwen, waarvan er 250 provinciaals of rijksmonument zijn.
Natuurmonumenten heeft 909.000 leden, en daarmee is het de grootste vereniging op het gebied van natuurbescherming in Nederland. Het hoofdkantoor is gevestigd in 's-Graveland.
Statutaire doelstelling
"De vereniging heeft ten doel het behoud en beheer van in natuurwetenschappelijk en landschappelijk opzicht belangrijke terreinen in Nederland met de zich daarop bevindende monumenten van geschiedenis en kunst, in het bijzonder die bedoeld in artikel 1 van de Monumentenwet.
Dit geschiedt zowel terwille van de natuur zelf als ten behoeve van het geestelijke en lichamelijke welzijn van de mens.
Haar streven is mede gericht op:
- Het bevorderen van het behoud en herstel van natuur en landschap;
- Het bevorderen van zuiverheid van water, bodem en lucht alsmede het beschermen van stilte;
- Het bevorderen van het besef dat de mens hiervoor verantwoordelijkeheid draagt"
Ontstaan en Geschiedenis
De Vereniging tot Behoud van Natuurmonumenten in Nederland werd op 22 april 1905 te Amsterdam opgericht.
Aanleiding tot de oprichting was het voorstel van B& W van Amsterdam, in november 1904, om de 'waardeloze, onvruchtbare' plassen van het Naardermeer met stadsafval te dempen. Het was de Amsterdamse onderwijzer en natuurminnaar Jac. P. Thijsse die hiertegen in verzet ging. Thijsse kende het vogelrijke meer, als een van de zéér weinigen, door de roeitochtjes die hij er geregeld ondernam. Hij begon ermee brieven rond te sturen, daarin stelde hij voor om het Naardermeer gewoon maar aan te kopen. Dit alles was vrijwel vergeefse moeite.
De Nederlands Ornithologische Vereniging uitte zich sceptisch over de haalbaarheid om het meer te redden, de directie van Artis zag het zelfs als een onbegonnen onderneming. Maar in de dagbladen kwam een drukke discussie op gang. In december 1904 besloot de Nederlandse Natuurhistorische Vereniging om zich in een schrijven tot de gemeenteraad te wenden. Deze vereniging voerde als argument aan dat het Naardermeer een grote esthetische en 'natuurhistorische' waarde bezat; waarmeee de rijke flora en fauna bedoeld werd.
OP 12 december 1904 geeft Thijsse in zijn rubriek in het Algemeen Handelsblad nog eens blijk van zijn verontrusting en spoort hij de lezer aan zich het lot van het meer aan te trekken. Zijn vriend Eli Heimans valt hem bij in De Groene Amsterdammer. Een paar dagen later, 14 december, werden de plannen in de raad besproken. Aan de schoonheid van het Naardermeer werd geen aandacht geschonken. Evenmin telden de natuurhistorische bezwaren. De hoofdstedelijke politici toonden een blinde vlek voor de wezenlijke bezwaren die de natuurbeschermers eerder naar voren hadden gebracht. Het gevaar dat de Vecht door vervuild grondwater zou worden verontreinigd werd echter wél uitvoerig besproken, -Thijsse had ook al op de gevaren van bodemverontreiniging gewezen.
Uiteindelijk gaf het financiële aspect de doorslag om niet tot demping over te gaan; het voorstel werd met 20 tegen 18 stemmen afgewezen.
Niet vanuit een twintigste-eeuwse overweging tot natuurbehoud, maar omwille van een negentiende-eeuwse centenkwestie was het Naardermeer voorlopig van de ondergang gered.
De Nederlandse Natuurhistorische Vereniging, al in 1901 opgericht, besteedde vervolgens op 2 januari 1905 aandacht aan de hele kwestie, aangespoord door Thijsse die inmiddels lid was geworden van het bestuur. Later die maand werd een besluit genomen om een bijeenkomst te beleggen voor geïnteresseerde instellingen. Het doel was om eendrachtig te komen tot de 'stichting van een lichaam' terwille van het 'behoud van Natuurmonumenten'. Concreter: voor 'het aankopen en in eigen beheer nemen van Natuurmonumenten'.
Zeventien organisaties richtten in de middag van zaterdag 22 april 1905, in de Kleine Restauratie van Artis, de 'Vereniging tot behoud van Natuurmonumenten in Nederland' op.
De florist Heukels zat de vergadering voor. De eerste voorzitter van de nieuwe vereniging werd de entomoloog dr J.Th. Oudemans.
Door de plotselinge bekendheid die het Naardermeer kreeg, werd de eigenaar, de familie Rutgers van Rozenburg, door allerlei personen benaderd. De familie besloot daarop het Naardermeer publiek te veilen. De vereniging probeerde de familie van dit nieuwe onheil af te houden, maar stond zelf met lege handen. Nu leek het voorgenomen behoud van het natuurmonument toch nog vergeefs te zijn: het meer zou worden geveild en verkocht.
De biedingen vielen echter tegen, er werd niets verkocht. Een commissie van Natuurmonumenten ging vervolgens snel aan de slag om de opbrengsten van het meer (riet, vis, jacht, turf) te berekenen, men wilde in staat zijn de rente en de aflossing van een hypothecaire lening te bekostigen. Op 25 april 1906 besloot de vereniging een obligatielening uit te schrijven. Op 3 september 1906, bijna anderhalf jaar na de oprichting van de vereniging, werd het Naardermeer voor een koopsom van 150 duizend gulden aan Natuurmonumenten overgedragen.
Het Naardermeer is het eerste natuurreservaat in Nederland.
De Vereniging tot Behoud van Natuurmonumenten is daarmee de eerste organisatie in Nederland die zich op het praktische terrein van natuurbescherming begaf, door aankoop en beheer van gronden. Niet mogen die landgoedeigenaren echter worden vergeten, die reeds eerder beschermende maatregelen op hun terreinen troffen tot behoud van bijzondere planten, dieren en vogels, voor welke zij een liefhebbend oog hadden.
De vereniging ontplooit zich
De insectendeskundige dr Oudemans was een enthousiast wetenschapsman en heel lang ook een praktisch steunpilaar van de jonge vereniging. De eerste propagandabrochure -zo weten wij uit een geschrift van Thijsse- schreef Oudemans. Deze eerste voorzitter bracht de folders ook zelf rond aan de deuren van de Heren- en Keizergracht.
Dat was nog in 1905, vlak na de verenigingsoprichting, en nog vóór de aankoop van het Naardermeer. Thijsse schreef: Onze eerste oproep om leden en steun had een tamelijk poover resultaat gehad. Heel goede menschen noemden onzen opzet hersenschimmig. Van de circulaires die we gestuurd hadden aan de leden van de Tweede en Eerste Kamer en aan verschillende hooggeplaatste overheidspersonen kwamen er nog geen half dozijn terug met een aanmelding voor lidmaadschap of donateurschap. Maar wij wanhoopten niet.
De algemene vergadering van 23 december 1905 trok in maart 18 personen. Daar kon de secretaris de mededeling doen van één donateur en 86 leden. Er was een schenking van f. 122,- binnengekomen. Er werd een omvangrijk bestuur ingesteld, dat bestond uit twaalf personen. Thijsse werd 1e secretaris.
Op de algemene ledenvergadering van 21 februari 1906 -hier gaven alweer 19 personen blijk van hun aanwezigheid- werd het huishoudelijk reglement vastgesteld. Op 31 maart 1906 verkregen de statuten koninklijke goedkeuring.
Jac.P. Thijsse, dr H.W. Heinsius, prof. dr J. Ritzema Bos en dr J.Th. Oudemans waren aanvankelijk de belangrijkste personen.
Later speelden -met immer Thijsse in het gezelschap- twee andere figuren een cruciale rol in de vereniging.
Op de voorgrond trad mr. P.G. van Tienhoven. Hij had enige jaren biologie gestudeerd en stond bekend als 'vogelenpiet'. Hij zou jarenlang een krachtig stempel drukken op het beleid van de vereniging. Hij werd in 1907 penningmeester, later speelde hij een centrale rol onder het voorzitterschap van Oudemans. Van Tienhoven zou internationaal uitgroeien tot een belangrijk natuurbeschermer (onder andere door de oprichting van de Nederlandse Commissie voor Internationale Natuurbescherming in 1925 en voorzitter van het Office Internationale pour la Protection de la Nature). Pas in 1927 volgde hij Oudemans als voorzitter op.
Van Tienhoven had veel relaties in de financiële wereld. In het belang van de vereniging wist hij steeds opnieuw bij anderen een beroep te doen op geldelijke steun. Velen gaven spontaan in de vorm van giften en leningen. Met het geld van vermogende lieden en andere gulle gevers verkreeg de Vereniging tot Behoud van Natuurmonumenten een behoorlijke financiële grondslag. De natuurbescherming kon in die dagen niet bij voorbaat rekenen op overheidssteun, zoals pas vele jaren later het geval zou zijn.
Van Tienhoven zag wel in dat inkomsten uit het terreinbezit dé basis vormde voor de instandhouding van het groeiende bezit aan landgoederen en natuurterreinen: de houtverkoop, de pacht van de jacht, de rietverkoop. Op deze manier geëxploiteerd, zou de vereniging de meer 'wetenschappelijke' reservaten als heidevelden en vogelbroedplaatsen kunnen onderhouden. Een methode tot een verantwoorde aanschaf van natuurterrein bestond er uit om allereerst een schatting te maken van wat het nieuwe terrein kon opbrengen. Daarna werd beslist hoe de aankoop gefinancierd moest worden.
Van Tienhoven ston op het standpunt dat de verwerving van 'wandeloorden' gunstig was. Dan kon je, zo redeneerde hij, het volk op de gedachte brengen van de natuurbescherming. Dit bracht hem wel eens in conflict met de wetenschappelijk aangelegden binnen de vereniging. Die wilden alleen de biologisch interessante terreinen aankopen, al spraken die dan ook minder tot de verbeelding van het publiek.
De vereniging deed in die jaren nog geen rechtstreeks beroep op het grote publiek. Op 'Jan met de pet' oefende de wat elitair aandoende vereniging geen aantrekkingskracht uit. Het algemeen verbreide analfabetisme stond de propaganda voor natuurbescherming trouwens in de weg. De vereniging kon dus nog niet bogen op maatschappelijk 'draagvlak'. De groep die belang stelde in de natuurbescherming was klein, maar invloedrijk: het ging om vermogenden, of geschoolde mensen.
Het kantoor van de vereniging was jarenlang op één kamer gehuisvest, in het assurantiekantoor van Van Tienhoven, Rokin 69 te Amsterdam.
In 1919 volgde een verhuizing naar de Nederlandse Lloyd, Herengracht 260/266. In 1927 trok Van Tienhoven naar Herengracht 540. In 1928 had de vereniging een eigen kantoorgebouw, Reguliersgracht 9, pal tegenover de woning Van Tienhoven op de Herengracht. Ruimtegebrek noopte de vereniging in 1946 te verhuizen, dit keer naar het gebouw van Hajenius, Rokin 92-96. Na Van Tienhovens overlijden, in 1953, verhuisde de vereniging opnieuw naar het ruime pand op Herengracht 540, dat Van Tienhoven aan de vereniging had nagelaten. Sinds 1975 zetelt Natuurmonumenten op het landgoed Schaep en Burgh in 's-Graveland.
Het beheer van de eerste bezittingen
Van Tienhoven leerde tijdens een bezoek aan Texel in 1912 de vogelkenner J. Drijver kennen. Drijver kan als derde drijvende kracht van de vereniging genoemd worden. In 1913 trad hij als (eerste) administratieve medewerker in dienst van de vereniging.
Op de broedplaats de Bol op Texel kwamen in 1906 grote sterns tot broeden, de vogel had zich lange tijd niet op het eiland laten zien. De vereniging slaagde erin het eierzoeken op de Bol te pachten. Natuurlijk om er de eieren met rust te laten. De koeien van de boer vertrapten echter alle nesten, de tweede natuurbeschermingsactie van de vereniging te velde mislukte jammerlijk. In hetzelfde najaar werd het terrein geveild en verkocht, weer greep de vereniging mis. Het eerste bezit op Texel verwierf de vereniging in 1909. Het was broedplaats de Staart in de polder Waalenburg. De koopsom werd door vrienden aan de vereniging geschonken.
De derde aankoop betrof een bosgebied. In een bestuursvergadering in 1910 sprak Oudemans de vrees uit dat het Leuvenumse bos bij Ermelo onder de bijl van de houthakker zou vallen. Het bos stond te koop. Een lening werd uitgeschreven voor de aankoop tegen f. 250.000, de obligatielening werd, zo kreeg het bestuur te horen, met f. 90.000 overtekend.
Onderwijl dreigde kaalslag op de Veluwezoom. Op het landgoed Haganau zou de houtopstand geveild worden. In november 1910 werd een optie verkregen voor de aankoop van het landgoed tegen een bedrag van f. 405.000, zonder kosten. In korte tijd werd aan f. 104.000 aan obligaties geplaatst.
De verkoper liet, alle partijen ten kantore van de notaris in Arnhem bijeen, en sterk weifelend over de transactie, de optie om 12 uur precies verlopen. Van Tienhoven wist de situatie de volgende dag te redden. Hij bezocht de eigenaar, de heer mr. F. Reekers, op in zijn woning te Amsterdam. Het bleek dat 't Reekers grote moeite kostte afstand te doen van zijn geliefde bezit. Tienhoven bezwoer hem dat Natuurmonumenten alles zou doen om het bosgebied goed te beheren; de verkoop ging alsnog door! Op 11 februari 1911 vond de overdracht plaats van Hagenau, een maand later verwierf de vereniging het Leuvenumse bos.
In de zomer van 1912 was een exploitatie-maatschappij van plan de bossen rond de vennen bij Oisterwijk te vellen. In deze gemeente ontstond grote beroering over het dreigende verlies van de bossen. Met medewerking van de gemeente Tilburg, en later ook 's-Hertogenbosch en de provincie Noord-Brabant, kon de vereniging onder toezegging van financiële steun, overgehaald worden tot aankoop van de bossen en de vennen. Voor het eerst werd met geld uit de publieke kas in Nederland een natuurgebied aangekocht.
Ook zegde de Nederlandse Natuurhistorische Vereniging 'in Holland' een leningbedrag toe. Voor aankoop van 157 hectare was totaal f. 91.500 nodig. Er werden weer voldoende obligaties geplaatst, en wat meer was: er stroomden bovendien nog eens voor tienduizend gulden aan giften binnen. Een deel van de bosvennen bij Oisterwijk vielen op 27 februari 1913 in handen van de vereniging. Later, op 23 september 1915, werden deze uitgebreid met nog andere gebieden.
Bronnen
- Ruimte voor natuur, 1986, dr H.P. Gorter
- Zinkviooltjes en zoetwaterwieren, 1993, Marga Coesél
- En dan: Wat is natuur nog in dit Land? -natuurbescherming in Nederland 1880-1990, 1995, Henny van der Windt
- Tijdschrift De Levende Natuur, 1927, blz. 360, Jac.P. Thijsse
- www.uba.uva.nl
- Vijftig jaar natuurbescherming, gedenkboek, 1956, 2e druk
- Vakblad Natuur Bos Landschap, augustus 2005.
- De koek lokt de burger naar buiten, de natuurbeweging dankt veel aan autodidactisch veldbioloog Jac. P. Thijsse, Sander Voormolen, NRC Handelsblad 10-6-2005
Organisatie
Het bestuur
Het bestuur van de vereniging draagt de eindverantwoordelijkheid voor het gevoerde beleid. Een bestuurslid wordt voor een periode van vier jaar gekozen en kan zich eenmalig herkiesbaar stellen.
Het bestuur komt regelmatig bijeen om bijvoorbeeld verwervingen te bespreken en goed te keuren. Andere belangrijke agendapunten zijn onder andere het financiële beleid van de vereniging, de maatschappelijke positiebepaling, de natuurontwikkelingsvisies, het organiseren van regionale ledenbijeenkomsten en de samenwerking met andere organisaties.
De vereniging
Natuurmonumenten kent als vereniging dertien districten: de twaalf provincies en Amsterdam. De leden in een district kiezen afgevaardigden voor de Verenigingsraad. Deze raad is het 'parlement' van de vereniging. De Verenigingsraad kiest het bestuur, toetst op hoofdlijnen het beleid van Natuurmonumenten en neemt op dat gebied ook zelf initiatieven. Officieel komt de raad twee keer per jaar bijeen.
De werkorganisatie
Natuurmonumenten had eind 2004 608 medewerkers in dienst ofwel 495 fulltime banen. Algemeen directeur is Jan Jaap de Graeff, directeur Natuurbeheer is Theo Wams en directeur Financiën en Bedrijfsvoering Fedde Koster.
Het beheer van de natuurgebieden behoort tot de kerntaak van Natuurmonumenten. Meer dan helft van het personeel heeft er zijn werkzaamheden. Een aantal natuurgebieden samen vormt een beheereenheid, aan het hoofd ervan staat de beheerder. Deze voert met zijn team de beheerswerkzaamheden uit zoals het plaggen van de heidevelden, het maaien van graslanden en het baggeren van de vennen. Daarnaast houden ze goed in de gaten hoe het de natuur vergaat: hoe de planten en dieren het doen: gaan ze vooruit of achteruit? Ook wordt er toezicht gehouden in het gebied en geven medewerkers excursies.
Een aantal beheereenheden samen vormt een inspectie. Nederland is verdeeld in zes inspecties:
- Groningen, Friesland en Drenthe;
- Overijssel en Flevoland;
- Gelderland;
- Utrecht en Noord-Holland;
- Zuid-Holland en Zeeland;
- Noord-Brabant en Limburg.
Aan het hoofd van een inspectie staat een inspecteur. De inspecteur en zijn team zijn onder andere actief op het gebied van verwervingen, ze onderhouden de contacten met de (provinciale) overheden en verzorgen de regionale voorlichting.
Het Hoofdkantoor
Het hoofdkantoor van Vereniging Natuurmonumenten is gevestigd in 's-Graveland. Naast de directie zijn hier een aantal landelijke afdelingen gehuisvest.
Gerelateerde onderwerpen
- Natuurmonument
- Lijst van gebieden van Natuurmonumenten
Externe link
http://www.natuurmonumenten.nl
Categorie:Natuurbescherming
Natuurmonumenten
Landschapspark de GravenHet Landschapspark De Graven is een initiatief uit 1999 van de gemeenten Sittard, Geleen en Schinnen om een toegankelijk natuurgebied te realiseren. Een bekend onderdeel van het landschapspark is kasteel Terborg.
Landschapspark de Graven heeft ten doel hoogwaardige natuur te ontwikkelen in de buitengebieden van de gemeenten . Het kent een oppervlakte van 5700 hectare . Een groot aantal projecten is inmiddels gerealiseerd . De projecten aan de Geleenbeek spreken daarbij het meest tot de verbeelding . Recreatie voor de bevolking wordt bevorderd door het aanleggeven van routenetwerken voor wandelaars , fietsers en ruiters
Externe links
- [http://www.degraven.nl www.degraven.nl]
Categorie:Natuurgebied in Nederland
Categorie:Schinnen
Categorie:Sittard
Categorie:Schinnen
categorie:gemeente in Nederlands-Limburg
Spartacus and the Sun Beneath the SeaNote: In some cases the names of characters, places, and things were changed for the English version. The original name will be in parentheses.
Spartakus and the Sun Beneath the Sea is the English title of the French animated series Les Mondes Engloutis ("The Engulfed Worlds"). The series consists of altogether 52 episodes, each between 20 and 25 minutes in length, divided into two, 26 episode seasons.
Versions
The English version aired on the U.S. cable television network Nickelodeon from 1985 to 1987, and also on the British Cartoon Network which broadcast the series around Europe.
Beside the French original and the English dub, the show had the following versions:
- A Hungarian translation (Elsüllyedt világok, "Submerged Worlds"). It originally aired on Magyar Televízió around 1989, and had started re-runs in 2005 on a children's television channel called Minimax.
- A Japanese translation (Onigiri Arkadia Monogatari, おにぎり・アルカディア物語).
- A Korean translation (title unknown).
- A Latin-American Spanish translation (Espartako y el Sol Bajo el Mar).
- A Turkish translation (Kayıp Dünyalar, "Lost Worlds").
Changes
- Since the names of the pirates were all based on puns, these were changed in every version to names that fit the languages they were translated to.
- The English version had a large number of name changes. Since the word shag found in most of the characters and terms associated with Arkadia (eg. Shagshag, Shagmir, the Shagma, etc.) has a meaning in British slang that means the same as sexual intercourse, new names were invented for these.
- Also in the English version, Rebecca's brother Bob was renamed to Matt. The reason behind this change is unknown.
- The songs were translated and re-sang by the voice actors in each version.
- In the U.S. and Latin-American versions, the theme song was changed for the second season, as there was a new song made, performed by the boy band Menudo, in English for the U.S. version and in Spanish for the Latin-American version.
- The Hungarian Magyar Televízió only bought and aired the first 26 episodes of the programme. The second season was never bought, and the reason for the decision never surfaced. While the children's channel Minimax started regular repeats of the show, there has been no talk about purchasing the second season.
Synopsis
The story concerns a fictional lost city, Arkadia. This ancient civilization escaped a Great Cataclysm by relocating deep within the Earth, and was not aware life continued on the Earth's crust. Hoping to keep them safely away from the surface, their elders sealed all records of their past in the city's Archives. They survive by the light of an artificial sun, the Tehra (Shagma), but it is dying, and something must be done. With no other options, a few Arkadian children defy the law and enter the Archives. Armed with information about the world above, they create a messenger, Arkana, and send her to find help.
She encounters two siblings from the surface, Matt (Bob) and Rebecca, and brings them back through the underground strata to save Arkadia. They travel in a living spaceship called Tehrig (ShagShag), along with Spartakus (a wanderer) and Bic and Bac (a couple of pangolins)
Characters
Arkana : The Arkadian children created her out of stone with the help of the Tehra's rainbow light. As she was made in the image of the surface dwellers, she has legs, unlike the Arkadians themselves. She is a well-meaning but naïve magician, capable of projecting illusions and telekinetic feats. Her mission is to seek help from above in repairing the Tehra.
Bic and Bac : Among the oldest living things in Arkadia, these two happy little animals are the best of friends, and enjoy dancing to their song, the "Flashbick." They are a kind of pangolin, but unlike their real-life relatives, they have no scales or claws. They are affectionate, clever and playful, and can make fire by rubbing their noses together.
Matt and Rebecca : Brother and sister, these children from above ground join Arkana and Spartakus on their quest to save Arkadia. Matt (Bob) is the older of the two, and tries to protect his overeager sister, whom he affectionately calls "half-pint."
Spartakus : Formerly a gladiator in the city of Barkar, this young man escaped slavery following a revolt. His gauntlet conceals a magic crossbow and grappling hook. He remembers very little about his past, but often hums the songs his father taught him. His character is based on the historical Spartacus.
Tehrig : The only creature allowed free access to the Archives was Tehrig (ShagShag), an intelligent robotic vehicle vaguely shaped like a giant turtle. It secretly helped the children of Arkadia gain entry to the records and serves Arkana and her friends as a transport. Though its computer-brain dates back to before the Great Cataclysm and possesses an encyclopedic database, there are large holes in its memory. It also contains a number of tiny robots called Triggies (Shagies) that it can mobilize to repair itself.
The Pirates of the Seas : Members of the Interstrata Marine Pirate Federation, these "punk pirates" roam the strata seeking helpless voyagers to rob or enslave, and they frequently show up to menace the show's heroes. Their appearance is often marked by a recurring theme song and dance performance. Their society is structured in the guise of a democracy controlled through mass media.
- Nasty Max (Maxagaze pun with "Masque à gaz" (gas mask)) has a large blue mohawk and leads the vicious band.
- Mighty Matt (Mattymatte), a simple-minded pirate with a small red mohawk, is Max's sidekick.
- Massmedia is Max's girlfriend and broadcasts station FIPIRATE from her "radio craft." Her mohawk is blond.
- Sleazeappeal (Seskapil pun with "sex appeal") has a green mohawk.
Brigands of the Fjords : The Pirates of the Seas' rivals throughout the series. The only identified member is their leader, Ringmar, who frequently competes with Nasty Max for leadership of the nested worlds' rogues.
Miscellaneous information
Releases outside of television
- The show's popularity in France led to the songs released on several bakelite records in the 1980's.
- In France, a set of DVD's were released for the programme around 2000.
Trivia
Total production cost for the series was 60 million French franc. 811,000 unique drawings where made, adding up to 42 km of film. [http://home.online.no/~kgroenn/shagma/]
In most of the countries, the show aired at or around the time of another animated series involving children, adventure, and a mystical/mythological theme, The Mysterious Cities of Gold. Because of this, the two series are sometimes confused with each other.
External links
- [http://www.imdb.com/title/tt0212676/ IMDb entry for the show]]
- [http://people.ucsc.edu/~jeremys/spartakusmain.html Website about Spartakus and the Sun Beneath the Sea]
- [http://tehrig.tripod.com/ The Lost Archives of Arkadia]
Category:Animated television series
Category:Dieselpunk
gospodarka realplayer zakady bukmacherskie low cost car hire Pozycjonowanie
|
|
|
| :: RELATED NEWS :: |
William Kotzwinkle
William Kotzwinkle (1943-) is an author and screenwriter. His most popular works to date include the novelization of E.T. the Extra Terrestrial (on which he collaborated with Melissa Mathison, the original screenplay writer, this book contains details behind the story of E.T. not shown in the film) and The Bear Went Over the Mountain.
He has won the World Fantasy Award for Best Novel for Doctor Rat in 1977, and has also won the National Magazine award for fiction.
Series
E.T. the Extra Terrestrial
- E.T. the Extra-Terrestrial (1982) (with Melissa Mathison)
|
The Golden Age (album)
The Golden Age is Cracker's third album.
Track listing
# "I Hate My Generation" (2:57)
# "I'm a Little Rocket Ship" (3:23)
# "Big Dipper" (5:40)
# "Nothing to Believe in" (3:25)
# "The Golden Age" (3:44)
# "100 Flower Power Maxiumum" (2:39)
# "Dixie Babylon" (7:09)
# "I Can't Forget You" (4:08)
# "Sweet Thistle Pie" (5:00)
# "Useless Stuff" (2:19)
# "How Can I Live Without You" (3:27)
# "Bicycle Spaniard" (4:26)
|
Mark Wainberg
Mark A. Wainberg (born April 21, 1945) is a Canadian scientist and AIDS researcher. He is the Director of the McGill University AIDS Centre and Professor of Medicine and of Microbiology at McGill University.
His most notable achievements is his initial identification of the antiviral capabilities of 3TC in
|
E.T., The Extra-Terrestial
E.T. the Extra-Terrestrial is an Academy Award-winning 1982 science fiction film directed by Steven Spielberg that tells the story of a young boy, Elliott, who befriends an alien being called E.T. stranded on Earth and trying to find his way home. This film was produced by television station serving the Indianapolis, Indiana metropolitan area. Affiliated with NBC, the station transmits its analog signal on VHF channel 13, and its digital signal on UHF channel 46. Its transmitter is located in Indianapolis. Since 1974, WTHR has been owned by the Dispatch Broadcast Grou
|
Kwong Ki Chi
Kwong Ki Chi was Secretary for the Treasury and Secretary for Information Technology and Broadcasting in Hong Kong. He later served as the chief executive of Hong Kong Exchanges and Clearing.
|width=25% align=center|Preceded by: Donald Tsang
|width=25% align=center|Hangeul: 태극, Hanja: 太極) is the Korean pronunciation of Taiji, a Chinese principle associated with Taoism that refers to the co-existent union of yin and yang, from which all is actualized. In South Korea, the taeguk symbol is typically portrayed in red (yang, or heaven) and bl
|
|
Wikipedia:Votes for deletion/Expediente Negro
| |