Home About us Products Services Contact us Bookmark
:: wikimiki.org ::
Thomomys Bottae Ruidosae

Thomomys bottae ruidosae

Thomomys bottae ruidosae is een knaagdier dat voorkomt in zuidwestelijk Noord-Amerika. Dit dier is een ondersoort van de valleigoffer (Thomomys bottae). Hij is oorspronkelijk beschreven door Hall (1932). De typelocatie, de plaats waar het exemplaar vandaan komt op basis waarvan de ondersoort oorspronkelijk is beschreven, ligt in Lincoln County (Nieuw-Mexico).

Literatuur


- Hall, E.R. 1932. Three new pocket gophers from New Mexico and Arizona. Proceedings of the Biological Society of Washington 45:95–98. Categorie:Goffer

Knaagdieren

De orde knaagdieren (Rodentia) is een bijzonder succesvolle en soortenrijke tak van de zoogdieren (Mammalia). Ze komen voor op alle continenten. Sommige knaagdieren zijn de mens maar al te bekend zoals de huismuis en de zwarte en bruine rat. Deze dieren hebben zich uitstekend bij de mens aangepast en zijn een ware plaag geworden.

Anatomie

Knaagdieren worden gekenmerkt door hun bijzondere gebit. Zij bezitten vier grote, op beitels gelijkende, snijtanden, twee in de bovenkaak en twee daar tegenover in de onderkaak. Deze tanden hebben aan de voorkant een harde emaille-laag en groeien levenslang door. Doordat de tanden tijdens het knagen over elkaar heen worden bewogen slijten ze af en blijven ze tegelijkertijd scherp.

Habitat en leefwijze

De meeste knaagdieren zijn hoofdzakelijk in de nacht of in de schemering actief, maar toch zijn er ook overdag veel soorten aan te treffen. Knaagdieren leven alleen of in groepen, die bij de naakte molrat wel uit meer dan 100 dieren kunnen bestaan. De naakte molrat en Coetomys damarensis zijn de enige twee zoogdieren waarvan bekend is dat ze eusociaal zijn. Soorten die in koude gebieden leven, zoals slaapmuizen, houden in de winter een winterslaap. Andere soorten, zoals de rode eekhoorn legt een voedselvoorraad zodat in de winter voldoende voedsel aanwezig is. Er zijn ook knaagdieren die 's winters naar warmere oorden trekken, bijvoorbeeld de lemming.

Taxonomie

De taxonomische positie van de knaagdieren binnen de placentadieren is lang onduidelijk geweest. Het gezaghebbende werk van McKenna & Bell (1997) plaatste hen in de groep Anagalida, die naast de knaagdieren ook de haasachtigen (Lagomorpha), de springspitsmuizen (Macroscelidea) en de fossiele Anagaloidea omvatte. Die groep was verwant aan de Archonta, die onder andere de primaten en vleermuizen omvatte. Verschillende recente DNA-onderzoeken gaven echter te zien dat de springspitsmuizen niet zozeer verwant zijn aan de knaagdieren, als wel aan een groep Afrikaanse zoogdieren, de Afrotheria. De verwantschap tussen de Archonta en de Glires bleef bestaan, hoewel de vleermuizen naar de Laurasiatheria werden verplaatst. Ook werd de naam van de Archonta gewijzigd in Euarchonta. De Euarchonta en Glires vormen samen de Euarchontoglires, één van de vier of vijf hoofdgroepen binnen de placentadieren die de moleculaire onderzoeken lieten zien. De knaagdieren zijn dus vrij nauw verwant aan mensen. Dit is goed nieuws voor onderzoekers die muizen en ratten gebruiken voor farmaceutisch onderzoek, omdat de biochemische verschillen in het algemeen des te kleiner zijn naarmate de desbetreffende soorten meer aan elkaar verwant zijn. Er zijn verschillende indelingen waarin de knaagdieren kunnen worden onderverdeeld. Een belangrijk onderscheidend kenmerk is de bouw van de kaakspieren:
- Bij het "cavia-type" (Hystricomorpha) reikt de onderste kauwspier (musculus masseter inferior) tot voor de ogen en is de slaapspier (musculus temporalis) klein.
  - Tot dit type behoren de families Laotiaanse rotsrat, rietratten, Afrikaanse rotsratten, Bathyergidae, stekelvarkens van de Oude Wereld, stekelvarkens van de Nieuwe Wereld, wolmuizen, chinchillaratten, stekelratten, schijnratten, kamratten, hutia's, beverratten, agoeti's en acouchi's, paca's, pacarana's, cavia-achtigen, kamvingers en springhazen.
- Bij het "eekhoorn-type" (Sciuromorpha) is de slaapspier klein en reikt de onderste kauwspier tot ver achter de ogen. De bovenste kauwspier (musculus masseter superior) reikt echter tot voor de ogen.
  - Tot dit type behoren de families stompstaarteekhoorns, eekhoorns, bevers, stekelstaarteekhoorns en slaapmuizen.
- Bij het "muis-type" (Myomorpha) is de slaapspier groot en reikt de onderste kauwspier tot voor de ogen. Ook de bovenste kauwspier reikt ver naar voren.
  - Tot dit type behoren de families goffers, wangzakmuizen, jerboa's, slingermuizen, Spalacidae, dwergslaapmuizen, muishamsters, Nesomyidae, Muridae en Cricetidae. Een ander belangrijk kenmerk is het punt waar de spier op de onderste kaak vastzit. Bij de Sciurognathi zit deze kaak vast aan een stuk van de kaak in lijn met de rest van die kaak, terwijl hij bij Hystricognathi iets naar binnen zit. Over het algemeen zijn de hystricomorphe soorten ook hystricognath, terwijl de myomorphe en sciuromorphe vormen sciurognath zijn. Twee families, de springhazen (Pedetidae) en de kamvingers (Ctenodactylidae), zijn echter hystricomorph maar sciurognath. Bij de springhazen, die meestal met de stekelstaarteekhoorns tot de Anomaluromorpha worden gerekend, is dit waarschijnlijk een voorbeeld van convergente evolutie, maar de kamvingers en hun fossiele verwanten, de Sciuravida, worden vaak beschouwd als verwanten van de Hystricognathi. De Hystricognathi-Sciuravida-groep wordt Entodacrya of Ctenohystricha genoemd. De Hystricognathi wordt vaak ingedeeld in de Phiomorpha uit de Oude Wereld en de Caviomorpha of Caviida uit de Nieuwe Wereld, maar waarschijnlijk is de Phiomorpha geen natuurlijke groep. Ook sommige Caviomorpha worden in sommige fylogenetische analyses buiten de "hoofdgroep" geplaatst. Hieronder zijn twee veelgebruikte indelingen uiteengezet. Op Wikipedia wordt echter de volgende indeling gebruikt, waarin ook fossielen zijn opgenomen:
- Familie Eurymylidae
- Familie Alagomyidae
- Familie Laredomyidae
- Familie Youmyidae
- Familie Diatomyidae
- Onderorde Hystricomorpha
  - Infraorde Sciuravida
    - Familie Ivanantoniidae
    - Familie Sciuravidae
    - Familie Chapattimyidae
    - Familie Cylindrodontidae
    - Familie Kamvingers (Ctenodactylidae)
  - Infraorde Hystricognathi
    - Familie Laotiaanse rotsrat (Laonastidae)
    - Familie Diamantomyidae
    - Familie Myophiomyidae
    - Familie Phiomyidae
    - Familie Kenyamyidae
    - Familie Stekelvarkens van de Oude Wereld (Hystricidae)
    - Familie Bathyergidae
    - Superfamilie Thryonomyoidea
      - Familie Afrikaanse rotsratten (Petromuridae)
      - Familie Rietratten (Thryonomyidae)
    - Parvorde Caviomorpha
      - Familie Stekelvarkens van de Nieuwe Wereld (Erethizontidae)
      - Superfamilie Chinchilla-achtigen (Chinchilloidea)
      -
- Familie Wolmuizen (Chinchillidae)
      -
- Familie Chinchillaratten (Abrocomidae)
      -
- Familie Neoepiblemidae
      - Superfamilie Octodontoidea
      -
- Familie Acaremyidae
      -
- Familie Schijnratten (Octodontidae)
      -
- Familie Kamratten (Ctenomyidae)
      -
- Familie Stekelratten (Echimyidae)
      -
- Familie Reuzenhutia's (Heptaxodontidae)
      -
- Familie Hutia's (Capromyidae)
      -
- Familie Beverratten (Myocastoridae)
      - Superfamilie Cavioidea
      -
- Familie Eocardiidae
      -
- Familie Cavia's (Caviidae)
      -
- Familie Pacarana's (Dinomyidae)
      -
- Familie Cephalomyidae
      -
- Familie Agouti's en acouchi's (Dasyproctidae)
- Familie Theridomyidae
- Onderorde Anomaluromorpha
  - Superfamilie Anomaluroidea
    - Familie Zegdoumyidae
    - Familie Stekelstaarteekhoorns (Anomaluridae)
  - Superfamilie Pedetoidea
    - Familie Springhazen (Pedetidae)
- Onderorde Sciuromorpha
  - Infraorde Protrogomorpha
    - Superfamilie Ischyromyoidea
      - Familie Ischyromyidae
    - Superfamilie Aplodontioidea
      - Familie Allomyidae
      - Familie Mylagaulidae
      - Familie Stompstaarteekhoorns (Aplodontiidae)
  - Infraorde Sciurida
    - Familie Reithroparamyidae
    - Familie Eekhoorns (Sciuridae)
  - Infraorde Gliromorpha
    - Familie Slaapmuizen (Gliridae)
  - Infraorde Castorimorpha
    - Familie Eutypomyidae
    - Familie Rhizospalacidae
    - Familie Beverachtigen (Castoridae)
- Onderorde Myomorpha
  - Familie Protoptychidae
  - Superfamilie Geomyoidea
    - Familie Eomyidae
    - Familie Heliscomyidae
    - Familie Mojavemyidae
    - Familie Goffers (Geomyidae)
    - Familie Wangzakmuizen (Heteromyidae)
  - Superfamilie Dipodoidea
    - Familie Armintomyidae
    - Familie Jerboa's (Dipodidae)
    - Familie Slingermuizen (Zapodidae)
  - Superfamilie Muroidea
    - Familie Anomalomyidae
    - Familie Simimyidae
    - Familie Spalacidae
    - Familie Dwergslaapmuizen (Platacanthomyidae)
    - Klade Eumuroida
      - Familie Muishamsters (Calomyscidae)
      - Familie Nesomyidae
      - Familie Muridae
      - Familie Cricetidae Merk op dat konijnen en hazen niet tot de orde van knaagdieren behoren. Ze behoren tot de orde van haasachtigen (Lagomorpha), hoewel ze wel vrij nauw aan de knaagdieren verwant zijn. Spitsmuizen behoren eveneens niet tot de orde van de knaagdieren, maar tot de orde der mollen en spitsmuizen (Soricomorpha).

Zie ook


- Indeling van de knaagdieren
- Lijst van zoogdieren Image:Degu-Rudi.jpg|Degoe (Octodon degus) Image:Gerbil_engels.JPG|Mongoolse gerbil (Meriones unguiculatus) Image:Henry Vilas Zoo IMG 2385.jpg|Gewoon stekelvarken (Hystrix cristata) ja:ネズミ目 ko:설치류


Noord-Amerika

| |- | |- | |- | |{

Valleigoffer


De valleigoffer (Thomomys bottae) (ook wel Botta's goffer) is een goffer die voorkomt van Oregon in het noorden tot Coahuila, Chihuahua, Nuevo Leon, Sinaloa, Sonora en Baja California in het zuiden. Hij is fossiel bekend vanaf 103000 jaar geleden. Hij is genoemd naar Paolo Emilio Botta, een 19e-eeuwse Italiaanse bioloog. Het aantal chromosomen varieert tussen 74 en 88, maar 76 komt het meeste voor.

Beschrijving

Ze zijn ongeveer zo groot als een rat en hebben korte, meestal naakte staarten, kleine ogen en oren en lange voorpoten met verlengde klauwen. De kleur varieert van lichtgrijs tot zwart. De grote voortanden steken voor de lippen uit, zodat het dier kan graven zonder zijn mond vol aarde te krijgen. De valleigoffer heeft wangzakken.

Ondersoorten

De valleigoffer heeft het hoogste aantal ondersoorten van alle levende zoogdieren, namelijk 195. Dat komt doordat ze allemaal in verschillende valleien leven, die door bergen van elkaar worden afgesneden, zodat de ondersoorten nauwelijks contact hebben en zich onafhankelijk ontwikkelen. Het werkelijke aantal ondersoorten ligt echter mogelijk veel lager. Bij een studie van Thomomys umbrinus, een vergelijkbare soort, werd het aantal ondersoorten in een bepaalde regio enorm gereduceerd, van acht naar twee.

Leefwijze

Deze goffer heeft een fossorische (gravende) leefstijl en eet allerlei verschillende planten. Ze blijven in hun holen om te eten en trekken soms een complete plant onder de grond. 's Nachts foerageren ze bovengronds. Ze krijgen water uit de planten die ze eten. 's Winters graven ze tunnels door de sneeuw, die ze bekleden met aarde. Ze komen veel voor op grotere hoogtes. Dassen en coyotes jagen op goffers door hun holen uit te graven, terwijl wezels en slangen ze ondergronds opeten. Ze worden ook bejaagd door stinkdieren, uilen, lynxen en haviken.

Habitat

Goffers leven overal waar ze eten kunnen vinden en waar goede grond is om in te graven, van de woestijn tot de bergen. Ze zijn het hele jaar actief. Tunnelsystemen zijn soms meer dan 120 m lang. Één goffer verplaatst jaarlijks zo'n 1130 kg grond, zoals door een studie in Utah is aangetoond. Ze maken zeer gecompliceerde systemen met allerlei verschillende soorten holen, tot 3 meter diep. Ze gebruiken hun voorpoten, klauwen en soms hun tanden voor het graven. De overtollige aarde wordt naar buiten geschoven. Goffers zijn solitair, territoriaal en agressief, behalve tijdens de paartijd in de lente. De polygame mannetjes gaan waarschijnlijk op zoek naar vrouwtjes. 19 dagen later worden één tot 7 jongen geboren, die aan het eind van de zomer onafhankelijk worden. Vrouwtjes kunnen in één jaar meerdere nesten krijgen. Categorie:Goffer

Typelocatie

De typelocatie (Engels: type locality) van een bepaalde plant of een bepaald dier is de plaats waar het type-exemplaar vandaan komt. Het is een referentiepunt dat aangeeft waar een bepaald taxon in ieder geval voorkomt. Categorie:Taxonomie

Nieuw-Mexico

New Mexico (Nederlands: Nieuw-Mexico) is een van de Staten van de Verenigde Staten. De hoofdstad van New Mexico is Santa Fe. De standaardafkorting voor de staat, die als bijnaam Land of Enchantment heeft ("Land van Verwondering"), is NM.

Geschiedenis

Voor de komst van de Europeanen bevolkten alleen Indianenstammen als de Navajo en Apache het gebied. Rond 1540 trok de Spaanse conquistador Francisco de Coronado door het gebied, tevergeefs op zoek naar grote hoeveelheden goud. Zijn expeditie trok zich twee jaar later terug naar Mexico. In 1595 werd de provincie Santa Fe de Nuevo México gesticht en drie jaar later begon Juan de Oñate met de kolonisatie van het gebied. In 1610 werd de stad Santa Fe gesticht. Na de onafhankelijkheid van Mexico in 1821 werd New Mexico onderdeel van dat land. In 1848 stond Mexico na een oorlog met de Verenigde Staten een groot gebied af, waaronder het grootste deel van het huidige New Mexico. In 1853 werd nog een relatief klein stuk aangekocht (de zogeheten Gadsden-aankoop). Op 6 januari 1912 werd New Mexico, als 47ste, formeel een staat van de Verenigde Staten.

Geografie

New Mexico heeft een oppervlakte van 315.194 km². De gemiddelde hoogte is 1735 m boven zeeniveau; het hoogste punt is Wheeler Peak (4011 m), onderdeel van de Rocky Mountains, die New Mexico van noord naar zuid doorkruisen. De belangrijkste rivier is de Rio Grande. New Mexico grenst aan het land Mexico en aan de staten Texas, Oklahoma, Arizona, Colorado en Utah. Het punt waar de grenzen met de laatste drie kruisen heet Four Corners. New Mexico ligt in de Mountain-tijdzone. De staat beschikt over veel natuurschoon, zoals de druipsteengrotten bij Carlsbad en het witte zand van White Sands.

Demografie en economie

New Mexico telde in 2000 1.819.046 inwoners (6 per km²), van wie zo'n 40 % een Spaanse of Latijns-Amerikaanse achtergrond had. De grootste stad is Albuquerque. In de staat liggen ook uitgestrekte Indianenreservaten. Grote delen van de staat worden voor diverse doeleinden door het Amerikaanse leger gebruikt. Tijdens de Tweede Wereldoorlog werd in Los Alamos de atoombom ontwikkeld. Het bruto product van de staat bedroeg in 1999 51 miljard dollar.

Historische gebeurtenissen


- 1877-1878: Lincoln County War, met onder meer Billy the Kid
- Tweede Wereldoorlog: Ontwikkeling van de atoombom
- juli 1947: Roswell-incident - neerstorten van iets dat volgens sommigen een buitenaards ruimteschip geweest is

Externe link

[http://www.state.nm.us Officiële site van de staat] Categorie:Staat van de VS ja:ニューメキシコ州 ko:뉴멕시코 주

Paris Texas

:This article is about the city in Northeast Texas. For other meanings see: Paris, Texas (disambiguation). ---- Paris is a city located 98 miles (158 km) northeast of Dallas in Lamar County, Texas situated in East Texas, specifically Northeast Texas, at the western edge of the Piney Woods. Physiographically, these regions are part of the [http://tapestry.usgs.gov/physiogr/physio.html West Gulf Coastal Plain]. In 1900, 9,358 people lived in Paris, Texas; in 1910, 11,269; in 1920, 15,040; and in 1940, 18,678. As of the 2000 census, the population of the city is 25,898. It is the county seat of Lamar County, Texas. FIPS code 55080 : Location: 33.66664 N, 95.54762 W : Population (1990): 24699 (11191 housing units) : Area: 70.4 km² (land), 4.3 km² (water) : Zip code(s): 75460, 75461, 75462 The city inspired the title of the movie Paris, Texas, although none of its scenes are actually set in Paris, Texas and no scenes were shot there. Recognizing its connection to Paris, France, the city celebrates Bastille Day every July 14. It has been called the "Second Largest Paris in the World," and to this end even has a duplicate of the Eiffel Tower, which is now capped by a giant red cowboy hat. The current tower is at least the second Eiffel tower built in Paris. The first was constructed of wood, but was destroyed by a tornado. It is governed by a city council as specified in the city's charter adopted in 1948. It has fewer than 100 police officers, and fewer than 100 fire fighters. It is not in an earthquake zone, as evidenced by its rating as a Risk Zone 1 which is the lowest rating in earthquake potential.

Historic

The first recorded settlement in the vicinity was in 1826, and settlements were known to be in the area as early as 1824. The town was founded by merchant George W. Wright, who donated fifty acres of land in February 1844, when the community was also designated the county seat by the voters. It was incorporated by the Congress of the Republic of Texas on February 3, 1845. The community, originally known as Pinhook, was named for Paris, France, by one of Wright's employees, Thomas Poteet. Paris was on the Central National Road of the Republic of Texas, which ran from San Antonio north through Paris to cross the Red River. By the eve of the Civil War, when it had 700 residents, Paris had become a cattle and farming center. It is the site of the first municipally owned and operated abattoir in America. Lamar County, Texas was one of the few Texas counties that voted against secession, though many of its inhabitants later served in the Confederacy. In 1877 and 1916, major fires forced the city to rebuild. Paris has long been a railroad center. The Texas and Pacific reached town in 1876; the Gulf, Colorado and Santa Fe (later merged into the Atchison, Topeka and Santa Fe Railway) and the St. Louis - San Francisco Railway] in 1887; the Texas Midland (later Southern Pacific) in 1893; and the Paris and Mount Pleasant (Pa-Ma Line) in 1910. Paris Junior College was established in 1924. In 1990 it was one of the oldest junior colleges in Texas; at that time the main campus had twenty buildings, including a new $1.1 million physical education center, and the college offered both technical and academic instruction. Its jewelry technologies department, now known as The Texas Institute of Jewelry Technology at Paris Junior College, is internationally recognized. From 1942-45, the U.S. Army operated Camp Maxey, 10 miles north of Paris. The camp served as an infantry-training camp. Named in honor of Samuel Bell Maxey. It was activated on July 15, 1942 and deactivated October 1, 1945. It also served as an internment center for many German Prisoners of War. On April 2, 1982, Paris was hit by an F4 tornado that destroyed more than 1,500 homes, left ten people dead, 170 injured and 3,000 homeless. The damage toll from this tornado is estimated at 50 million USD in 1982 dollars. Named "Best Small Town in Texas" in 1998 by Kevin Heubusch in his book The New Rating Guide to Life in America's Small Cities.

Geography and Weather

Paris is located at 33°39'45" North, 95°32'52" West (33.662508, -95.547692). According to the U.S. Census Bureau, the city has a total area of 115.0 km² (44.4 mi²). 110.7 km² (42.8 mi²) of it is land and 4.3 km² (1.7 mi²) of it is water. The total area is 3.74% water. Paris is located in "Tornado Alley", an area largely centered on the middle of the United States which sees tornados frequently. Paris is located in USDA plant hardiness zone 7b for winter temperatures. This is cooler than its southern neighbor Dallas, Texas, and while similar to Atlanta, Georgia, its warmer summertime temperatures must be accounted for as well. Summertime average highs reach 94 and 95 degrees Fahrenheit in July and August, with associated lows of 72 and 71. Winter temps drop to an average high of 51 and low of 30 in January. The highest temperature on record was 115, set in August of 1836, and the record low was -5 set in 1930. Average precipitation is 47.82 inches. Snow is not unusual, but is by no means predictable, and years can pass with no snowfall at all.

Demographics

As of the census of 2000, there are 25,898 people, 10,570 households, and 6,711 families residing in the city. The population density is 233.9/km² (605.7/mi²). There are 11,777 housing units at an average density of 106.4/km² (275.5/mi²). The racial makeup of the city is 72.92% White, 22.26% African American, 0.95% Native American, 0.66% Asian, 0.03% Pacific Islander, 1.56% from other races, and 1.63% from two or more races. 4.12% of the population are Hispanic or Latino of any race. There are 10,570 households out of which 29.4% have children under the age of 18 living with them, 42.7% are married couples living together, 17.0% have a female householder with no husband present, and 36.5% are non-families. 32.5% of all households are made up of individuals and 15.2% have someone living alone who is 65 years of age or older. The average household size is 2.35 and the average family size is 2.97. In the city the population is spread out with 25.4% under the age of 18, 10.0% from 18 to 24, 25.8% from 25 to 44, 20.9% from 45 to 64, and 18.0% who are 65 years of age or older. The median age is 36 years. For every 100 females there are 86.1 males. For every 100 females age 18 and over, there are 80.6 males. The median income for a household in the city is $27,438, and the median income for a family is $34,916. Males have a median income of $29,378 versus $20,080 for females. The per capita income for the city is $17,137. 20.6% of the population and 16.5% of families are below the poverty line. Out of the total population, 29.0% of those under the age of 18 and 15.9% of those 65 and older are living below the poverty line.

Economic

In the past, Paris was a major cotton exchange, and while cotton is still farmed on the lands around Paris, it is no longer the economic force that it once was. Paris has two major hospitals, Paris Regional Medical Center South (formerly St. Joseph's Hospital) and Paris Regional Medical Center on the Loop (formerly McCuistion Regional Medical Center), and serves as center for healthcare for much of Northeast Texas and Southeast Oklahoma. Both are now operated jointly under the name of the [http://www.parisrmc.com/ Paris Regional Health Center], a division of Essent Healthcare. The health network is the largest employer in the Paris area. Beyond healthcare, the largest employers are Kimberly-Clark, Campbell's Soup, Sara Lee Bakery, and Philips Lighting.

Education


- [http://www.parisisd.net The Paris Independent School District] comprises eight campuses and provides primary and secondary education for the city. Portions of the city are served by the North Lamar Independent School District (north side) and the Chisum Independent School District (south side).
- [http://www.parisjc.edu Paris Junior College] provides post-secondary education, and hosts the Texas Institute of Jewelry Technology, a well-respected school of gemology, horology, and jewelry.

Attractions


- [http://www.tpwd.state.tx.us/fishboat/fish/recreational/lakes/pat_mayse/ Pat Mayse Lake]
- [http://www.tpwd.state.tx.us/fishboat/fish/recreational/lakes/crook/ Lake Crook]
- [http://www.beaversbend.com/ Beaver's Bend Resort Park (Oklahoma)]
- Evergreen Cemetery - Located on the south side of town, there are over 18,000 people interred; it is the home of the infamous 12-foot tall "Jesus with cowboy boots" statue and grave marker.
- [http://www.maxeyhouse.com/ Sam Bell Maxey House] - Maxey was a Confederate General.
- Culbertson Fountain
- Bywaters Park
- [http://www.castlebury.net/daylilies.htm Pine Branch Daylily Farm] - Breeding and selling of over 1000 registered varieties.

Famous Parisians

The town has been home to
- Samuel Bell Maxey - a Major General for the Confederacy in the Civil War and later represented Texas in the U.S. Senate.
- John S. Chisum - served as a county clerk in Lamar County
- A. M. Aikin, Jr. - a Democratic State Senator who served in the Texas legislature for forty-six years.
- Gene Stallings - football coach; college (University of Alabama, Texas A&M University), pro (Dallas Cowboys, Denver Broncos, St. Louis Cardinals)
- William Johnson McDonald - Banker, initial donor for the University of Texas at Austin's McDonald Observatory
- General John P. Jumper - Chief of Staff of the Air Force from 2001 to 2005
- Admiral James Richardson - US Navy

External links


- http://www.cityofparistx.com/
- http://www.paristexas.com/
- http://www.theparisnews.com
- [http://www.tsha.utexas.edu/handbook/online/articles/view/PP/hdp1.html Handbook of Texas Online] entry Category:Cities in Texas Category:Lamar County, Texas

heavy metal xsongs.info praca apartments in Nice backup software download










































:: RELATED NEWS ::
Svear-család
A Svear királyságról először 500 körül tesznek említést, amikor Uppland körül, a Mälaren-tó északi részén, megalakul az első svéd királyság. Ennek leszármazottjai egészen 1060-ig uralkodtak. A család ismertebb tagjai:
- Idős Björn
- Erik Segersäll (Erik a Győzedelmes) <

Szeptember 17
Névnapok: Zsófia, Ariadna, Ariadné, Arianna, Arienn, Galamb, Hildegárd, Ildikó, Kolomba, hamburgi származású volt, aki I. Konrád német király misszionáriusaként a skandináv népeket igyekezett kereszténnyé tenni. 934-ben Dániában és Norvégiában, majd 936-ban Svédország akkori fővárosában, Unni püspök Birkában próbálja a svédeket a keresztény vallásra téríteni
- január 3. - VII. Leó pápa megválasztása
- augusztus 8. - Aachenben német királlyá koroná

Június 1
Névnapok: Tünde, Angéla, Fortunát, Gracián, Graciána, Graciella, Hortenzia, Júnó,
Június 3
Névnapok: Klotild, Bercel, Berec, Cecília, Cecilián, Célia, Cicelle, Cilla, Heliodor,
All Rights Reserved 2005 wikimiki.org