:: wikimiki.org ::
| Steenpatrijs |
Steenpatrijs
De Europese steenpatrijs (Alectoris graeca) is een vogel uit de familie van fazanten (Phasianidae). Een volwassen exemplaar is 30 tot 35 centimeter groot. Ze leven op rotsgronden en tussen bomen. Vaak bevinden ze zich op grote hoogte. Ze lijken veel op de rode patrijs, maar leven in een ander gebied (zie onder).
Mannetjes en vrouwtjes lijken erg veel op elkaar, in tegenstelling tot bijvoorbeeld de gewone fazant. Ze hebben rode poten, een witte vlek op de keel met daaromheen een zwarte band. Voor de rest zijn ze blauwachtig grijs.
Europese steenpatrijzen komen voor in Italië, Griekenland en het voormalige Joegoslavië.
Zie ook
- Rode patrijs
- Patrijs
- Pauw
- Kwartel
- Gewone fazant
Categorie:Hoen
Vogels
|
|-
|
|{{{
Fazanten
Fazantachtigen (Phasianidae) behoren tot de kleurrijkste soorten vogels.
Soorten
- Familie: Phasianidae
- Geslacht: Afropavo
- Kongo-pauw (Afropavo congensis)
- Geslacht: Alectoris
- Barbarijnse patrijs (Alectoris barbara)
- Aziatische steenpatrijs (Alectoris chukar)
- Steenpatrijs (Alectoris graeca)
- Chinese steenpatrijs (Alectoris magna)
- Arabische steenpatrijs (Alectoris melanocephala)
- Philby's steenpatrijs (Alectoris philbyi)
- Rode patrijs (Alectoris rufa)
- Geslacht: Ammoperdix
- Perzische woestijnpatrijs (Ammoperdix griseogularis)
- Arabische woestijnpatrijs (Ammoperdix heyi)
- Geslacht: Anurophasis
- Nieuwguinese bergpatrijs (Anurophasis monorthonyx)
- Geslacht: Arborophila
- Hainanbospatrijs (Arborophila ardens)
- Witwangbospatrijs (Arborophila atrogularis)
- Bruinborstbospatrijs (Arborophila brunneopectus)
- Cambodjaanse bospatrijs (Arborophila cambodiana)
- Charltons bospatrijs (Arborophila charltonii)
- Groenpootbospatrijs (Arborophila chloropus)
- Taiwanbospatrijs (Arborophila crudigularis)
- Davids bospatrijs (Arborophila davidi)
- Rickets bospatrijs (Arborophila gingica)
- Borneo-bospatrijs (Arborophila hyperythra)
- Javaanse bospatrijs (Arborophila javanica)
- Roodborstbospatrijs (Arborophila mandellii)
- Geelpootbospatrijs (Arborophila merlini)
- Sumatraanse bospatrijs (Arborophila orientalis)
- Roodsnavelbospatrijs (Arborophila rubrirostris)
- Boultons boskwartel (Arborophila rufipectus)
- Roodkeelboskwartel (Arborophila rufogularis)
- Boskwartel (Arborophila torqueola)
- Geslacht: Argusianus
- Argusfazant (Argusianus argus)
- Geslacht: Bambusicola
- Bamboe-patrijs (Bambusicola fytchii)
- Chinese bamboe-patrijs (Bambusicola thoracica)
- Geslacht: Callipepla
- Californische kuifkwartel (Callipepla californica)
- Sierlijke kwartel (Callipepla douglasii)
- Helmkwartel (Callipepla gambelii)
- Geschubde kwartel (Callipepla squamata)
- Geslacht: Caloperdix
- Gevlekte bospatrijs (Caloperdix oculea)
- Geslacht: Catreus
- Wallichs fazant (Catreus wallichii)
- Geslacht: Chrysolophus
- Lady amherstfazant (Chrysolophus amherstiae)
- Goudfazant (Chrysolophus pictus)
- Geslacht: Colinus
- Kuifbobwhite (Colinus cristatus)
- Zwartkeelbobwhite (Colinus nigrogularis)
- Bobwhite (Colinus virginianus)
- Geslacht: Coturnix
- Bruine kwartel (Coturnix australis)
- Chinese dwergkwartel (Coturnix chinensis)
- Regenkwartel (Coturnix coromandelica)
- Kwartel (Coturnix coturnix)
- Harlekijnkwartel (Coturnix delegorguei)
- Japanse kwartel (Coturnix japonica)
- Stoppelveldkwartel (Coturnix pectoralis)
- Tasmaanse bruine kwartel (Coturnix ypsilophora)
- Geslacht: Crossoptilon
- Blauwe oorfazant (Crossoptilon auritum)
- Witte oorfazant (Crossoptilon crossoptilon)
- Bruine oorfazant (Crossoptilon mantchuricum)
- Geslacht: Cyrtonyx
- Montezuma-kwartel (Cyrtonyx montezumae)
- Gevlekte bergkwartel (Cyrtonyx ocellatus)
- Salles bergkwartel (Cyrtonyx sallei)
- Geslacht: Dactylortyx
- Zangkwartel (Dactylortyx thoracicus)
- Geslacht: Dendrortyx
- Grijskeelbospatrijs (Dendrortyx barbatus)
- Witkeelbospatrijs (Dendrortyx leucophrys)
- Mexicaanse bospatrijs (Dendrortyx macroura)
- Geslacht: Falcipennis
- Bossneeuwhoen (Falcipennis canadensis)
- Geslacht: Francolinus
- Roodsnavelfrankolijn (Francolinus adspersus)
- Roodkeelfrankolijn (Francolinus afer)
- Grijsvleugelfrankolijn (Francolinus africanus)
- Ahanta-frankolijn (Francolinus ahantensis)
- Witkeelfrankolijn (Francolinus albogularis)
- Barbarijnse frankolijn (Francolinus bicalcaratus)
- Kameroenfrankolijn (Francolinus camerunensis)
- Kaapse frankolijn (Francolinus capensis)
- Roestkopfrankolijn (Francolinus castaneicollis)
- Clappertons frankolijn (Francolinus clappertoni)
- Coqui-frankolijn (Francolinus coqui)
- Erckels frankolijn (Francolinus erckelii)
- Finsch' frankolijn (Francolinus finschi)
- Zwarte frankolijn (Francolinus francolinus)
- Grants frankolijn (Francolinus griseostriatus)
- Moerasfrankolijn (Francolinus gularis)
- Hartlaubs frankolijn (Francolinus hartlaubi)
- Harwoods frankolijn (Francolinus harwoodi)
- Hildebrands frankolijn (Francolinus hildebrandti)
- Geelsnavelfrankolijn (Francolinus icterorhynchus)
- Jacksons frankolijn (Francolinus jacksoni)
- Lathams frankolijn (Francolinus lathami)
- Geelkeelfrankolijn (Francolinus leucoscepus)
- Roodvleugelfrankolijn (Francolinus levaillantii)
- Archers frankolijn (Francolinus levaillantoides)
- Nahans frankolijn (Francolinus nahani)
- Natalfrankolijn (Francolinus natalensis)
- Bamboe-frankolijn (Francolinus nobilis)
- Djibouti-frankolijn (Francolinus ochropectus)
- Bonte frankolijn (Francolinus pictus)
- Chinese frankolijn (Francolinus pintadeanus)
- Grijze frankolijn (Francolinus pondicerianus)
- Hooglandfrankolijn (Francolinus psilolaemus)
- Grijshalsfrankolijn (Francolinus rufopictus)
- Schlegels frankolijn (Francolinus schlegelii)
- Kuiffrankolijn (Francolinus sephaena)
- Shelley's frankolijn (Francolinus shelleyi)
- Geschubde frankolijn (Francolinus squamatus)
- Kraagfrankolijn (Francolinus streptophorus)
- Swainsons frankolijn (Francolinus swainsonii)
- Swierstra's frankolijn (Francolinus swierstrai)
- Geslacht: Galloperdix
- Ceylondwergfazant (Galloperdix bicalcarata)
- Pareldwergfazant (Galloperdix lunulata)
- Rode dwergfazant (Galloperdix spadicea)
- Geslacht: Gallus
- Bankiva-hoen (Gallus gallus)
- Ceylonhoen (Gallus lafayettii)
- Sonnerathoen (Gallus sonneratii)
- Vorkstaarthoen (Gallus varius)
- Geslacht: Haematortyx
- Roodkopbospatrijs (Haematortyx sanguiniceps)
- Geslacht: Ithaginis
- Bloedfazant (Ithaginis cruentus)
- Geslacht: Lerwa
- Sneeuwpatrijs (Lerwa lerwa)
- Geslacht: Lophophorus
- Himalaja-glansfazant (Lophophorus impeyanus)
- Chinese glansfazant (Lophophorus lhuysii)
- Witstaartglansfazant (Lophophorus sclateri)
- Geslacht: Lophura
- Bulwers fazant (Lophura bulweri)
- Kuifloze prelaatfazant (Lophura diardi)
- Edwards fazant (Lophura edwardsi)
- Vuurrugfazant (Lophura erythrophthalma)
- Vo quy's fazant (Lophura haitensis)
- Gekuifde vuurrugfazant (Lophura ignita)
- Keizerfazant (Lophura imperialis)
- Salvadori's fazant (Lophura inornata)
- Nepalfazant (Lophura leucomelanos)
- Zilverfasant (Lophura nycthemera)
- Swinhoe's fazant (Lophura swinhoii)
- Geslacht: Margaroperdix
- Madagaskarpatrijs (Margaroperdix madagarensis)
- Geslacht: Melanoperdix
- Zwarte bospatrijs (Melanoperdix nigra)
- Geslacht: Odontophorus
- Zwartmaskertandkwartel (Odontophorus atrifrons)
- Vlekbuiktandkwartel (Odontophorus balliviani)
- Tandkwartel (Odontophorus capueira)
- Venuzuela-tandkwartel (Odontophorus colombianus)
- Zwartkeeltandkwartel (Odontophorus dialeucos)
- Bruinmaskertandkwartel (Odontophorus erythrops)
- Gemarmerde tandkwartel (Odontophorus gujanensis)
- Gevlekte tandkwartel (Odontophorus guttatus)
- Witoortandkwartel (Odontophorus hyperythrus)
- Zwartborsttandkwartel (Odontophorus leucolaemus)
- Zwartrugtandkwartel (Odontophorus melanonotus)
- Bruinborsttandkwartel (Odontophorus speciosus)
- Stippelborsttandkwartel (Odontophorus stellatus)
- Witkeeltandkwartel (Odontophorus strophium)
- Geslacht: Ophrysia
- Himalaja-kwartel (Ophrysia superciliosa)
- Geslacht: Oreortyx
- Bergkwartel (Oreortyx pictus)
- Geslacht: Pavo
- Blauwe pauw (Pavo cristatus)
- Groene pauw (Pavo muticus)
- Geslacht: Perdicula
- Madrasdwergpatrijs (Perdicula argoondah)
- Frankolijnkwartel (Perdicula asiatica)
- Bonte dwergpatrijs (Perdicula erythrorhyncha)
- Manipurdwergpatrijs (Perdicula manipurensis)
- Geslacht: Perdix
- Baardpatrijs (Perdix dauuricae)
- Tibetaanse patrijs (Perdix hodgsoniae)
- Patrijs (Perdix perdix)
- Geslacht: Phasianus
- Gewone fazant (Phasianus colchicus)
- Groene fazant (Phasianus versicolor)
- Geslacht: Philortyx
- Bandkwartel (Philortyx fasciatus)
- Geslacht: Polyplectron
- Spiegelpauw (Polyplectron bicalcaratum)
- Sumatraanse pauwfazant (Polyplectron chalcurum)
- Palawanspiegelpauw (Polyplectron emphanum)
- Germains pauwfazant (Polyplectron germaini)
- Rotschilds pauwfazant (Polyplectron inopinatum)
- Maleise spiegelpauw (Polyplectron malacense)
- Geslacht: Ptilopachus
- Rotspatrijs (Ptilopachus petrosus)
- Geslacht: Pucrasia
- Koklasfazant (Pucrasia macrolopha)
- Geslacht: Rheinartia
- Gekuifde argusfazant (Rheinartia ocellata)
- Geslacht: Rhizothera
- Indische bospatrijs (Rhizothera longirostris)
- Geslacht: Rhynchortyx
- Langpootkwartel (Rhynchortyx cinctus)
- Geslacht: Rollulus
- Roelroel (Rollulus roulroul)
- Geslacht: Syrmaticus
- Eliots fazant (Syrmaticus ellioti)
- Hume's fazant (Syrmaticus humiae)
- Mikado-fazant (Syrmaticus mikado)
- Koningsfazant (Syrmaticus reevesii)
- Koperfazant (Syrmaticus soemmerringi)
- Geslacht: Tetraogallus
- Altai-berghoen (Tetraogallus altaicus)
- Kaspisch berghoen (Tetraogallus caspius)
- Kaukasisch berghoen (Tetraogallus caucasicus)
- Himalaya-berghoen (Tetraogallus himalayensis)
- Tibetaans berghoen (Tetraogallus tibetanus)
- Geslacht: Tetraophasis
- Tibetaans wigstaarthoen (Tetraophasis obscurus)
- Roodkeelwigstaarthoen (Tetraophasis szechenyii)
- Geslacht: Tragopan
- Blyths tragopan (Tragopan blythii)
- Cabots saterhoen (Tragopan caboti)
- Zwartkapsaterhoen (Tragopan melanocephalus)
- Rood saterhoen (Tragopan satyra)
- Temmincks saterhoen (Tragopan temminckii)
Externe links
- http://www.nhdb.nl
- http://www.geocities.com/sierfazanten/fotoalbum.html
- http://www.aviornis.nl
Categorie:Hoen
ja:キジ科 (Sibley)
Rode patrijs
De rode patrijs (Alectoris rufa) is een vogel uit de familie van fazanten (Phasianidae). Een volwassen exemplaar is 30 tot 35 centimeter groot. Ze broeden in heidevelden, in open terreinen, droge heuvelhellingen en vaak op een steenachtige of rotsige grond. Ze lijken op de Europese steenpatrijs, maar leven in andere landen.
Het uiterlijk van de rode patrijs is gelijk aan dat van de Europese steenpatrijs, maar dan met zwarte streepjes onder de kropband.
Rode patrijzen leven op het Iberisch schiereiland, de zuidelijke helft van Frankrijk en Zuid-Engeland.
Zie ook
- Europese steenpatrijs
- Patrijs
- Pauw
- Kwartel
- Gewone fazant
Categorie:Hoen
Gewone fazant
De (gewone) fazant (Phasianus colchicus) is een vogel uit de familie van fazanten (Phasianidae). Een volwassen mannetje is 80 tot 90 centimeter groot. Het vrouwtje is kleiner: ongeveer 60 cm. Gewone fazanten zijn aan te treffen in het open veld, vooral in de winter.
Het kleurpatroon is bij mannetjes variabel. Zo hebben sommige een witte halsring, terwijl andere dat niet hebben. Het mannetje heeft een zeer lange staart, een groene kop en een rode oogvlek. Het vrouwtje is bruin gevlekt en heeft een lange puntige staart.
Gewone fazanten zijn in Europa zeer algemeen. Alleen in Portugal, Noorwegen en Finland komen ze niet voor. In de rest van het continent zijn ze het hele jaar door aanwezig.
De fazant als exoot
De fazant is hier waarschijnlijk ingevoerd door de Romeinen. Vanaf de koloniale tijd zijn andere soorten fazanten aangevoerd die met de bestaande populatie zijn gekruisd. De fazant wordt daarom ook wel beschouwd als exoot.
Zie ook
- Pauw
- Kwartel
- Europese steenpatrijs
- Rode patrijs
- Patrijs
Image:Phasianus_colchicus_3_tom_(Marek_Szczepanek).jpg
Image:Phasianus_colchicus_1_(Marek_Szczepanek).jpg|
Image:Phasianus_colchicus_2_hen_(Marek_Szczepanek).jpg
Image:Phasianus_colchicus_4_tom_(Marek_Szczepanek).jpg|
Image:Phasianus_colchicus.jpg
Image:Common Pheasant (Hybride).jpg
Categorie:Hoen
Categorie:Exoot in de Benelux
Categorie:Europese exoot in Noord-Amerika
Griekenland
Griekenland (Grieks: Ελλάδα = Elláda) is een land in Zuid-Europa, bestaande uit het zuidelijkste deel van het Balkanschiereiland en een groot aantal eilanden. Deze eilanden vormen samen ongeveer 20% van het landoppervlak.
Griekenland grenst in het noorden (van west naar oost) aan Albanië, Macedonië, Bulgarije en Turkije. Voor het overige is het vasteland van Griekenland omgeven door de Middellandse Zee (in het zuiden), de Ionische Zee (in het westen) en de Egeïsche Zee (in het oosten). De grootste eilanden zijn Kreta, Evia, Lesbos en Rodos.
Griekenland is sinds 1981 lid van de Europese Unie.
Naam
De formele naam van Griekenland in het Grieks is Ελλάς (Ellás), wat internationaal vaak vervormd wordt tot Hellas. Deze naam wordt door sommige Grieken ook in andere talen geprefereerd (‘Welcome to Hellas!’) en Grieken noemen zich ook wel Hellenen.
Het Nederlandse woord Griekenland, alsmede verwante namen in veel andere talen, komt van het Latijnse Magnia Graeca, waarmee de Romeinen aanvankelijk het door Grieken gekoloniseerde deel van Zuid-Italië en later de volledige door Grieken bewoonde wereld aanduidden. Overigens komt dit woord op haar beurt wel weer uit het Griekse Γραικός (Graikós) voort, volgens Aristoteles een oude naam voor het Griekse volk.
Kerngegevens
left
- Omtrek landgrenzen: 1210 km (Bulgarije 494 km, Albanië 292 km, Macedonië 228 km, Turkije 206 km)
- Kustlijn: 14.880 km
- Grootste rivieren: Álfios, Axios, Evros, Nestos, Strymon.
- Grootste meer: Prespameer (gedeeltelijk buiten Griekenland gelegen)
- Hoogste punt: Olympus 2917 m.
- Officiële naam: Griekse (of: Helleense) Republiek (Ελληνική Δημοκρατία = Ellinikí Dimokratia)
- President: Karolos Papoulias (sinds 12 maart 2005)
- Regeringsleider: Kóstas Karamanlís
- Parlement: één kamer: Kamer van Afgevaardigden (Vouli ton Ellinon) van 300 zetels met een termijn van 4 jaar
- Bestuurlijke indeling: 13 provincies (periferies), onderverdeeld in 51 prefecturen. De monnikenstaat Athos heeft een autonome status.
- Munteenheid vóór 2002: Drachme. Zie ook: Griekse euromunten
- Onafhankelijkheid van het Ottomaanse Rijk op 25 maart 1821 en erkenning in 1828
Belangrijke plaatsen op het Griekse vasteland
- Athene (de hoofdstad)
- Dafní
- Delphi
- Ioannina
- Kavala
- Kanaal van Korinthe - Korinthe
- Larissa
- Patras
- Piraeus
- Thessaloniki
Eilanden
zie ook Lijst van Griekse eilanden
In de wateren die het Griekse vasteland omgeven liggen ongeveer 1700 eilanden die ook tot Griekenland behoren:
Egina – Chios – Evia – Ikaria – Kreta (Kriti) – Korfoe (Kerkyra) – Kos – Lesbos (Lesvos) – Naxos – Mykonos – Paros – Rodos – Samos – Zante (Zakynthos)
e.a.
De meeste eilanden worden gegroepeerd in archipels: de voornaamste zijn de Ionische eilanden, de Sporaden, de Cycladen en de Dodekanesos.
Bestuurlijke indeling
Dodekanesos]]
Griekenland is onderverdeeld is 13 regio's (peripheries), die weer onderverdeeld zijn in 51 departementen (nomí). De departementen zijn weer onderverdeeld in 147 kleinere bestuursgebieden, zogenaamde eparchies, die weer onderverdeeld zijn in in totaal 1.033 gemeenten: 900 stedelijke gemeenten (demoi) en 133 landelijke (koinotetes).
De regio's met hun nomi zijn:
Geschiedenis
: Hoofdartikel: Geschiedenis van Griekenland
Tot 1000 v. Chr. werd Griekenland geregeerd door vele verschillende leiders van diverse afkomst. Het gebied groeide uit tot een mengsel van onafhankelijke stadsstaten, waarvan velen kolonies in het Middellandse-Zeegebied vestigden. De klassieke Griekse cultuur, die rond Athene wordt gecentreerd, bereikte zijn hoogtepunt in de vijfde eeuw voor Christus alvorens het werd veroverd door Philippus II van Macedonië in 338 v. Chr. Het gebied werd later gecontroleerd door de Romeinse en Byzantijnse imperiums alvorens het werd geabsorbeerd in het Ottomaanse imperium (1456). In 1829 bereikte Griekenland zijn onafhankelijkheid en vestigde een constitutionele monarchie. Er volgde een militaire staatsgreep in 1967 en een democratische republiek werd gevestigd in 1974.
Zie ook
- Lijst van Griekse plaatsen
- Griekenland van A tot Z
- Monumenten op de Werelderfgoedlijst
- Geschiedenis van Griekenland
- Griekse gerechten
- Europees kampioenschap voetbal 2004
Categorie:NAVO
Categorie:Land
Categorie:Europese Unie
fiu-vro:Kriika
ja:ギリシャ
ko:그리스
ms:Yunani
roa-rup:Gârţii
simple:Greece
th:ประเทศกรีซ
zh-min-nan:Hi-lia̍p
Joegoslavië
Joegoslavië was tussen 1918 en 2003 de naam van meerdere opeenvolgende staten in Zuidoost-Europa op de Balkan. De hoofdstad was Belgrado.
- Het eerste Joegoslavië (1918-1941) was een koninkrijk, dat pas vanaf 1929 zo zou heten, en uiteindelijk als een koninklijke dictatuur functioneerde, tot het door de Duitsers werd ontmanteld;
- Het tweede Joegoslavië (1946-1992) was het meest bekend: de communistische staat onder leiding van Tito;
- Het derde Joegoslavië (1997-2003) ontstond uit de Joegoslavische Oorlog. Het omvatte Servië en Montenegro.
Staatsinrichting (1946-1992)
De communisten, sedert 1945 aan de macht, riepen in 1946 na de verkiezingsoverwinning de Federatieve Volksrepubliek Joegoslavië uit. Staatshoofd werd Ivan Ribar, maar de werkelijke macht lag bij Josip Tito, die in 1953 het ambt van staatshoofd op zich nam.
Tot 1963 had Joegoslavië een grondwet die sterk op die van de Sovjet-Unie leek. In 1963 is er een nieuwe grondwet aangenomen waarin Joegoslavië de naam Socialistische Federatieve Republiek van Joegoslavië kreeg. Staatshoofd van Joegoslavië was de president. Josip Broz Tito, die sinds 1953 dit ambt bekleedde, bleef dit ambt vervullen en werd na de grondwetswijziging van 1974 president voor het leven. De president was tevens voorzitter van het Presidium van het Presidentschap. Dit presidium bestond uit de presidenten van de deelrepublieken, plus de voorzitter van de Joegoslavische Communistenbond. Uit het midden van hen werd steeds een president gekozen die het ambt steeds één jaar mocht bekleden. Omdat Tito president voor het leven was, ging dit roulerend systeem pas in 1980 - het jaar van Tito's overlijden - in. In vergelijking met andere communistische staten bezat de president een relatief grote macht.
Naast het presidentschap kende men in Joegoslavië tot 1992 tevens het voorzitterschap van de Federatieve Uitvoerende Raad, vergelijkbaar met het ambt van minister-president of eerste minister. De Federatieve Uitvoerende Raad werd uit het midden van het verenigde parlement gekozen. Het ambt van minister was in 1953 afgeschaft en vervangen door dat van secretaris. De secretarissen waren dus lid van het parlement en belast met het uitvoeren van de besluiten.
Joegoslavië kende een twee-kamer parlement (volgens de grondwetswijziging van 1974). In de Bondskamer hadden 220 leden zitting; 30 voor de zes verschillende republieken en 20 voor de twee autonome provincies. Deze vertegenwoordigers werden via getrapte verkiezingen (dwz. indirect) gekozen. De Kamer van de Republiek en de Autonome Provincies bestond uit 88 leden (12 leden voor iedere republiek, 8 leden voor iedere autonome provincie). Deze Kamer werd gekozen uit het midden van de diverse deelparlementen van de republieken.
De gemeenteraden hadden twee-kamers: één door burgers gekozen kamer en één door arbeiders- en boeren samengestelde kamer (bestaande uit afgevaardigden van deze beroepsgroepen).
De deelrepublieken hadden ieder een eigen grondwet, die echter allemaal sterk op elkaar leken. Daarnaast bezat elke republiek een eigen parlement, regering en constitutioneel hof. De autonomie van Kosovo en Vojvodina, was tot de tweede helft van de jaren tachtig groot. De Servische partijvoorzitter van de communistenbond, Slobodan Milosevic heeft toen de macht der autonome provincies sterk ingeperkt en zelfs geheel ongedaan gemaakt.
De macht van de Joegoslavische Communistenbond (ook Joegoslavische Communistische Liga genaamd) was vrij machtig, doch beperkter dan die van de communistische partijen in andere Oost-Europese landen. Tot zijn dood in 1980 was Tito voorzitter van de Joegoslavische Communistenbond. De communistenbond heette tot 1964 Joegoslavische Communistische Partij, maar om het idee te wekken dat de communisten in Joegoslavië minder (partij)bureaucratisch te werk gingen dan hun Sovjet-Russische collega's, werd de naam gewijzigd in communistenbond.
Hoogste orgaan van de Joegoslavische Communistenbond was officieel het partijcongres, maar de werkelijke macht lag bij de tijdens het partijcongres gekozen centraal comité, waaruit het dagelijks bestuur, het presidium van de communistenbond werd gekozen.
Socialistische Alliantie
De Socialistische Alliantie (ruim 8,5 miljoen leden) was de organisatie die alle massa-organisaties omvatte, nl.: de vakbonden, de vrouwenbonden, arbeidersraden, de kunstenaarsverenigingen en de verenigingen voor intellectuelen. De macht van de Socialistische Alliantie was groter dan die van de massa-organisaties van de omliggende communistische landen, omdat de Joegoslavische Communistenbond vaak bepaalde taken delegeerde aan de Socialistische Alliantie.
Staatsinrichting (1992)
Met de val van het communisme tussen 1989 en 1992 in Joegoslavië, viel het land in feite (en ook de iure) uiteen en verschillende burgeroorlogen volgden. Slechts Servië en Montenegro richtten een nieuwe federatie op, de andere republieken gingen elk verder als onafhankelijke staat. De naam van het land werd de Federatieve Republiek Joegoslavië. In 1992 werd er een grondwet aangenomen. Het collectieve presidentschap werd vervangen door een gekozen presidentschap. De president trad op als staatshoofd en opperbevelhebber van de strijdkrachten. De president werd door het verenigde parlement gekozen. Aan het hoofd van de Ministerraad stond een federaal premier.
Het federale parlement bestond uit twee-kamers, de Raad van de Republieken, bestaande uit vertegenwoordigers van de deelrepublieken Servië en Montenegro, en een Raad van Burgers, bestaande uit 138 direct gekozen leden.
In deze nieuwe federatie had de Joegoslavische Communistenbond geen monopoliepositie meer. De bond werd daarna opgeheven. De feitelijke opvolger van de communistenbond werd Slobodan Milosevic's Servische Socialistische Partij (SSP), die tot de val van Milosevic in 2000 een niet-officiële monopoliepositie bezat. Vooral in de beginperiode van Milosevic's bewind was de SSP machtig, daarna moest het de macht delen met andere partijen, waaronder die van de echtgenote van Milosevic, Mira Markovic, de Unie van Verenigd Links (een orthodox-communistische partij). Na de val van Milosevic kwam Vojislav Kostunica (1944) van de sociaal-democratische Servische Democratische Partij (SSD) aan de macht.
De Federatieve Republiek Joegoslavië kwam in 2003 ten einde en werd vervangen door de losse federatie Servië-Montenegro. (nieuwe grondwet 4 februari 2003)
Geschiedenis in vogelvlucht
- 1918: in de nasleep van de ontmanteling van Oostenrijk-Hongarije na de Eerste Wereldoorlog wordt door samengaan van het Koninkrijk Servië enerzijds en de Staat SHS anderzijds het Koninkrijk der Serviërs, Kroaten en Slovenen gevormd, met de Serviër Peter I als koning. De kiem voor latere conflicten is meteen gelegd, omdat Servië voor een eenheidsstaat pleit terwijl Kroatië meer ziet in een federatie. Servië drijft haar zin door. Kroatië probeert zich in 1928 los te maken nadat een belangrijke Kroaat in het parlement wordt doodgeschoten.
- 1919: de noordgrens van het nieuwe Koninkrijk werd geregeld in het Verdrag van Saint-Germaine.
- 1920: de westgrens van het nieuwe Koninkrijk werd geregeld in het Verdrag van Rapallo.
Verdrag van Rapallo; 3: Bosnië-Herzegovina; 4: Servië; 4a: Vojvodina; 4b: Kosovo; 5: Montenegro; 6:Macedonië; A: Adriatische Zee
]]
- 1924: het verdrag van Rome wijst het door Italië reeds bezette Rijeka definitief toe aan Italië.
- 1929: Alexander, koning sinds 1921, ontbindt het parlement en het stelt een persoonlijke dictatuur in. Deze periode werd bekend als de zes-januari-dictatuur, ontleend aan de datum waarop de dictatuur werd afgekondigd.
- 1929: op 3 oktober wordt de landsnaam gewijzigd in Joegoslavië (= Zuid-Slavië) en verdwijnen alle verwijzingen naar de volkeren, die deel uitmaken van het land. De verschillende gebieden worden voortaan naar rivieren vernoemd.
- 1931: in september verkondigt de koning de geoctroïeerde grondwet, waarmee het Koninkrijk Joegoslavië een erfmonarchie werd onder leiding van het Huis Karađorđević.
- 1939: Kroatië krijgt meer autonomie. De Joegoslavische regering sluit zich in maart 1941 aan bij de As-mogendheden. Serviërs komen hier tegen in opstand, werpen de regering van prins-regent Paul omver en zetten koning Peter II op de troon. Hierop valt Duitsland het land binnen, dat na de capitulatie verdeeld wordt en deels onder Italiaans, Duits, Hongaars en Bulgaars bestuur komt. Zie ook Tweede Wereldoorlog.
- 1944: communistische partizanen aangevoerd door Tito bevrijden in oktober Belgrado, met hulp van sovjettroepen. Een jaar later worden verkiezingen gehouden, met slechts één lijst. In 1946 wordt de monarchie afgeschaft en de Federale Volksrepubliek Joegoslavië ingesteld, bestaande uit de zes republieken Servië, Kroatië, Slovenië, Bosnië-Herzegovina, Montenegro en Macedonië en twee autonome gebieden: Kosovo en Vojvodina.
- 1948: breuk met de Sovjet-Unie. Joegoslavië weigert verdere betutteling en kiest voor een onafhankelijke koers binnen het communisme; op buitenlands gebied behoorde het land vanaf het begin in 1961 tot de drijvende krachten achter de organisatie van Niet-gebonden landen.
- 1974: een door Edvard Kardelj geïnspireerde nieuwe federale grondwet wordt aangenomen, die het centralisme vermindert en de republieken meer bevoegdheden toekent.
- 1980: Tito overlijdt. Tegenstellingen tussen de verschillende nationaliteiten komen verder aan de oppervlakte. Servië wordt steeds dominanter.
- 1981: oproer in Kosova. De provincie telt voor elke 1.000 inwoners 337 ambtenaren, 228 Serven en 109 Albanezen, hoewel bijna 85% van de bevolking Albanezen zijn (1981). 20.000 studenten scanderen Kosovo - republiek.
- 1985: In 1985 waren er 699 stakingen, tweemaal meer dan in 1984, viermaal meer dan in 1983. De economische situatie verslechtert in snel tempo.
- 1986: het SANU Memorandum verschijnt. In dit door Dobrica Ćosić geïnspireerde en onder leiding van leidende Servische intellectuelen geschreven manifest van de Servische Academie van Kunsten en Wetenschappen wordt het Servische volk als cultureel, economisch en politiek bedreigd afgeschilderd en eisen zij "de totale nationale en culturele eenheid van het Servische volk, ongeacht de republiek of provincie waarin het leeft".
- 1986: Slobodan Milošević wordt Servisch partijleider.
- 1988: In de autonome provincie Vojvodina belegeren Servische nationalisten het parlement en eisen het aftreden van de regering. In november verzamelen zich tienduizenden Serven in een geregisseerde demonstratie voor het afschaffen van de autonomie van Kosovo.
- 1989: Milošević wipt zijn vriend en voorbeeld Ivan Stambolić uit het zadel en wordt president van Servië. In de republiek Montenegro belegeren Servische nationalisten het parlement en eisen het aftreden van de regeging. Deze treedt af en bondgenoot van Milošević Momir Bulatović neemt de regering over. Staking en protest in Kosovo over het voorstel van Servië de autonomie van Kosovo af te schaffen; in Slovenië worden in één dag 450.000 handtekeningen onder salidariteitsbetuigingen voor de Albanezen opgehaald, meer dan elke vijfde Sloveen ondertekent. Het parlement van Kosovo wordt door Servische tanks omsingeld en gedwongen met de afschaffing van de autonomie in te stemmen, Albanese leiders waaronder Azem Vllasi worden gearresteerd.
- 1989: Ibrahim Rugova richt in Kosovo de Democratische Liga van Kosovo (LDK) op, die zich vreedzaam wil verzetten tegen de door Milošević uitgeroepen noodtoestand en buitenwerkingstelling van het rechtssysteem in Kosovo.
- 1990: in april worden in de republieken Slovenië (twee kiesrondes op 8 april en 12 april), Kroatië (twee kiesrondes op 22 april en 7 mei), Bosnië-Herzegovina (18 november), Macedonië (25 november), Servië en Montenegro (9 december en 23 december) vrije verkiezingen gehouden. In Slovenië en Kroatië, de welvarendste landsdelen, winnen pro-onafhankelijkheidspartijen; in Servië en Montenegro winnen de nationalisten Milošević en Momir Bulatović. In Macedonië werd weliswaar de nationalistische VMRO grootste partij, maar kon geen dominante positie veroveren, terwijl in Bosnië-Herzegovina naar etnische scheidslijnen gestemd werd en Alija Izetbegović er de grootste partij leidde.
- 23 december 1990: Slovenië houdt een volksraadpleging over de Sloveense soevereiniteit, waarbij de opkomst 93,2% is en zich 88,5% voor een onafhankelijk en zelfstandig Slovenië uitspreekt.
- 1991: Politiek leiders zoals George Bush en zijn minister James Baker, Jacques Delors, Hans van den Broek en Gianni de Michelis, Lawrence Eagleburger en vele anderen spreken namens hun regeringen hun steun uit voor de centralistische krachten in Joegoslavië en het behoud van de federatie.
- 1991: in juni verklaren Slovenië en Kroatië zich onafhankelijk. Het federale leger (vnl. bestaande uit Serviërs) grijpt in. Tien dagen oorlog tegen Slovenië die eindigd met het Akkoord van Brioni; tegen Kroatië duurt de oorlog tot begin 1992. In beide gevallen verliest de federale overheid. Tegen de onafhankelijkheid van Macedonië, in september, wordt niet opgetreden. Het is de armste deelrepubliek, en het leger heeft de handen vol aan de oorlog tegen de Kroaten.
- 1992: in februari kiest een meerderheid van de kiezers in Bosnië-Herzegovina voor onafhankelijkheid, in een volgens de Bosnische grondwet ongeldig referendum. (Zo een besluit kon slechts genomen worden als er een meerderheid binnen alle drie nationale volkeren, Kroaten, Bosniakken en Serven, een meerderheid voor zo'n voorstel zou bestaan). Bosnische Serviërs, gesteund door Servië, komen in verzet. Oorlog tot eind 1995, toen de Dayton-akkoorden bereikt werden.
- 1991-1992: Joegoslavië houdt op te bestaan als subject van internationaal recht.
----
- 1992: De deelrepublieken Servië en Montenegro roepen op 27 april een nieuwe Federale Republiek Joegoslavië uit.
- 1997: Milošević wordt president van Joegoslavië. Het Kosovaarse Bevrijdingsleger UCK treedt nadrukkelijk naar voren in het conflict in Kosovo en verkrijgt veel steun van bevolking, sinds de in 1989 door de Democratische Liga van Kosovo begonnen vreedzame politiek van verzet nog steeds geen vruchten afwerpt. Het gezag van Liga-leider Ibrahim Rugova brokkelt af ten gunste van het UCK, dat naar onafhankelijkheid streeft.
- 1998: Gevechten in Kosovo. Tienduizenden Albanezen slaan op de vlucht voor het geweld. In oktober eist de VN-Veiligheidsraad dat er een einde komt aan de gevechten en dat het Servische leger zich terugtrekt uit Kosovo. De Raad stelt een ultimatum, en de NAVO dreigt in te grijpen als er geen gehoor aan wordt gegeven. Uiteindelijk wordt een staakt-het-vuren bereikt; waarnemers van de OVSE zien toe op naleving ervan.
- 1999: In Kosovo neemt de strijd tussen het Servische leger en politie en de Albanese guerrillabeweging UCK weer in hevigheid toe (Kosovo-oorlog). In Rambouillet en Parijs wordt onderhandeld over de staatkundige toekomst van Kosovo. De delegatie van Albanese Kosovaren gaat akkoord met het verdragsvoorstel van Rambouillet; Servië wijst dat echter af. Servië is ook niet bereid de autonomie die Kosovo vóór 1989 genoot te herstellen. Daarmee zijn de onderhandelingen mislukt. De OVSE-waarnemers worden uit Kosovo geëvacueerd en de strijd escaleert. In maart besluit de NAVO (zonder mandaat van de Veiligheidsraad van de VN) tot militair ingrijpen. Aanvankelijk worden alleen militaire doelen gebombardeerd, maar na enkele weken ook burgerdoelen in Servië. Nadat de bombardementen twee maanden hebben geduurd, geeft Milosevic toe aan de eisen van de NAVO. In juni wordt Kosovo door de VN onder internationaal bestuur geplaatst.
- 2000: in oktober treedt Milosevic af na de verkiezingswinst van Vojislav Kostunica.
- 2000: op 1 november treedt Joegoslavië toe tot de Verenigde Naties.
- 2001: Voormalig president Slobodan Milosevic werd zondagochtend 1 april in zijn villa in Dedinje, een voorstad van Belgrado, gearresteerd. 's Namiddags zat hij al in de gevangenis op beschuldiging van genocide, corruptie en machtsmisbruik. Milosevic wordt in juni 2001 overgedragen aan het Joegoslavië-tribunaal.
- 2002: in maart komen de Servische en Montenegrijnse regeringen overeen de federale republiek om te vormen tot een veel lossere unie. Een belangrijke clausule in het door diplomatie van de Europese Unie bereikte akkoord is dat vóór 2005 geen referenda gehouden mogen worden over onafhankelijkheid (waar vooral het kleine Montenegro naar streeft). De federale en nationale parlementen stemmen met het plan in, en vanaf 4 februari 2003 heet het land Servië en Montenegro.
Categorie:Historisch land in Europa
Categorie:Servië en Montenegro
Categorie:Joegoslavië
ja:ユーゴスラビア
ko:유고슬라비아
Patrijs
De patrijs (Perdix perdix) is een akkervogel uit de familie van fazanten (Phasianidae).
Kenmerken
Een volwassen patrijs is ongeveer 30 centimeter groot. Hun poten zijn grijs, de kop is kastanjebruin evenals de keel. Mannetjes hebben bovendien een kastanjebruine buikvlek in de vorm van een hoefijzer. De vrouwtjes hebben een kleinere vlek, de jongen hebben geen vlek. Voor de rest is er weinig verschil tussen mannetjes en vrouwtjes (in tegenstelling tot bij de gewone fazant).
Leefgebied
De patrijs is een standvogel die in het overgrote deel van Europa voorkomt, waaronder in Nederland en België. Uitzonderingen zijn het Iberisch schiereiland, Noord-Scandinavië en Zuid-Griekenland.
Patrijzen komen vooral in kleinschalige open terreinen voor, zoals weilanden, akkers en braakliggende terreinen met houtwallen of heggen. Ze broeden op het gras, heide, in moerassen, duinen en lage heuvels.
Rode Lijst
De patrijs staat op de Rode Lijst van bedreigde en kwetsbare vogelsoorten in Nederland. De patrijs heeft de status 'kwetsbaar'.
Het aantal patrijzen in Nederland is sterk afgenomen. Op dit moment zijn er nog maar 10.000 broedparen.
De reden hiervoor is ondere andere dat ze een gebrek hebben aan insecten, wat weer komt doordat er nauwelijks bloemrijke overhoekjes zijn. Bovendien zijn er onvoldoende stoppelakkers om te overwinteren. In het broedseizoen sneuvelen veel nesten door maaien.
Op de patrijs mag op dit moment in geen enkel seizoen gejaagd worden.
Zie ook
- Europese steenpatrijs
- Rode patrijs
- Pauw
- Kwartel
- Gewone fazant
Externe Links
- [http://www.vogelbescherming.nl Vogelbescherming Nederland]
Categorie:Hoen
Categorie:Europese exoot in Noord-Amerika
Kwartel
De kwartel (Coturnix coturnix) is het kleinste vederwild dat momenteel courant wordt gegeten. Waar vele wilde vogels in het verleden wel werden gevangen en gegeten (spreeuw, merel, reiger, ooievaar) en tegenwoordig niet meer, is dat met de kwartel precies omgekeerd. De kwartel dook tot in de 19e eeuw slechts sporadisch op op tafel. Vermoedelijk werd hij vermeden omdat de kwartel in zijn dieet ook planten opneemt die voor de mens schadelijk zijn.
Tegenwoordig wordt de kwartel op grote schaal gekweekt, zowel voor het vlees als voor de kwarteleitjes. In 2005 waren er aanzienlijk meer kwartels in Nederland, zo zegt het vogelonderzoeksbureau Sovon.
Zie ook
- Pauw
- Gewone fazant
- Europese steenpatrijs
- Rode patrijs
- Patrijs
Afbeelding:Quail.jpg
Categorie:Hoen
Categorie:HoenVogels uit de familie van Galliformes.
Categorie:Vogel
ko:분류:닭목
Karditsa municipalityKarditsa municipality has six regions:
Conspiracy Online Casinos Zamwienia publiczne piesni biako
|
|
|
| :: RELATED NEWS :: |
Ethel Booth
National longevity recordholders are those individuals who have survived to the oldest age in a given country. Such records can only be determined to the extent that the given country's records are reliable. Comprehensive birth registration largely came into being in the 20th century and, as of 2005, reliable records are necessarily fragmentary. The earliest comprehensive recordkeeping systems arose in Europe, in countries such as
|
Swarupanand
Beli Ram, Sri Swami Swarupanand ji Maharaj (1884-1936) Born in Kohat, India was a guru of the Advait Mat lineage. He was also known as "Second Master" and as Sri Nagli Sahib.
The young Beli Ram was initiated into the sanyasas by Advaitanand Ji in the early 1900's in Teri who named him Swarupanand Ji. During Advaitanand's life, Swarupanand created an order of Sarat Chandra Chattopadhyay's 1914 novel Parineeta was adapted into a 1953 film by the noted director Bimal Roy. The English title for the film is The Fiancee.
Awards
- 1954 Filmfare Best Director Award -
|
Anitica Butariu
National longevity recordholders are those individuals who have survived to the oldest age in a given country. Such records can only be determined to the extent that the given country's records are reliable. Comprehensive birth registration largely came into being in the 20th century and, as of 2005, reliable records are necessarily fragmentary. The earliest comprehensive recordkeeping systems arose in Europe, in countries such as
|
Marija Bandelj
National longevity recordholders are those individuals who have survived to the oldest age in a given country. Such records can only be determined to the extent that the given country's records are reliable. Comprehensive birth registration largely came into being in the 20th century and, as of 2005, reliable records are necessarily fragmentary. The earliest comprehensive recordkeeping systems arose in Europe, in countries such as
|
Juan Martín Coggi
Juan Martin Coggi (born December 19, 1961) is a former boxer from Argentina. A native of Santa Fe, which was also the birthplace of Carlos Monzon, Coggi was a three time world Jr. Welterweight champion, and a national hero in his home country. He was one of
|
Bonnie Haruna
Boni Haruna (b. 12 June 1958) has been governor of Adamawa State in Nigeria since 29 May 1999. He is a member of the ruling People's Democratic Party (PDP).
20th century and, as of 2005, reliable records are necessarily fragmentary. The earliest comprehensive recordkeeping systems arose in Europe, in countries such as
|
Imran Sherwani
Imran Sherwani (born on April 9, 1962 in Stoke-on-Trent, Staffordshire) is a former field hockey player, who was a member of the golden winning British squad at the 1988 Summer Olympics in Seoul.
He score
|
Sri Swarupanand ji Maharaj
Beli Ram, Sri Swami Swarupanand ji Maharaj (1884-1936) Born in Kohat, India was a guru of the Advait Mat lineage. He was also known as "Second Master" and as Sri Nagli Sahib.
The young Beli Ram was initiated into the sanyasas by Advaitanand Ji in the early 1900's in Teri who named him Swarupanand Ji. During Advaitanand's life, Swarupanand created an order of | |