Home About us Products Services Contact us Bookmark
:: wikimiki.org ::
Odocoileus Hemionus

Odocoileus hemionus


Het muildierhert (Odocoileus hemionus) is een Noord-Amerikaans hert. Hij is nauw verwant aan het witstaarthert (Odocoileus virginianus). Het muildierhert dankt zijn naam aan de grote oren, die doen denken aan die van een muildier. Ook het muildierhert kan zijn oren onafhankelijk van elkaar bewegen.

Beschrijving

Het muildierhert heeft een bruine vacht. Zomers is deze meer rossig tot gelig bruin, 's winters is de vacht grijziger van kleur. De buik is roomwit van kleur, de binnenzijde van de poten, de keelvlek en het binnenste van de oren zijn wit. De staart is aan de bovenzijde wit met een zwart puntje. Bij herten langs de Pacifische kust is de bovenzijde geheel zwart of donkerbruin. Kalfjes hebben een gevlekte vacht. Het muildierhert heeft een schouderhoogte van 90 tot 105 centimeter, een lichaamslengte van 116 tot 199 centimeter en een staartlengte van 11,4 tot 23 centimeter. Mannetjes zijn groter dan vrouwtjes en dragen een gewei. De hertenbok weegt 50 tot 215 kilogram, de hinde 32 tot 73 kilogram.

Gedrag

Het muildierhert is vooral actief in de schemering en op nachten met een heldere maan. 's Winters laat hij zich ook overdag zien. In berggebieden trekt het muildierhert in de winter naar de dalen. Het hert eet 's zomers kruiden en bessen, en 's winters twijgen van naald- en loofbomen. Ook eet hij eikels en appels. Het muildierhert leeft in kleine familiegroepjes, bestaande uit een vrouwtje, haar kalfjes en soms ook de éénjarige jongen van de vorige worp. 's Winters voegen deze groepen zich vaak samen in kleine gemengde groepen. Buiten de winter zijn de hinden vrij agressief tegenover andere vrouwtjes. Hertenbokken leven solitair, maar buiten de bronsttijd kunnen ze ook in groepjes van twee leven. Het woongebied van de bok is groter dan die van de hinde. De bronsttijd loopt van de herfst tot de vroege winter. Tijdens de bronsttijd verlaten veel dieren hun gebruikelijke woongebied. Bokken zijn polygaam, en proberen soms een kudde van hindes te vormen. Ook de hinde paart meestal met meerdere bokken. Meestal vechten de bokken met elkaar door middel van dreiggedrag, maar soms wordt er gevochten met de geweien, waarbij de bokken elkaars kop naar beneden proberen te drukken. Meestal ontstaan er geen verwondingen bij deze gevechten, maar soms raken de geweien verstrikt, waarbij beide bokken zullen sterven door verhongering. In juni en augustus worden na een draagtijd van zes tot zeven maanden één à twee kalfjes geboren. Tweelingen zijn algemener bij oudere hindes, terwijl hindes die voor de eerste keer jongen slechts één kalf krijgen. Ze wegen bij de geboorte ongeveer 3,6 kilogram. De eerste maand worden de kalfjes achtergelaten terwijl de moeder gaat grazen. Ze zoekt de kalfjes regelmatig op zodat ze kunnen worden gezoogd. De belangrijkste natuurlijke vijanden van het muildierhert is de poema en de wolf. Ook lynxen en beren grijpen wel eens een hert, en coyotes vangen een enkele keer een kalf. Mensen jagen ook op het muildierhert, als trofee of vanwege schade aan de landbouw.

Verspreiding en leefgebied

Muildierherten leven langs bosranden, in bergen en voorgebergten in gemengde wouden. Ze leven in het westen van Noord-Amerika: in zowel de Verenigde Staten, Canada als Noord-Mexico. Vooral in de Rocky Mountains zijn ze algemeen. Het hert is ingevoerd op Hawaï en in Argentinië. Categorie:Hert

Noord-Amerika

| |- | |- | |- | |{

Witstaarthert


Het witstaarthert (Odocoileus virginianus) is een Amerikaans hert. Hij komt voor in Zuid-Canada, de gehele VS behalve het zuidwesten, en geheel Midden-Amerika zuidwaarts tot Brazilië en Peru. Hij komt ook in een groot aantal habitats voor: van bossen tot woestijnen, van bergen tot moerassen. Zelfs in buitenwijken wordt het witstaarthert aangetroffen. De soort is ingevoerd in Nieuw-Zeeland, Finland, Tsjechië en Slowakije.

Herkenning

Het witstaarthert heeft een schofthoogte van 68 tot 114 centimeter, een staartlengte van 15 tot 33 centimeter en een kop-romplengte van 173 tot 180 centimeter. Mannetjes wegen 68 tot 141 kilogram, vrouwtjes 41 tot 96 kilogram. Enkele ondersoorten, als het Keyhert (O.v. clavium) uit de Florida Keys, worden niet zwaarder dan 23 kilogram. In de zomer is de vacht roodachtig bruin, in de herfst verandert het in grijzig bruin. De onderzijde is wit, evenals een keelvlek, de kring om de ogen en de snuit en de binnenzijde van de oor. De bruine staart is aan de onderkant en op de punt wit, waaraan het dier zijn naam dankt. De bok draagt een gewei. De kalveren zijn gevlekt.

Gedrag

Het witstaarthert is een nachtdier, die zich ook regelmatig overdag laat zien. Overdag verbergt hij zich tussen de begroeiing, en 's avonds komt hij tevoorschijn. Het witstaarthert gebruikt altijd dezelfde gangen, op zoek naar voedsel. Hij eet groen plantaardig materiaal als gras, kruiden en bladeren. Het witstaarthert eet 2¼ tot 4 kilogram aan voedsel per dag. Om dit dagelijks te verkrijgen,vult hij zijn menu zomers aan met waterplanten, in de herfst met noten en maïskolven en 's winters met twijgen en knoppen, bast, paddestoelen en korstmossen. Water haalt hij niet alleen uit zijn voedsel, en hij moet dus regelmatig drinken. Witstaartherten zijn groepsdieren. Een groep bestaat uit bokken of uit een moeder met haar jongen. Een bokkengroep bestaat uit drie tot vijf dieren. In de groep heerst een hiërarchie. De herten dagen elkaar uit door te staren, het hoofd omhoog of omlaag te knikken of de oren te laten hangen. Een gevecht bestaat meestal uit schoppen. De samenstelling wisselt regelmatig en valt uit elkaar bij het begin van de bronsttijd. 's Winters vormen de bokken en hindes samen grote kudden, tot wel honderdvijftig dieren. De dieren zijn niet territoriaal. Een hinde leidt de groep. Poema en wolf zijn de belangrijkste vijanden van een wistaarthert. Bij gevaar maakt het witstaarthert snuivende geluiden en stampt hij met zijn hoeven. In de vlucht vlagt hij zijn staart, waarbij de grote witte vlek, die normaal wordt verborgen door de staart, zichtbaar wordt. Dit doet het hert om andere witstaartherten te waarschuwen. Via de witte vlek kan ook het kalfje de moeder volgen. Witstaartherten zijn uitstekende zwemmers en renners. Het hert kan 58 kilometer per uur rennen. Ook kan hij 9 meter ver en 2,6 meter hoog springen.

Voortplanting

De bronsttijd duurt in Noord-Amerika slechts twee weken.In het noorden van het verspreidingsgebied valt de bronsttijd in november, meer naar het zuiden in januari en februari. Aan het begin van de bronsttijd vechten de bokken meer en meer om de hiërarchie in de bokkengroepen. Hierbij proberen ze elkaar weg te duwen. Na deze gevechten valt de groep uit elkaar, waarna de bokken op zoek gaan naar hinden. Eerst laten ze hun geur achter op een bepaalde plek. Hindes die op deze plek komen urineren daar, waarna de bokken hun geurspoor volgen. Een bok probeert met meerdere hindes te paren, maar het komt regelmatig voor dat een bok slechts één hinde dekt. Na een draagtijd van 200 tot 205 dagen worden twee tot drie kalveren geboren (afhankelijk van het voedselaanbod). Een vrouwtje dat voor de eerste keer werpt krijgt meestal maar één jong. Het geboortegewicht is 1½ tot 3½ kilogram. Bij het foerageren laat de moeder de kalveren alleen, maar ze blijft in de buurt. De kalveren drukken zich dan tegen de grond, waarbij hun gevlekte vacht als schutkleur werkt. De jongen worden iedere vier uur gevoed. Na tweeëneenhalve maand worden de jongen gespeend en na drie tot vijf maanden verliezen ze hun gevlekte vacht. De kalveren blijven meer dan een jaar bij hun moeder. Soms blijven ze tot de volgende worp van de moeder. De moeder jaagt ze vaak weg voor de volgende worp, maar soms blijven ze nog een paar dagen. De vrouwelijke jongen sluiten zich soms weer aan bij het vrouwtje. In het tweede jaar worden de dieren geslachtsrijp. Het witstaarthert wordt maximaal 15 jaar in het wild, 25 jaar in gevangenschap. Image:WhitetailedDeerFawn.jpg|Witstaarthert

Trivia


- Het witstaarthert stond model voor het hertje Bambi
- Het witstaarthert is een belangrijk drager van de ziekte van Lyme, dat via teken wordt verspreidt Categorie:Hert

Grote Oceaan

| |- | |- | |- | |

Kruid (plant)

Kruidachtige planten zijn vaatplanten die niet verhouten. Ze kennen geen secundaire diktegroei; dat wil zeggen dat ze geen stammen en takken hebben die jaarlijks dikker worden. Kruidachtigen worden ook wel eens kruiden genoemd, zoals in de 22ste druk van Heukels' flora van Nederland. Dat is een ander begrip dan kruid zoals het doorgaans gebruikt wordt: planten die gebruikt worden om gerechten van een bepaalde smaak te voorzien. Veel kruidachtigen zijn geen kruid in deze zin van het woord, bijvoorbeeld koolzaad en sommige kruiden die in de keuken gebruikt worden zijn niet kruidachtig zoals bijvoorbeeld rozemarijn. Enkele voorbeelden van kruidachtige planten:

Zie ook


- Onkruid categorie:plantkunde Categorie:Lijsten van planten ja:多年生植物

Twijg

Een tak is een onderdeel van een boom of struik. Op de takken staan de blad-, bloem- en eventueel gemengde (bladeren en bloemen in dezelfde knop) knoppen. De knoppen kunnen tegenover elkaar, in kransen of verspreid staan. Aan het eind van de tak staat een eindknop. Officieel is een tak pas een tak als die drie jaar oud is. Daarvoor wordt het een twijg genoemd. Een twijg is dus een 1 of 2 jarige houtige stengel. Op een boom kunnen kortloten en langloten voorkomen. Een kortlot bestaat uit een aantal dicht opelkaar zittende knopen. Bij een kortlot lijkt het alsof de bladeren en/of bloemen in een bundeltje bij elkaar staan. Op de afbeelding staat zo'n nu drie jaar oud kortlot (het 3-jarige stukje tak) gevolgd door twee opeenvolgende jaren met langloten (de 2-jarige en 1-jarige stukjes). Bij een langlot zitten de knopen meer uitelkaar. Bomen met veel kortloten vormen meestal de meeste vruchten, doordat op de kortloten de meeste bloemknoppen zitten. knopenknopen Bij houtachtige gewassen zijn de twijgen bedekt met een kurklaagje. Daarom zitten op het oppervlak van deze twijgen lenticellen, vergelijkbaar met huidmondjes bij bladeren, waardoor gasuitwisseling door de kurklaag heen toch mogelijk is. Ook kunnen er klieren op de twijg voorkomen, zoals bij de vlier.

Hoofdtak

De hoofdtak vormt de stam en groeit verticaal. Als de hoofdtak vertakt ontstaat er een boom met meerdere hoofdtakken. Soms kan, als de hoofdtak afbreekt of de eindknop afsterft, een zijtak de functie van hoofdtak overnemen.

Gesteltak

Takken kunnen uitgroeien tot zware gesteltakken, die de boom de vorm geven.

Zijtak

Een zijtak staat ingeplant op de stam. De zijtak vertakt zich ook weer in zijtakken en die kunnen zich ook weer vertakken enz. Door verschil in apicale dominantie kan er een meer of minder sterke vertakking optreden.
De takken kunnen afwisselend of in kransen op de stam staan ingeplant. Bij de bomen die bijvoorbeeld tot het geslacht Spar behoren staan de takken in kransen op de stam.
De zijtakjes van de zijtakken kunnen ook weer op verschillende manieren staan ingeplant. Bij de spar staan ze twee aan twee op de zijtak.

Takvorm

Takken kunnen een rechte, kromme, hangende of kronkelende vorm hebben. De schietwilg vormt lange rechte takken en de treurvormen (o.a. treurbeuk, treurwilg) hangende takken. De kronkelwilg en de kronkelhazelaar de naam zegt het al vormen kronkelende takken.
De twijg kan rond of vierkant van vorm zijn. Van 2-jarige twijgen en takken kan de bast al dan niet afschilferend zijn.
Ook kunnen takdoorns op een tak voorkomen, zoals bij de meidoorn.

Boomvorm

De inplantingshoek ten opzichte van de stam bepaalt voor een belangrijk deel de vorm van de boom. Bij een zuilvorm staan de takken onder een zeer kleine hoek en bij een ronde vorm onder een hoek van 90o. Een piramidale vorm zit daar tussen in.

Plakoksel

Soms staat een zijtak bijna horizontaal tegen de stam geplakt en kan dan een zogenaamd plakoksel vormen. Een dergelijke tak kan bij storm makkelijk afscheuren. meidoorn

Taksterfte

Bij de groei van een boom kunnen de onderste takken afsterven door gebrek aan licht. Op de grens met de stam wordt dan een afscheidingslaag gevormd voor het tegengaan van het binnendringen van schimmels. Op de duur zal de dode tak afbreken.

Wondheling

Wonden ontstaan door afbreken, afscheuren of afzagen van takken kunnen door de bast overgroeid worden.

Bladmerk

Afgevallen bladeren laten op de tak een bladmerk achter. Een bladmerk is een litteken en in dit merk zitten één of meer sporen (donkere vlekjes). Een spoor is het litteken van de vaatbundel. Een bladmerk zit op een bladkussen dat een verhevenheid van de tak is, waarop het blad was ingeplant. Voor het herkennen van boomsoorten in de winter zijn de verschillen in bladkussens en bladmerken een belangrijk hulpmiddel.

Merg

bast bast Merg is een meestal wit gekleurd weefsel in het centrum van een twijg of tak. De vorm, kleur en dikte van het merg zijn belangrijke winterkenmerken voor het determineren van een boomsoort in de winter.
Bij vlier wordt dit een pit genoemd, die vrij dik is. Het weefsel van de pit is zacht en werd vroeger veel gebruikt voor het snijden van dunne plakjes plantmateriaal, zoals dwarse doorsneden van een blad of stengel, ter bestudering voor onder een microscoop.
Ook kan het merg de vorm hebben van een ladder, zoals bij de walnoot of kan het merg ontbreken, zoals bij de Forsythia.
Het merg kan ook in stralen voorkomen. Zo heeft de Zwarte populier vijfstralig merg.

Beworteling

Takken van een aantal boom- of struiksoorten kunnen als zij in contact met de grond komen wortels vormen. Vooral wilgentakken, maar ook populiertakken bewortelen makkelijk. Bij de vegetatieve vermeerdering worden afgesneden takken of delen van takken in de grond gestoken. Ook bij het afleggen bij o.a. de hazelaar ontstaan wortels op het met grond bedekte takdeel.

Ziekten en beschadigingen

De bast van takken kan aangetast worden door schorskevers.
De dennenscheerder (Tomicus piniperda) holt de twijgen uit, waardoor deze afvallen. Hierdoor lijkt het of een dennenboom geschoren is.
Ook schimmels kunnen takken aantasten, zoals kanker (Nectria galligena) en takschurft (Venturia inaequalis) bij appel.
Een gevreesde aantasting door bacteriën is bacterievuur waar vooral de meidoorn vatbaar voor is, maar ook de peer kan er door worden aangetast. De oude naam is dan ook perevuur. Categorie:Plantenmorfologie

Appel

kan betrekking hebben op:
- Een soort fruit, zie appel (vrucht)
- Een soort bekroning van een kerktoren, zie ui (bouwkunst)
- Een gehuchtje in Gelderland, zie Appel
- Een kunstenaar uit de tweede helft van de twintigste eeuw, zie Karel Appel ja:リンゴ simple:Apple

Bronsttijd

De bronsttijd (oestrus) of het paarseizoen is een periode waarin dieren een drang hebben om te paren. Dit wordt veroorzaakt door hormonale veranderingen in het lichaam van het dier. De bronsttijd van een diersoort begint met het vruchtbaar worden van het wijfje. Het mannetje reageert hierop. Bij zowel mannelijke als vrouwelijke dieren zijn tijdens de bronsttijd vaak veranderingen in gedrag, geur en uiterlijk waar te nemen. Mannelijke dieren gedragen zich agressiever door een verhoogde hoeveelheid testosteron in hun bloed, waardoor zij beter in staat en meer geneigd zijn om te rivaliseren met andere mannetjes. Andere mannetjes zullen agressief benaderd en bevochten worden. Vrouwtjes worden onrustiger en zullen als zij solitair leven, geursporen uitzetten zodat een partner haar op het spoor kan komen. Vrouwelijke dieren die in groepen leven zoeken actief toenadering tot de dominante mannetjes. De bronst van het vrouwtje eindigt als zij bevrucht is. Meestal is zij dan niet langer seksueel interessant voor partners of zal ze mannetjes fel afweren. In de periode dat een vrouwelijk dier jongen zoogt, wordt zij niet bronstig. Mannelijke leeuwen die een troep leeuwinnen overnemen van een oudere of verzwakte rivaal, doden de zogende welpen, zodat de leeuwinnen opnieuw bronstig worden en met hen willen paren. Bronstige dieren hebben meestal weinig belangstelling voor voedsel en de bronsttijd is meestal een behoorlijke aanslag op hun conditie.

Wanneer valt de Bronsttijd?

Meestal valt de bronst samen met de herfst of de lente. Dit heeft te maken met de lengte van de dracht. Het jong wordt dan geboren in een periode van het jaar waarin het de meeste overlevingskans heeft. Omdat iedere soort verschillende lengte van de dracht heeft, valt voor iedere soort de bronsttijd ook verschillend. Bij dieren die ongeveer een jaar drachtig zijn, zal over het algemeen de bronsttijd in de lente zijn. Maar bij dieren die ongeveer een half jaar drachtig zijn, zal het in de herfst vallen.

Mannetjes lokken vrouwtjes en andersom

Het zijn meestal de mannetjesdieren die moeten concurreren om een vrouwtje. Het vrouwtje kan immers maar één keer in een bepaalde periode zwanger worden en ze moet dus selectief zijn. Daarom moet een mannetje het onderste uit de kan halen om te bewijzen dat juist hij beste keus is om mee te paren. Mannetjes van solitair levende dieren zetten geursporen uit of proberen met lokroepen de aandacht van wijfjes te trekken. Het 'burlen' van edelherten is hier een voorbeeld van. Vogelmannetjes proberen het wijfje gunstig te stemmen door haar wat voedsel of nestmateriaal aan te bieden. Bij sommige vogelsoorten pronken de mannetjes met een opvallend verenkleed. Vrouwtjes zetten ook geursporen uit. Iedere hondenbezitter kan bevestigen dat de geur van een loopse teef onweerstaanbaar is voor reuen. Soms nodigen wijfjes mannetjes uit door een soort voorspel. Dit kan spel zijn, een (speelse) achtervolging of een ritueel gevecht. De daadwerkelijke paring laat het vrouwtje pas toe als zij daar lichamelijk helemaal klaar voor is. Veranderingen in uiterlijk komen ook voor bij bronstige wijfjes. Vrouwelijke apen krijgen bijvoorbeeld een sterk gezwollen achterwerk.

Ik ben de beste!

De gevechten tussen concurrerende mannetjes zijn meestal niet ernstig. Het gevecht dient immers om te kunnen paren en niet om te doden. Als een mannetje succesvol is in een gevecht laat hij zien dat hij de sterkste is en dus sterk nageslacht kan verwekken. Meestal zal een vrouwtje hem dan uitkiezen maar dit gebeurt niet altijd. Bij wilde paarden sluiten merries zich soms aan bij de hengst die het gevecht heeft verloren, waarom is niet duidelijk. Wanneer dieren in een groep leven is het paren meestal voorbehouden aan één of meer dominante mannetjes. Jongere mannetjes zullen het dominante dier soms uitdagen maar ze zullen het meestal tegen hem afleggen.

Mensen en mensapen

Mens en mensapen hebben geen bronsttijd, maar in plaats daarvan een menstruatiecyclus. Categorie:Voortplanting

Bronsttijd

De bronsttijd (oestrus) of het paarseizoen is een periode waarin dieren een drang hebben om te paren. Dit wordt veroorzaakt door hormonale veranderingen in het lichaam van het dier. De bronsttijd van een diersoort begint met het vruchtbaar worden van het wijfje. Het mannetje reageert hierop. Bij zowel mannelijke als vrouwelijke dieren zijn tijdens de bronsttijd vaak veranderingen in gedrag, geur en uiterlijk waar te nemen. Mannelijke dieren gedragen zich agressiever door een verhoogde hoeveelheid testosteron in hun bloed, waardoor zij beter in staat en meer geneigd zijn om te rivaliseren met andere mannetjes. Andere mannetjes zullen agressief benaderd en bevochten worden. Vrouwtjes worden onrustiger en zullen als zij solitair leven, geursporen uitzetten zodat een partner haar op het spoor kan komen. Vrouwelijke dieren die in groepen leven zoeken actief toenadering tot de dominante mannetjes. De bronst van het vrouwtje eindigt als zij bevrucht is. Meestal is zij dan niet langer seksueel interessant voor partners of zal ze mannetjes fel afweren. In de periode dat een vrouwelijk dier jongen zoogt, wordt zij niet bronstig. Mannelijke leeuwen die een troep leeuwinnen overnemen van een oudere of verzwakte rivaal, doden de zogende welpen, zodat de leeuwinnen opnieuw bronstig worden en met hen willen paren. Bronstige dieren hebben meestal weinig belangstelling voor voedsel en de bronsttijd is meestal een behoorlijke aanslag op hun conditie.

Wanneer valt de Bronsttijd?

Meestal valt de bronst samen met de herfst of de lente. Dit heeft te maken met de lengte van de dracht. Het jong wordt dan geboren in een periode van het jaar waarin het de meeste overlevingskans heeft. Omdat iedere soort verschillende lengte van de dracht heeft, valt voor iedere soort de bronsttijd ook verschillend. Bij dieren die ongeveer een jaar drachtig zijn, zal over het algemeen de bronsttijd in de lente zijn. Maar bij dieren die ongeveer een half jaar drachtig zijn, zal het in de herfst vallen.

Mannetjes lokken vrouwtjes en andersom

Het zijn meestal de mannetjesdieren die moeten concurreren om een vrouwtje. Het vrouwtje kan immers maar één keer in een bepaalde periode zwanger worden en ze moet dus selectief zijn. Daarom moet een mannetje het onderste uit de kan halen om te bewijzen dat juist hij beste keus is om mee te paren. Mannetjes van solitair levende dieren zetten geursporen uit of proberen met lokroepen de aandacht van wijfjes te trekken. Het 'burlen' van edelherten is hier een voorbeeld van. Vogelmannetjes proberen het wijfje gunstig te stemmen door haar wat voedsel of nestmateriaal aan te bieden. Bij sommige vogelsoorten pronken de mannetjes met een opvallend verenkleed. Vrouwtjes zetten ook geursporen uit. Iedere hondenbezitter kan bevestigen dat de geur van een loopse teef onweerstaanbaar is voor reuen. Soms nodigen wijfjes mannetjes uit door een soort voorspel. Dit kan spel zijn, een (speelse) achtervolging of een ritueel gevecht. De daadwerkelijke paring laat het vrouwtje pas toe als zij daar lichamelijk helemaal klaar voor is. Veranderingen in uiterlijk komen ook voor bij bronstige wijfjes. Vrouwelijke apen krijgen bijvoorbeeld een sterk gezwollen achterwerk.

Ik ben de beste!

De gevechten tussen concurrerende mannetjes zijn meestal niet ernstig. Het gevecht dient immers om te kunnen paren en niet om te doden. Als een mannetje succesvol is in een gevecht laat hij zien dat hij de sterkste is en dus sterk nageslacht kan verwekken. Meestal zal een vrouwtje hem dan uitkiezen maar dit gebeurt niet altijd. Bij wilde paarden sluiten merries zich soms aan bij de hengst die het gevecht heeft verloren, waarom is niet duidelijk. Wanneer dieren in een groep leven is het paren meestal voorbehouden aan één of meer dominante mannetjes. Jongere mannetjes zullen het dominante dier soms uitdagen maar ze zullen het meestal tegen hem afleggen.

Mensen en mensapen

Mens en mensapen hebben geen bronsttijd, maar in plaats daarvan een menstruatiecyclus. Categorie:Voortplanting

Polygaam

Polygamie is een echtelijke verbintenis van één man met verscheidene vrouwen tegelijk of één vrouw met verscheidene mannen tegelijk. Indien er sprake is van meerdere vrouwen bij één man, spreekt men ook wel van polygynie of veelwijverij. Polyandrie is de situatie van meerdere mannen bij één vrouw. Polygynie is meer gebruikelijk dan polyandrie. Polygamie is het tegenovergestelde van monogamie. Het hebben van meerdere of wisselende seksuele partners buiten een polygaam huwelijk, valt niet onder het begrip polygamie maar wordt vrije liefde genoemd. Polygamie wordt in de meeste hedendaagse culturen niet toegestaan. In sommige culturen en enkele sekten en religies komt of kwam polygamie echter voor. Zo wordt onder de mormonen het hebben van meerdere vrouwen door enkele conservatieve aanhangers nog steeds geaccepteerd. Daar waar de Islam op grond van de Koran polygynie toelaat onder bepaalde voorwaarden, is polyandrie er niet toegestaan. In delen van de Islamitische wereld is het bezitten van meerdere vrouwen (een harem) een teken van welvaart. Het komt echter steeds minder voor.

België

Polygamie is in de meeste landen bij wet verboden. Zo is in België bijvoorbeeld polygamie niet toegestaan door artikel 147 van het Burgerlijk Wetboek: Men mag geen tweede huwelijk aangaan voor de ontbinding van het eerste. Het Strafwetboek (artikel 391) verbiedt het uitdrukkelijk als een "misdaad tegen de openbare orde der familie en de openbare zedelijkheid": Hij die, door de banden van het huwelijk verbonden, een ander huwelijk aangaat vóór de ontbinding van het vorige, wordt gestraft met opsluiting (dit is vijf tot tien jaar). Voor iemand met de Belgische nationaliteit geldt dit verbod wereldwijd; een vreemdeling is alleen strafbaar als hij zijn tweede of volgende huwelijk in België aangaat.

Nederland

De wettelijkheid van polygame levensvormen is in Nederland heel wat minder duidelijk. Het Burgerlijk Wetboek bepaalt : "Een persoon kan tegelijkertijd slechts met een andere persoon door het huwelijk verbonden zijn" (Boek 1, artikel 33). Bij het invoeren van het samenlevingscontract heeft de wetgever echter de mogelijkheid gegeven dergelijk "contract" met meer dan 1 persoon tegelijkertijd aan te gaan. Dit werd op 23 september 2005 in Roosendaal voor het eerst toegepast. Het samenlevingscontract werd er in het bijzijn van advocaat mr. J.W.A. van Dommelen uit Veenendaal ondertekend door Victor de Bruijn en twee vrouwen en daarna gevierd alsof het om een huwelijk betrof. Nadat de Nederlandse minister van Justitie Jan Piet Hein Donner (CDA) gevraagd werd naar de wettelijkheid van deze constructie, stelde de minister dat deze niet onwettig is en zelfs een "nuttige, ordenende functie kan hebben". Dit heeft in Nederland de facto de weg opengemaakt naar de decriminalisatie van polygamie en een bijkomende discriminatie ingevoerd tussen het samenlevingscontract en het burgerlijk huwelijk. Het Reformatorisch Dagblad berichtte hierover reeds op 23 september 2005. Het merendeel van de Nederlandse media hebben dit precedent echter compleet genegeerd. categorie:Samenlevingsvorm categorie:Seksualiteit categorie:Misdrijf

Poema

|

|- | |- | |- | |- |] |- | |{| border=0 cellspacing=0 cellpadding=0 | Geruchten dat in Europa poema's in het wild rondlopen steken regelmatig de kop op. Waarschijnlijk wordt de soort dan verward met de lynx. Dat uit gevangenschap ontsnapte exemplaren in het wild rondlopen valt echter niet helemaal uit te sluiten. Beweringen dat een poema is gesignaleerd komen uit Frankrijk, Schotland en Limburg, en van de Veluwe. |- | |

Lynxen

De lynxen (Lynx) vormen een geslacht van een aantal middelgrote katten uit de familie der katachtigen (Felidae). In oudere classificaties wordt dit geslacht beschouwd als een ondergeslacht van het geslacht Felis. Lynxen hebben een brede, gevoerde poten om over sneeuw te kunnen lopen. Lynxen komen voor in Europa, Azië en Noord-Amerika, voornamelijk in bergachtige streken en naaldbossen, alhoewel de rode lynx in een grote variëteit aan habitats voorkomt. De meeste lynxen zijn solitair, hoewel ze soms in troepen op jacht gaan. Ze worden onderverdeeld in twee tot vier soorten:
- Geslacht Lynx (lynxen)
  - Euraziatische lynx (Lynx lynx)
  - Canadese lynx (Lynx canadensis)
  - Pardellynx (Lynx pardinus)
  - Rode lynx (Lynx rufus) De pardellynx en de Canadese lynx worden soms als ondersoort van de Euraziatische lynx beschouwd. Categorie:Katachtige

Coyote

Een coyote of prairiewolf (Canis latrans) is een roofdier uit de familie der hondachtigen. Hij is een nauwe verwant van de wolf (Canis lupus). Hij komt voor in een gebied dat zich uitstrekt van Alaska tot Midden-Amerika. wolf
Met een lichaamslengte van slechts 90 cm en een gewicht van 15 – 20 kilo is de coyote wezenlijk lichter dan de wolf. De coyote 'leeft in kleine groepen of solitair' in de prairie en in niet te dichtbegroeide bossen. Ondanks dat hij hevig vervolgd is door de mens en door zijn eigen verwanten, de wolven, heeft de coyote zich toch sterk kunnen vermenigvuldigen. Hij voedt zich vooral met knaagdieren en konijnen en is daardoor eigenlijk nuttig voor de boeren. Verder eet hij slangen en insecten, bessen en gras. Hij haalt zelfs vissen en kikkers uit het water. kikkers
De jonge coyotes worden na een draagtijd van ongeveer 60 dagen geboren. De jongen en het vrouwtje worden de eerste tijd door het mannetje van voedsel voorzien. Wanneer de jongen ongeveer een half jaar oud zijn zoeken ze een eigen territorium.

Externe link


- [http://schmode.net/bears.htm schmode.net/bears.htm Afbeeldingen van (onder andere) coyotes] Categorie:Hondachtige

Noord-Amerika

| |- | |- | |- | |{

Verenigde Staten van Amerika

De Verenigde Staten van Amerika (afgekort als VS, of op zijn Engels als USA of US) zijn een Noord-Amerikaans land, een federatie van 50 staten en het district van Columbia (District of Columbia). Twee staten, Alaska en Hawaï, liggen apart en grenzen niet aan de andere staten. Tot het land behoren ook diverse eilandgebieden in de Caraïbische Zee en de Grote Oceaan. De Verenigde Staten zijn na China en India het grootste land van de wereld in bevolking en na Rusland en Canada het grootste land in oppervlakte. Het wordt aan de noordkant begrensd door Canada en aan de zuidkant door Mexico en het Caraïbisch gebied, en wordt geflankeerd door de Grote Oceaan in het westen, de Atlantische Oceaan in het oosten en de Golf van Mexico in het zuiden. De grens met Rusland loopt tussen het Russische eiland Groot-Diomede en Klein-Diomede, dat in Alaska ligt (de twee eilanden liggen maar enkele kilometers van elkaar verwijderd). Alaska grenst bovendien aan de Arctische Oceaan. Washington D.C. is de hoofdstad en New York is de grootste stad. Tot de afgelegen gebieden van de Verenigde Staten behoren:
- In het Caraïbische Bassin: Puerto Rico (een gemenebest geassocieerd met de Verenigde Staten) en de Amerikaanse Maagdeneilanden (die in 1917 van Denemarken werden gekocht);
- In de Grote Oceaan: Guam (afgestaan door Spanje na de Spaans-Amerikaanse Oorlog), de Noordelijke Marianen (een gemenebest geassocieerd met de Verenigde Staten), Amerikaans-Samoa, Wake Island en verscheidene andere eilanden. De Verenigde Staten hebben ook samenwerkingsovereenkomsten met de republiek van de Marshalleilanden, de republiek Palau en de Federale staten van Micronesië. Onder deze overeenkomsten, die bekend staan als de "Compacts of Free Association", geven de Verenigde Staten deze naties financiële hulp en andere rechten als compensatie voor het gebruik van hun grondgebied voor doeleinden in het belang van de defensie van de Verenigde Staten.

Politieke geografie

Federale staten van Micronesië] De volgende staten maken deel uit van de Verenigde Staten: Alabama - Alaska - Arizona - Arkansas - Californië - Colorado - Connecticut - Delaware - District van Columbia (hoofdstedelijk district) - Florida - Georgia - Hawaï - Idaho - Illinois - Indiana - Iowa - Kansas - Kentucky - Louisiana - Maine - Maryland - Massachusetts - Michigan - Minnesota - Mississippi - Missouri - Montana - Nebraska - Nevada - New Hampshire - New Jersey - New Mexico - New York - North Carolina - North Dakota - Ohio - Oklahoma - Oregon - Pennsylvania - Rhode Island - South Carolina - South Dakota - Tennessee - Texas - Utah - Vermont - Virginia - Washington - West Virginia - Wisconsin - Wyoming Bij de onafhankelijkheidsverklaring in 1776 waren er slechts 13 staten. Voor de achtergrond van de namen, zie: Staten van de Verenigde Staten Alaska is de grootste staat (1.700.578 km²), en Rhode Island de kleinste (4003 km²). Californië heeft de grootste bevolking (33.871.648 in 2000), terwijl Wyoming de minst bevolkte staat is (493.782 in 2000). In de late 20e eeuw ervaarden Nevada, Arizona, Florida, Colorado, Utah, Georgia en Texas het snelste tempo van bevolkingstoename. West Virginia, North Dakota en het District van Colombia hadden te maken met bevolkingsdalingen tijdens dezelfde periode.

Steden

De grootste steden van de VS zijn:
- New York
- Los Angeles
- Chicago
- Houston
- Philadelphia
- Washington D.C. Andere grote steden zijn: Boston, Pittsburgh, Baltimore, Richmond, Virginia Beach, Charlotte, Atlanta, Jacksonville, Tampa, Miami, Cleveland, Columbus, Cincinnati, Detroit, Indianapolis, Milwaukee, Minneapolis, Saint Louis, Nashville, Memphis, New Orleans, Oklahoma City, Dallas, Austin, San Antonio, El Paso, Albuquerque, Denver, Salt Lake City, Phoenix, Tucson, San Diego, Long Beach, Las Vegas, Seattle, Portland, Sacramento, San Francisco, San Jose, Fresno en Honolulu.

Fysieke geografie

Honolulu Het landschap van de Verenigde Staten varieert sterk. Het kan in zeven brede geografische gebieden worden verdeeld. Van van het oosten naar het westen:
- de kustvlakte van de Atlantische Golf;
- de Appalachiaanse Hooglanden;
- de binnenlandse vlaktes;
- de binnenlandse hooglanden;
- het rotsachtige bergsysteem;
- het intermontane gebied; en
- het pacifische bergsysteem. Het terrein van het noorden van de Verenigde Staten werd gevormd door grote continentale ijskap die in Noord-Amerika tijdens de recente Cenozoïsche periode zijn ontstaan. De zuidelijke rand van de ijskap loopt ruwweg in een lijn die in het oosten door Long Island loopt en in het westen langs de rivieren Ohio en Missouri tot de Rocky Mountains. Het land ten noorden van deze lijn was bedekt met ijs. Alaska en de bergen in het noordwesten van Noord-Amerika hadden vroeger uitgebreide berggletsjers en werden zwaar geërodeerd. Great Salt Lake en andere meren in dit gebied zijn restanten van de ijstijd. In het zuidwesten van de Verenigde Staten liggen woestijnen. Dit zijn de heetste en droogste plekken van het land. Langs de pacifische kust heeft het klimaat een mediterraan type (bijvoorbeeld in Zuid-Californië). Dit klimaat gaat geleidelijk over in het maritieme klimaat van de westkust. Het noordwesten is een van de natste delen van de Verenigde Staten en is dicht bebost. Rotsachtige bergen, bijvoorbeeld de Cascades en Sierra Nevada hebben typische hooglandklimaten en zijn ook dicht bebost. Naast de Grand Canyon in Arizona en Great Salt Lake in Utah, zijn er andere natuurwonderen in het land, zoals de Niagara-watervallen op de grens van Canada en de VS; de klippen van het Nationale Park van Canion Bryce, in Utah; en de geisers van Nationaal Park Yellowstone, hoofdzakelijk in Wyoming (voor anderen, zie lijst van parken en reservaten en Werelderfgoed).

Klimaat

De Verenigde Staten hebben een gevarieerd klimaat, variërend van tropisch regenwoud van Hawaï en tropische savanne van Zuid-Florida (Everglades) tot subarctisch en toendraklimaat in Alaska. In het oosten van de honderste meridiaan (de algemene scheidingslijn tussen de droge en vochtige klimaten) is het klimaat vochtig en subtropisch. Het noordoosten van de Verenigde Staten heeft een vochtig, continentaal klimaat. Uitgestrekte bossen worden gevonden in beide gebieden. Ten westen van de honderste meridiaan is er sprake van een steppeklimaat.

Overheid

steppe De Verenigde Staten van Amerika zijn een op de constitutie gebaseerde federale republiek met een sterke democratische traditie. Elke vier jaar worden er presidentsverkiezingen gehouden. De president van de Verenigde Staten wordt, in tegenstelling tot wat veel mensen denken, niet direct gekozen maar door getrapte verkiezingen. Men volgt hierbij een vrij ingewikkeld proces:
- allereerst worden voorverkiezingen gehouden, waarbij de presidentskandidaten van elke partij gekozen moeten worden (er zijn slechts twee partijen van betekenis: de Republikeinen en de Democraten).
- Bij de eigenlijke verkiezingen worden de stemmen geteld per staat. Elke staat heeft een op het inwonertal gebaseerd aantal 'kiesmannen' (in het Huis van Afgevaardigden). Wie in een staat de meeste stemmen krijgt, 'krijgt' in principe ook alle kiesmannen van die staat (het principe van het districtenstelsel). Wie de meeste kiesmannen heeft, wint de verkiezingen en wordt president. Kiesmannen kunnen echter het stemadvies van de burgers naast zich neerleggen. In 1988 stemde bijvoorbeeld een Democratische kiesman niet op Michael Dukakis, de officiële kandidaat, maar op Lloyd Bentsen, de kandidaat voor vice-president. Ook in 1876 en 1888 kreeg de kandidaat met de minste stemmen toch het grootste aantal kiesmannen. Een gekozen president kan maximaal twee periodes dienen (acht jaar). De presidentkandidaten kiezen al voor de verkiezingen hun running mate, de beoogde vice-president, uit. De president van de Verenigde Staten sedert 20 januari 2001 is George W. Bush. Het Congres (U.S. Congress) is de volksvertegenwoordiging en bestaat uit de Senaat en het Huis van Afgevaardigden.

Politieke partijen

De federale en staatsoverheden worden overheerst door twee belangrijke politieke partijen, de Republikeinen en de Democraten. De Republikeinse Partij is conservatiever en de Democratische Partij is progressiever. Verscheidene andere, kleinere partijen bestaan, maar zij hebben zeer weinig inspraak in nationale bolwerken. De politieke partijen in de Verenigde Staten hebben geen formele 'leiders' zoals veel andere landen, hoewel er complexe hiërarchieën binnen de politieke partijen zijn die diverse uitvoerende commissies vormen. De ideologie van de partij blijft zeer individueel gedreven; zo zijn er binnen een partij meestal zowel gematigden als radicalen. De bedrijfsbelangen verlenen het grootste deel van de financiële steun aan beide belangrijke partijen. De Republikeinen ontvangen over het algemeen meer financiering en steunen van commerciële groepen, godsdienstige christenen en Amerikanen op het platteland, terwijl de Democratische partij meer steun van arbeidsvakbonden en etnische minderheidsgroepen ontvangt. Omdat de federale verkiezingen in de Verenigde Staten tot de duurste van de wereld zijn, is de toegang tot fondsen essentieel in het politieke systeem. Aldus spelen bedrijven, vakbonden en andere georganiseerde groepen die fondsen en politieke steun aan partijen verlenen een zeer grote rol in het bepalen van politieke agenda's en overheidsbesluitvorming. Het politieke systeem van Verenigde Staten heeft historisch catch-all-partijen eerder dan coalitieoverheden gesteund.

Buitenlandse relaties

Als gevolg van de grote militaire, economische en culturele invloed van de Verenigde Staten op de wereld buiten de VS besteedt de politiek in de VS veel aandacht aan dit onderwerp. Veel burgers en bedrijven zijn bezorgd over het beeld van de Verenigde Staten in de rest van de wereld, vaak ook omdat het de belangen van de VS kan schaden. Het buitenlandse beleid van de VS is in de geschiedenis meerdere keren veranderd tussen de extremen van isolationisme en imperialisme en alles ertussenin. Als resultaat van de reusachtige politiek als culturele invloed zijn de reacties naar de VS vaak heftig en soms irrationeel. Het varieert van bewondering van alle dingen die 'Amerikaans' zijn tot anti-Amerikanisme. Bewondering van de VS komt vaak voort uit het feit dat veel mensen het als het land van de vrijheid zien. Zij bewonderen het feit dat Verenigde Staten een van de eerste moderne democratieën was en hebben respect voor de American Dream. Voor veel Europeanen komt daar nog dankbaarheid voor de bevrijding van het fascistische juk tijdens de Tweede Wereldoorlog bij. Tegenstanders van het buitenlands beleid van de VS daarentegen vinden dat de VS gedurende hun geschiedenis weinig respect hebben getoond voor de vrijheid en soevereiniteit van veel andere volkeren. Zij wijzen onder andere op de Vietnamoorlog of de Amerikaanse bemoeienissen in Latijns-Amerika. Ook de invasie van Afghanistan en de Irakoorlog worden door tegenstanders als onrechtvaardig geacht. Een extreem voorbeeld van anti-Amerikanisme zijn de woorden die Ayatollah Khomeini over de VS sprak: Grote Satan.

Bevolking

Ayatollah Khomeini Ayatollah Khomeini] Ayatollah Khomeini De Verenigde Staten telden in 2004 293 miljoen inwoners. Meer dan 79% van de bevolking woont in de stad (en meer dan de helft daarvan in voorsteden). Ongeveer 70% van de inwoners is van Europese oorsprong (Census Bureau, 2004), maar dit percentage heeft een dalende trend door uitbreiding van andere groepen door immigratie en geboorten. Volgens de volkstelling van 2000 bestond de grootste groep minderheden uit latino's, die 35.305.818 mensen, 12,5% van de bevolking, vertegenwoordigden. Dit cijfer omvat mensen van Mexicaanse, Puerto Ricaanse en Cubaanse oorsprong. De Afrikaans-Amerikaanse bevolking bedroeg 34.658.190, of 12,3% van de bevolking, hoewel een extra 0,6% van de bevolking van gedeeltelijk Afrikaans-Amerikaanse oorsprong was. De Aziatische bevolking bedroeg 10.242.998 in 2000, of 3,6%, en bestond hoofdzakelijk uit mensen van Chinese, Filipijnse, Indiase, Vietnamese, Koreaanse of Japanse oorsprong. De inheemse Amerikaanse bevolking van de Verenigde Staten, zoals eskimo's in Alaska en Aleuts, had een bevolking van 2.475.956, ofwel 0,9%. Ruwweg een derde van de inheemse Amerikanen leefde in reservaten, vertrouwensland, of ander land onder inheemse Amerikaanse jurisdictie. Er waren 398.835 Hawaïanen en andere pacifische eilandbewoners in 2000. Dat is 0,1% van de bevolking.

Immigratie

Naast de oorspronkelijke groep Britse kolonisten in de talrijke kolonies van de Atlantische kust, werden andere nationale groepen geïntroduceerd door immigratie. De grote aantallen Afrikanen werden vervoerd onder hopeloze omstandigheden ten behoeve van slavenarbeid, met name op de aanplantingen van het Zuiden. Toen de Verenigde Staten regelingen trof met het Westen (waaronder sommige vroegere groepen Franse en Spaanse kolonisten), stroomde de immigranten uit Europa het land binnen. Een belangrijke groep waren de Schotten en Ieren. Vlak voor het midden van de 19e eeuw waren de Ierse en Duitse immigranten overheersend. Na de burgeroorlog kwamen de immigranten hoofdzakelijk uit de naties uit Zuid- en Oost-Europa: Italië, Griekenland, Rusland, het deel van Polen dat toen tot Rusland behoorde, en uit Oostenrijk-Hongarije en de Balkan. Tijdens deze periode kwamen er ook grote aantallen immigranten uit China. Tijdens de piekjaren van immigratie tussen 1890 en 1924 kwamen meer dan 15 miljoen immigranten in de Verenigde Staten aan. Na de immigratiewet van 1924 werd de immigratie zwaar beperkt tot midden de jaren '60. Sinds de jaren '80 zijn er grote aantallen nieuwe immigranten bijgekomen. De cijfers wijzen erop dat het aandeel niet-inheemse mensen 11,1% is (2000), het hoogste percentage sinds de telling van 1930; meer dan 40% meer dan de 31 miljoen buitenlanders in 1990. Meer dan de helft van alle immigranten in de Verenigde Staten komt uit Latijns-Amerika en meer dan een kwart komt uit Azië.

Sociale klassen

In termen van relatieve rijkdom, genieten de meeste ingezetenen van de VS een norm van persoonlijke economische rijkdom die veel groter is dan dat in het grootste deel van de wereld. Bijvoorbeeld, 51 procent van alle huishoudens heeft toegang tot een computer en 67,9 procent van de huishoudens van de VS was eigenhuisbezitter in 2002. Nochtans heerst er ook een aanzienlijke armoede in de Verenigde Staten: 12,1% van de bevolking leeft onder het officiële nationale armoedeniveau. De sociale structuur van de Verenigde Staten is enigszins gelaagd, met een significante klasse van zeer rijke individuen, die vaak onevenredige culturele en politieke invloed hebben. Nochtans is de sociale mobiliteit een bekend concept in Amerika, beschouwd als een deel van de American dream, in zoverre dat zelfs iemand geboren in een achtergestelde familie kan opklimmen tot iemand van de hogere klasse. De coëfficiënt van Gini (die inkomensongelijkheden aangeeft) bedraagt 40,8% en is de op twee na hoogste van alle ontwikkelde naties (na Zuid-Afrika en Mexico).

Godsdienst

Er is godsdienstvrijheid in de Verenigde Staten. De meerderheid van de Amerikanen is christen. Binnen het christendom is de Protestantse Kerk het meest vertegenwoordigd. Ongeveer 55% van alle Amerikanen zijn protestants. Dat komt neer op zo'n 165 miljoen protestanten (census 2005). Echter binnen de Verenigde Staten zijn er vele verschillende stromingen binnen de protestantse gemeenschap die geen hechte eenheid vormen zoals dat bij de katholieken het geval is. 65 miljoen inwoners zijn Rooms-katholiek (2005). De Oosters-orthodoxe Kerk wordt ook vertegenwoordigd echter hun aandeel is miniem. Bovendien hangen ruwweg 1,5% (2005) van Amerikanen het jodendom aan, en 0,6% (2005) is moslim (census 2005). Het boeddisme wordt door 0,5% (2005) als geloof aangehangen.

Onderwijs

Het onderwijs in de Verenigde Staten wordt voornamelijk beheerd door de afzonderlijke staten. Elk van de 50 staten heeft een kosteloos openbaar schoolsysteem (public school system). Er zijn ook meer dan 3500 instellingen van hoger onderwijs, gesteund door de individuele staten. Het openbare schoolsysteem is gebaseerd op 13 jaar onderwijs voor iedere leerling, beginnend met Kindergarten voor vijfjarigen, en eindigend met de twaalfde klas, waarna leerlingen hun High school diploma behalen. Daarom wordt het systeem ook wel "K through 12", of kortweg "K12", genoemd. Meestal doorlopen kinderen achtereenvolgens drie verschillende scholen: elementary school, middle school (in sommige staten junior high school genoemd) en highschool. Als men hierna nog een opleiding wil volgen komt men vaak uit in een zogenoemde College. Dit duurt 2,5 jaar. Hierna kan men eventueel nog een Universitaire studie volgen.

Cultuur

Kindergarten De Amerikaanse cultuur heeft een grote invloed op de rest van de wereld, vooral de westerse wereld. Deze invloed wordt soms bekritiseerd als cultureel imperialisme. De muziek van de VS wordt gehoord over de hele wereld en het is de vader van muziekvormen zoals blues en jazz. Vele grote westelijke klassieke musici en forums zijn gevestigd in de stad New York, een hub voor internationale opera en instrumentale muziek evenals het wereldberoemde theater Broadway voor musicals. New York en San Francisco zijn wereldwijd leiders in grafisch ontwerp en New York en Los Angeles concurreren met belangrijke Europese steden in de mode-industrie. De films uit de VS (hoofdzakelijk opgenomen in Hollywood) en televisieprogramma's kunnen bijna overal worden gezien. Het Amerikaanse fast-foodprincipe is overal ter wereld neergestreken. Dit is in grimmig contrast met de vroege dagen van de republiek, toen het land door Europeanen als landbouwland werd gezien. Verdere typische Amerikaanse cultuursymbolen is de appeltaart, de honkbalknuppel, de Amerikaanse vlag die bij sommige huizen 365 dagen per jaar wappert en de fastfoodketens als McDonald's, Burger King, Kentucky Fried Chicken en Wendy's. Wendy's

Vervoer

Om het grote gebied te verbinden, beschikken de Verenigde Staten over een groot netwerk van infrastructuur, waarvan het Interstate Highway System een belangrijk aspect is. Amerikanen zijn sterk afhankelijk van de automobiel voor vervoer over korte and middellange afstand. Met enkele uitzonderingen (bij voorbeeld New York City, San Francisco) is het openbaar vervoer onvoldoende om een alternatief te bieden. Steden zoals Los Angeles zijn volledig op de auto georiënteerd. Voor afstanden over 500 km wordt meestal de voorkeur gegeven aan het vliegtuig als vervoermiddel. Er is ook een transcontinentaal spoorwegsysteem dat voor het vervoeren van vracht wordt gebruikt, hoewel Amtrak een succesrijke snelle passagiersverbinding onderhoudt van Boston, via New York City naar Washington D.C. (North East Corridor). Deze treinverbinding kan concurreren met vlieg- en autoverbindingen omdat de trein direct van stadscentrum naar stadscentrum rijdt.

Geschiedenis

Washington D.C. :Hoofdartikel: Geschiedenis van de Verenigde Staten van Amerika Het gebied, dat nu ingenomen wordt door het continentale deel van de Verenigde Staten, werd oorspronkelijk bewoond door talrijke inheemse Amerikaanse volken en werd gekoloniseerd vanaf de 16e eeuw door Spanje, Frankrijk, Nederland en Engeland. Als resultaat van de Franse en Indiaanse oorlog (1754 - 1763) nam Groot-Brittannië de Franse koloniën in Noord-Amerika over (het oostelijk deel van Canada en delen van het huidige Illinois en Ohio). Daarmee kwam het grootste deel van de oostkust onder Britse controle. De kolonisten hadden de bescherming van het moederland tegen de Fransen niet langer nodig, en begonnen zich te verzetten tegen de Britse belastingheffing. De originele dertien koloniën verklaarden hun onafhankelijkheid van Groot-Brittannië in 1776 en vormden een overheid die een nieuwe grondwet opstelde die na 1789 effectief werd. De natie begon spoedig zich westelijk uit te breiden. De groeiende spanningen over de kwestie van de zwarte slavernij verdeelden het land volgens geografische lijnen. Er volgde een burgeroorlog (1861-1865). De rest van de 19e eeuw werd gekenmerkt door verhoogde westelijke uitbreiding, industrialisatie, en de toevloed van miljoenen immigranten. In de 20e eeuw namen de Verenigde Staten deel aan beide Wereldoorlogen. Daarbij vielen vele slachtoffers. Na de Tweede Wereldoorlog, waar de Verenigde Staten in terecht kwamen na de Japanse aanval op Pearl Harbor in 1941, werden de Verenigde Staten een wereldmacht.

Economie

De Verenigde Staten zijn rijk aan delfstoffen. De Verenigde Staten bezitten ongeveer 20% van de kolen, 13% van de aardolie, en 24% van het aardgas reserves in de wereld. De olie wordt voornamelijk gewonnen aan de Golf van Mexico, en in de staten Alaska en Texas. Vanwege de grote grondoppervlakte en het gunstige klimaat is landbouw altijd erg belangrijk geweest voor de Verenigde Staten. De Verenigde Staten zijn marktleider in de productie van kaas, graan, sojabonen en tabak. Andere belangrijke landbouwproducten zijn rundvee, varkens, koemelk, boter, katoen, haver, tarwe, gerst en suiker; het is de belangrijke exporteur van de wereld van tarwe en graan en derde van de wereld in de rijstuitvoer. In 1995 was de visserij van de VS vijfde in de wereld in totale productie. Tegenwoordig werkt nog maar 3% van de beroepsbevolking in de landbouw. Dankzij moderniseringen is de productie echter nog steeds hoog. Ook vanuit de bosbouw worden veel producten geëxporteerd. Hoewel het land in het verleden vrijwel zelfvoorzienend was, blijft de stijgende consumptie, vooral van energie, het van bepaalde invoer afhankelijk maken. Het is, niettemin, de grootste producent van de wereld van zowel elektro als kernenergie. Het leidt alle naties in de productie van vloeibaar aardgas, aluminium, zwavel, fosfaten en zout. Het is ook een belangrijke producent van koper, goud, steenkool, ruwe olie, stikstof, ijzererts, zilver, uranium, lood, zink, mica, molybdeen en magnesium. Hoewel de output is gedaald, zijn de Verenigde Staten wereldleiders in de productie van ruwijzer en ferrolegeringen, staal, motorvoertuigen en synthetisch rubber. De belangrijkste exportproducten van de VS zijn motorvoertuigen, vliegtuigen, voedsel, ijzer en staalproducten, elektronische apparatuur, industriële en energie-genererende machines, chemische producten en consumptiegoederen. Belangrijke invoerproducten zijn onder andere ertsen en metaalschroot, aardolie en aardolieproducten, machines, vervoersapparatuur (vooral auto's) en kantoorproducten. De belangrijkste handelspartners van de VS zijn Canada (de grootste tweezijdige handelsverhouding van de wereld), Mexico, Japan, het Verenigd Koninkrijk, Zuid-Korea en Duitsland. Het volume van de handel is gestaag gestegen. Het bruto binnenlands product is blijven toenemen en vandaag de dag bedraagt het $11750 miljard dollar (11,75 biljoen), met afstand het grootste van de wereld. De ontwikkeling van de economie is aangespoord door de groei van een complex communicatienetwerk. Dit bestaat niet alleen uit spoorwegen, wegen, binnenwateren en luchtvaart maar ook telefoon, radio, televisie, computer (waaronder internet) en de faxmachine. Deze infrastructuur heeft niet alleen de landbouw bevorderd en productiegroei verhoogd. maar ook bijgedragen aan de toerismeinkomsten en de verschuiving naar een op diensten gebaseerde economie. In 1996 werkte ongeveer 74% van Amerikanen in de dienstensector. Onder landen met een ontwikkelde economie is dit bijna het hoogste percentage, slechts Canada heeft percentueel een grotere dienstensector. De Verenigde Staten hebben al met al een werelddomineerende economie, en het gemiddeld inkomen per persoon is hoog. Dit betekent niet dat iedereen een hoog inkomen heeft. De rijkdom is namelijk onevenwichtig verdeeld. 1% van de bevolking bezit meer rijkdom dan 90% van de rest van de bevolking bij elkaar. En deze kloof lijkt groter te worden: bij de 25% armen daalde het inkomen tussen 1979 en 1995 met 9%, terwijl dat van de rijkste 25% met maar liefst 26% steeg. Er is een groot verschil in de economische status van blank en zwart. Een blank gezin bezit gemiddeld tien keer zoveel als een zwart gezin. De Verenigde Staten Het tekort op de begroting van de Amerikaanse regering is in het eind september afgelopen boekjaar 2005 teruggelopen met 94 miljard dollar tot 319 miljard dollar (265,33 miljard euro. In een toelichting op de publicatie van het tekort zei Snow: "Lagere belastingen en een beleid dat de economie stimuleert, hebben tot miljoenen nieuwe banen en een groei van de economie geleid. Daardoor namen de belastinginkomsten toe." Hij voegde eraan toe dat hij verwacht dat de VS het tekort tegen 2009 gehalveerd hebben. Het begrotingstekort van 319 miljard dollar valt lager uit dan het recordtekort van vorig jaar. Het tekort van 2005 is nog wel het op twee na grootste in de Amerikaanse geschiedenis. Toch is het gemelde tekort enigszins misleidend. In het bedrag is niet de 60 miljard dollar aan noodhulp opgenomen die de Amerikaanse regering heeft toegewezen voor herstelwerkzaamheden na de orkaan Katrina.

Defensie

internet De strijdkrachten van de Verenigde Staten van Amerika bestaan uit:
- De Landmacht van de Verenigde Staten (US Army)
- De Marine van de Verenigde Staten (US Navy)
- De Luchtmacht van de Verenigde Staten (US Air Force)
- Het Korps Mariniers van de Verenigde Staten (US Marine Corps)
- De Kustwacht van de Verenigde Staten (US Coast Guard) De US Coast Guard is formeel geen onderdeel van de strijdkrachten, maar ressorteert onder het Ministerie van Verkeer. In tijd van oorlog wordt de kustwacht echter onder controle van de marine geplaatst. De kustwacht kent wel een min of meer militaire hiërarchie en haar schepen zijn bewapend. De dagelijkse leiding is in handen van de minister van defensie (Secretary of Defense) en een plaatsvervangend minister (Deputy Secretary of Defense). Zij worden bijgestaan door een aantal assistent-ministers (Assistent Secretary of Defense) voor materieelzaken, personeelaangelegenheden, financiën enz. De overkoepelende organisatie is het Department of Defense (DoD). Daaronder vallen drie departementen voor de afzonderlijke krijgsmachtdelen: Department of the Navy, Department of the Air Force en het Department of the Army. Elk wordt geleid door een minister (Secretary) en een onder-minster (Under Secretary). Zowel de marine als het Korps Mariniers vallen onder het Department of the Navy. De gecombineerde bewapende krachten van de Verenigde Staten bestaan uit 1,4 miljoen actieve dienstnemers plus honderdduizenden in de reserves en de National Guard. De dienstplicht is na de Vietnam-oorlog afgeschaft. De defensie van de Verenigde Staten is een hiërarchische organisatie, met een systeem van militaire rangen om niveaus van gezag binnen de organisatie aan te duiden. De legerdienst is verdeeld in een professioneel ambtenarenkorps samen met een groter aantal aangeworven personeel dat de militaire handelingen van dag tot dag uitvoert. In tegenstelling tot bepaalde andere landen, wordt het de ambtenarenkorps van Verenigde Staten niet beperkt door de maatschappijklasse of onderwijs. Het leger van de VS handhaaft een aantal militaire toekenningen en onderscheidingen om de kwalificaties en de verwezenlijkingen van militair personeel aan te duiden. Op 26 juli 1948 ondertekende de Amerikaanse president Harry Truman de Executive Order 9981 die raciaal de scheiding ophief tussen de militairen van de Verenigde Staten. Homoseksuelen wordt het echter nog niet toegelaten om openlijk te dienen in het leger.

Symboliek

Executive Order 9981 De vlag van de Verenigde Staten, de Star-Spangled Banner of stars and stripes, bestaat uit 13 strepen en 50 sterren op een blauw vlak. De 13 strepen staan voor de oorspronkelijke 13 koloniën. De sterren staan voor de huidige 50 staten. Het wit in de vlag staat voor de waarheid, het rood voor moed en het blauw voor gerechtigheid. Voor de vlaggen van de deelstaten, zie Vlaggen van de Verenigde Staten. Er zijn meerdere ontwerpen geweest voordat de vlag die vandaag de dag wordt gebruikt het licht zag. Zo was er een ontwerp dat de sterren en strepen 'andersom' had, dus 13 kleine streepjes linksboven en een groot blauw vak met sterren, en een vermeerdering van het aantal strepen met elke staat die er bij kwam. Het huidige ontwerp werd in 1795 goedgekeurd door het congres. In 1813 gaf het Congres de opdracht aan vlaggenmaakster Mary Pickersgill voor het maken van de eerste officiële "Star-Spangled Banner", de vlag van 10 bij 14 meter die moest gaan wapperen boven fort McHenry. Het was deze vlag die amateurdichter Francis Scott Key inspireerde tot het schrijven van het gelijknamige volkslied. Het grootzegel, waarop de Amerikaanse zeearend is afgebeeld, dateert uit 1782. Het wordt nog steeds 2000 tot 3000 keer per jaar gebruikt om officiële documenten te verzegelen.

Nationale Feestdagen

De individuele staten bepalen wat de officiële feestdagen zijn voor hun staat. Al zijn de openbare instellingen op die dagen meestal gesloten, volgen bedrijven niet altijd de aanbeveling van de staat en werken gewoon door.
- New Year's Day, 1 januari
- Martin Luther King Day, derde maandag in januari
- President's Day, derde maandag in februari
- Memorial Day, laatste maandag in mei
- Independence Day, 4 juli
- Labor Day, eerste maandag van september
- Columbus Day, tweede maandag in oktober (alleen gevierd in staten met een grotere Italiaanse bevolking)
- Election Day, eerste dinsdag in november
- Veterans Day, 11 november
- Thanksgivings Day, vierde donderdag in november
- Christmas Day, 25 december De belangrijkste feestdagen, waarop bijna alle bedrijven gesloten zijn, zijn: New Year's Day, Memorial Day, Independence Day, Labor Day, Thanksgivings Day, en Christmas Day.

Overige informatie


- Affilliaties: APEC, NAFTA, NAVO, OSA.
- Monumenten op de Werelderfgoedlijst
- Lijst van de hoogste gebouwen van de Verenigde Staten

Externe links


- [http://www.firstgov.gov Officiële website van de overheid van Verenigde Staten (Engelstalig)] - Gateway naar regeringssites.
- [http://www.whitehouse.gov Witte Huis (Engelstalig)]
- [http://usinfo.state.gov/usa/infousa/facts/factover/homepage.htm Portret van de VS (Engelstalig)] - dat door het Agentschap van Informatie van de Verenigde Staten in september 1997 werd gepubliceerd.
- [http://nationalatlas.gov/ Nationale Atlas (Engelstalig)]
- [http://www.cia.gov/cia/publications/factbook/geos/us.html CIA World Factbook - VS (Engelstalig)] Categorie:NAVO Categorie:Land Categorie:Verenigde Staten als:USA ja:アメリカ合衆国 ko:미국 ms:Amerika Syarikat simple:United States th:สหรัฐอเมริกา zh-min-nan:Bí-kok

Mexico (land)

| |- | |{{{

Hawaï

Hawaï (Engels: Hawaii, Hawaïaans: Hawai‘i) is de vijftigste staat van de Verenigde Staten van Amerika. De hoofdstad is Honolulu. Het telt 1.211.537 inwoners (2000).

Eilanden

De staat bestaat uit 137 vulkanische eilanden (waarvan de meeste klein en onbewoond) in het midden van de Stille Oceaan. Er zijn 8 grote eilanden, van west naar oost:
- Ni'ihau
- Kaua'i
- O'ahu
- Molokai
- Lanai
- Kaho'olawe
- Maui
- Hawai'i

Geologie

De eilanden zijn van vulkanische oorsprong: Ze liggen op een zogenaamde hotspot, waar magma vanuit het binnenste van de aarde als lava naar buiten komt. Omdat de aardkorst ten opzichte van de hot spot beweegt, ontstond er zo een rij van eilanden van west naar oost, waarbij de oudste, dode vulkanen in het westen liggen en de jongste, actieve in het oosten. Momenteel zijn de vulkanen Kilauea en Mauna Loa op het grootste eiland Hawaii nog steeds zeker actief, mogelijk is ook Mauna Kea nog actief. Kilauea, in het Volcanoes National Park, heeft bijna continue uitbarstingen die door toeristen goed bezocht kunnen worden. Mauna Loa heeft ongeveer elke 20 jaar een nieuwe uitbarsting, voor Mauna Kea wordt een uitbarsting elke 4000 jaar niet uitgesloten. Nog 30km verder naar het oosten, ver onder de zeeoppervlakte werkt een nieuwe vulkaan Loihi aan de opbouw van een nieuw eiland dat over 10,000 jaar boven het zeeniveau uit zal komen. Mauna Kea (witte berg) is de hoogste berg in de wereld gezien van voet tot top: Ze rijst 9000 meter uit boven de zeebodem, en 4207 meter boven zeeniveau. Mauna Loa (lange berg) is de zwaarste berg in de wereld: ze is slechts enkele meters lager dan Mauna Kea, maar heeft een bredere basis. De berg Haleakala (huis van de zon), vulkaan op Maui, is bij toeristen bijzonder geliefd. Het is eenvoudig om in een gehuurde auto de 55km weg naar de top te volgen. Helemaal bovenop de berg is een parkeerplaats. Veel toeristen gaan naar de top van Haleakala om de zonsopgang of zonsondergang daar te bewonderen. Dit is een bijzonder spectaculaire ervaring, niet in het minst omdat vanaf die positie precies op de top van de berg helemaal rond kan worden gekeken en aan alle kanten de Grote Oceaan te zien is.

Klimaat

Het weer in Hawaii is vrij wel constant en er zijn ook weinig temperatuur verschillen. In Hawaii onderscheidt men twee seizoenen, de zomer en de winter. De zomer begint in mei en eindigt in oktober en wordt ook het kau genoemd. De winter begint in november en eindigt in april. Dat seizoen wordt ook het Ho'oilo genoemd. De dag temperaturen in de zomer zijn rond 29,4 °C. In de winter is de temperatuur 25,6 °C. De temperatuur in de nacht bedraagt gemiddeld 19,4 °C en 15,6 °C.

Cultuur

Hoewel de oorspronkelijke bevolking nu een minderheid in eigen land is, is er toch van hun vrolijke en vriendelijke Aloha-geest nog veel te bespeuren. De prachtige omgeving en het heerlijke klimaat nodigt mensen uit het leven vooral van een positieve kant te bekijken. Een aantal oude Hawaïaanse gewoontes die door de toeristenindustrie gretig zijn overgenomen zijn de luau en de lei.

Geschiedenis

lei Hawaï wordt sinds ca. 400 bewoond door Polynesiërs, waarschijnlijk uit de buurt van Tahiti. Deze waren bijzonder goede zeevaarders, en spraken een Polynesische taal, het Hawaïaans. Het Hawaiiaanse alfabet kent slechts 8 medeklinkers, en de taal klinkt daardoor heel snel herkenbaar. Hoewel wordt aangenomen dat de eilanden mogelijk door de Spanjaarden reeds in 16e eeuw gezien zijn, is James Cook de officiële Europese 'ontdekker' van de eilanden, die hij de Sandwich Islands doopte. Onder invloed van de contacten met de Europeanen verenigde koning Kamehameha I alle voordien vaak onderling vijandige eilanden tot één koninkrijk. De Hawaïaanse koningen voerden een politiek van gastvrijheid voor vreemdelingen, waar zij echter bijvoorbeeld de Engelsen tegen de Amerikanen uitspeelden. Zo wist het eilandrijk ondanks zijn strategische ligging als onafhankelijke staat het grootste deel van de 19e eeuw door te komen. In 1893 pleegden een aantal Amerikaanse suikerplanters een staatsgreep, plaatsten koningin Liliuokalani onder arrest en openden de deur voor Amerikaanse inlijving later dat jaar. De aanval op Pearl Harbor (op het eiland O'ahu) op 7 december 1941 door het keizerlijke leger van Japan had als gevolg dat de Verenigde Staten zich ook gingen mengen in de Tweede Wereldoorlog. Het gebied bleef een Amerikaans Territorium tot 1959. Tegen die tijd was de oorspronkelijke bevolking een kleine minderheid in eigen land geworden en besloot de bevolking een staat van de Unie te worden, hetgeen gebeurde op 21 augustus van dat jaar. Slechts één van de eilanden heeft nog een geheel autochtoon karakter, Niihau, dat in zijn geheel privé bezit is en niet voor buitenstaanders toegankelijk tenzij op uitnodiging.

Externe links


- [http://www.theusa.nl/staten/11_hawaii.htm Hawaii Aloha state] Categorie:Staat van de VS ja:ハワイ州 ko:하와이 주 simple:Hawaii th:มลรัฐฮาวาย zh-min-nan:Hawai‘i

Argentinië

| |- | |- | |{{{{

Categorie:Hert

Categorie:Evenhoevige nb:Kategori:Hjortedyr

Catégorie:Scène de film culte

Scènes mémorables du cinéma mondial, devenues des scènes cultes. Le plus souvent elles se trouvent elles-même dans des films cultes. Catégorie:Film culte

sitemap.html Barcellona hotel bwin Sklep Zoologiczny hoteles amsterdam










































:: RELATED NEWS ::
Hypotetisk deduktion
Hypotetisk deduktion är en bevismodell (vetenskaplig metod) som används inom vetenskapen. Hypotetisk deduktion går ut på att man för att lösa ett problem formulerar flera alternativa hypoteser (eller premisser, kvalificerade gissningar) och sedan försöke
Deduktion
Deduktion är ett filosofiskt förfaringssätt för att härleda slutsatser från premisser. Utifrån ett antal premisser deducerar man en slutsats, exempel: "från A och B följer C". Deduktionen säger således ingenting om huruvida de ingående premisserna är sanna eller inte, bara att de kan sammankopplas till slutsatser. Det filosofiska begreppet deduktion är synonymt med matematikens
Signifikansnivå
Signifikansnivå är ett begrepp inom hypotesprövning inom ramen för statistik. Signifikansnivån är storleken på sannolikheten för utfall i det kritiska området trots att nollhypotesen är sann. Den kan också kallas felrisk. Man betecknar ofta signifikansnivån med den grekiska
Utfall
Ett utfall är ett begrepp inom sannolikhetsteorin, och betecknar resultatet av ett slumpmässigt försök. En samling utfall kallas för en händelse. Mängden av alla möjliga utfall i ett visst försök (el dyl) kallas utfallsrum. Se även:
- Sannolikhetsteori risken eller chansen att olika händelser skall inträffa. Exempel: :"Det är inte så sannolikt att AIK skall gå upp i Elitserien i ishockey igen." :"Det blir sannolikt så att jag börjar plugga i Uppsala till hösten. Som man kan se är detta uttryck för san
Nollhypotes
En nollhypotes är ett begrepp inom hypotesprövning inom ramen för statistik. Nollhypotesen är ett antagande (dvs en hypotes) som man genom hypotesprövningen vill testa. Nollhypotesen uttrycks ofta som en fördelning med en eller flera okända parametrar. Om man bara har en parameter brukar den betecknas med den matematisk statistik och används där inom såväl punktskattning, intervallskattning och hypotesprövning. Ett stickprov är antal "smakprov" på en stokastisk variabel definierad på ett visst utfallsrum. Exempel: 18
Stokastisk variabel
En stokastisk variabel är en slumpfunktion definierad på ett visst utfallsrum. Ordet variabel är illa valt, eftersom den stokastiska variabeln i själva verket är en funktion. En stokastisk variabel med utfallsrummet Ω kan anta alla värden i utfallsrummet enligt en viss sannolikhetsfördelning som anger hur sannolika de olika <
Utfallsrum
Utfallsrummet är ett begrepp inom sannolikhetsteorin och betecknar där mängden av alla möjliga utfall i ett visst slumpmässigt försök. Utfallsrummet kan vara diskret eller kontinuerligt. Diskreta utfallsrum innehåller ett uppräkneligt eller
Distribution
I matematisk analys är distributioner en sorts generaliserade funktioner. Begreppet används ofta om sannolikhetsfördelningar. Det är en utökning av begreppet derivata till alla kontinuerliga funktioner och används för att formulera generaliserade lösningar till partiella differentialekvationer. Distributio
All Rights Reserved 2005 wikimiki.org