:: wikimiki.org ::
| Sobek |
Sobek
Sobek is een god uit de Egyptische mythologie. Hij had de kop van een krokodil en symboliseerde de vruchtbaarheid van de Nijl en de kracht van de farao's. Sobek was de zoon van Neith en werd vooral vereerd in El Faiyûm. De regio werd zo sterk geassocieerd met de krokodillengod, dat de Grieken een stad in de buurt zelfs Crocodilopolis noemden. In latere tijden werd Sobek gezien als incarnatie van de god Amon. Op afbeeldingen is hij uitgebeeld als een man met een krokodillenkop of een (gemummificeerde) krokodil. Vaak draagt Sobek op zijn hoofd de zonneschijf met een cobra.
cobra in de Kom Ombo tempel]]
Sobek en het Boek der Doden
In het Boek der Doden wordt Sobek genoemd als de god die Isis bijstond bij de geboorte van haar zoon Horus. Ook werd hij verantwoordelijk geacht voor de bescherming die Isis en haar zuster Nephthys verleenden aan de doden.
Synoniemen
- Suchos
- Sebek
- Sebek-Ra
- Sochet
- Sobk
- Sobki
- Soknopais
----
Zie ook:
- Lijst van goden en godinnen
- Egyptische mythologie
Categorie:Egyptische god
Sobek
Sobek is een god uit de Egyptische mythologie. Hij had de kop van een krokodil en symboliseerde de vruchtbaarheid van de Nijl en de kracht van de farao's. Sobek was de zoon van Neith en werd vooral vereerd in El Faiyûm. De regio werd zo sterk geassocieerd met de krokodillengod, dat de Grieken een stad in de buurt zelfs Crocodilopolis noemden. In latere tijden werd Sobek gezien als incarnatie van de god Amon. Op afbeeldingen is hij uitgebeeld als een man met een krokodillenkop of een (gemummificeerde) krokodil. Vaak draagt Sobek op zijn hoofd de zonneschijf met een cobra.
cobra in de Kom Ombo tempel]]
Sobek en het Boek der Doden
In het Boek der Doden wordt Sobek genoemd als de god die Isis bijstond bij de geboorte van haar zoon Horus. Ook werd hij verantwoordelijk geacht voor de bescherming die Isis en haar zuster Nephthys verleenden aan de doden.
Synoniemen
- Suchos
- Sebek
- Sebek-Ra
- Sochet
- Sobk
- Sobki
- Soknopais
----
Zie ook:
- Lijst van goden en godinnen
- Egyptische mythologie
Categorie:Egyptische god
Egyptische mythologie
De Egyptische mythologie is vaak bijzonder verwarrend, omdat iedere stad in Egypte zo haar eigen ideeën had over hoe de godenwereld in elkaar stak. Dit stamde uit de tijd voordat Egypte echt ééngemaakt was. Door die onderlinge verschillen kunnen we ook verschillende versies tegenkomen. Zo kon zowel Hathor als Isis de moeder zijn van Horus. De Egyptenaren hadden daar niet echt een probleem, want hun godsdienst stond niet echt vastgelegd in dogma's.
Mythen
De Egyptenaren hebben in vergelijking met de Griekse of Romeinse mythologie weinig mythen. Hun verhalen verschilden sterk per stad, en de meeste mythen verhaalden over de schepping van de wereld. Ook waren de goden niet menselijk: ze hadden een zeer beperkt aantal karaktertrekken en werden nauwelijks genuanceerd. Contact tussen de goden en stervelingen kwam in de regel praktisch niet voor.
Enkele bekende mythes uit het Oude Egypte
- Egyptisch scheppingsverhaal
- Vernietiging van de mensheid door Hathor
- De strijd tussen Horus en Seth
- Khnum en de zeven magere jaren
- Ra en Isis
- Isis en de zeven schorpioenen
Goden
Gedaantes
De godenwereld van de Egyptenaren bestond uit tientallen goden die elk hun eigen herkenningspunten hadden. Dit kon meestal bestaan uit een symbool of kroon (vb Atef-kroon van Osiris. Meestal waren de goden herkenbaar door hun assimilatie met de dieren. De meeste goden werden immers uitgebeeld als een dier of een mens met een dierenhoofd. Hierbij werd vaak een dier gekozen dat verband houd met het terrein van de god(in). Zo was was Toëris afgebeeld als nijlpaard omdat deze erg beschermend waren voor hun kinderen. De uitgebeelde dieren waren veel voorkomend in het Nijldal, maar bij de god Seth kunnen we niet direct een dier plaatsen. Sommige goden hadden kenmerken van verschillende dieren (vb Ammit), terwijl andere goden alleen voorkomen in dierlijk gedaante (vb. Apis). Bij het indelen van de goden kan een onderscheid worden gemaakt namelijk:
- Mannelijke en vrouwelijke mensachtige goden
- Zoogdierachtige goden bestaande uit:
- Koeien
- Katachtigen (leeuwen, katten)
- Nijlpaarden
- Hondachtigen
- Schapen (rammen)
- Andere(n)zoogdieren
- Vogels (valken, ibissen, rijgers)
- Reptielen, vissen en amfibiën
- Insecten
Politieke invloeden
Het belang van goden was in de Egyptische oudheid vaak gelinkt aan het belang van hun cultuurcentrum.
In den beginne (1e en 2e dynastie) was de god Horus erg belangrijk en werd geassocieerd met de koning. Rond het Oude Rijk kwam er een verschuiving van Horus naar Ra.
In de Eerste Tussentijd werd de god Sobek erg belangrijk, doordat de Fayum politiek belangrijk werd. Na het Middenrijk komt Thebe en het Thebaanse pantheon op de voorgrond in de vorm van Montoe en Amon. In het Nieuwe Rijk kwamen samensmeltingen tussen verschillende goden meer voor en stond het Egyptische Rijk ook meer open voor buitenlandse invloeden. Zo kwamen ook vreemde goden in het Egyptische pantheon terecht (vb. Astarte). Ook de invloed van de vorst kon van cruciaal belang zijn: denken we maar aan de Aton-cultus onder Echnaton of de introductie van Sarapis in de Ptolemaische tijd. Tenslotte vond in de Grieks-romeinse tijd de vergrieksing van de oude goden plaats. De oud-Egyptische goden werden vergeleken met de Griekse en Romeinse goden.
Groepering
Naast goden die werden aanbeden in stad-staatjes (bijvoorbeeld Thebe) waren er veel andere goden.
- Sterrengoden
- Groepen (Enneade, Dyade, Ogdoade)
- Provincie- of Nome-goden (Nomos en Nomarch)
- Uren van de dag- / nacht- goden
- De 42 rechters in de kamer van de waarheid
Lijst van Egyptische goden
Voor de lijst van Egyptische goden verwijs ik u naar Egyptische mythologie van A tot Z
Gerelateerde onderwerpen
- Egyptische mythologie van A tot Z
- Atlantis
Zie ook
- Geschiedenis van Egypte in de Oudheid
Categorie:Egyptische mythologie
ja:エジプト神話
ko:이집트 신화
KrokodillenVoor de Belgische treinbeïnvloeding Krokodil, zie: Crocodile.
----
De krokodillen (Crocodylidae) zijn een familie van krokodilachtigen (Crocodylia). Onder deze familie bevinden zich de grootste soorten, en ook enkele afschrikwekkende uitgestorven soorten.
De grootste soort is de zeekrokodil, waarvan het record staat op 8,25 m. Een afdruk van een nooit gevonden zonnebadend exemplaar was 10 m lang. Met een record van 1,14 m is de dwergkrokodil het kleinste. De uitgestorven Deinosuchus was mogelijk tot 15 m lang.
Onderscheid met andere krokodilachtigen
Afgezien van de omvang van de grootste soorten zijn er enkele fysieke kenmerken die krokodillen onderscheiden van gavialen en alligators. Ten eerste de schedel. Krokodillen hebben een vrij lange schedel van naar verhouding normale breedte. De tanden zijn de sleutel tot het onderscheid met andere families. Vooraan steken een paar grote ondertanden buiten de kaak, rustende op de 'lippen' (krokodillen hebben die niet). De rest gaat schuil in de bek als deze gesloten is. Bij alligators zijn deze uitstekende tanden afwezig, en bij gavialen steken álle tanden naar buiten.
Soorten
Levend
Er zijn in totaal 23 verschillende soorten, waarvan hier er enkele volgen:
- Nijlkrokodil (Crocodylus niloticus)
- Zeekrokodil (Crocodylus porosus)
- Zoetwaterkrokodil (Crocodylus johnsoni)
- Moeraskrokodil (Crocodylus palustris)
- Breedvoorhoofdkrokodil (Osteolaemus tetraspis)
- Valse gaviaal (Tomistoma schlegeli)
- Spitssnuitkrokodil (Crocodylus acutus)
- Pantserkrokodil (Crocodylus cataphractus)
- Orinocokrokodil (Crocodylus intermedius)
- Bultkrokodil (Crocodylus moreletii)
- Filipijnse krokodil (Crocodylus mindorensis)
- Ruitkrokodil (Crocodylus rhombifer)
- Siamese krokodil (Crocodylus siamensis)
- Nieuw Guinese krokodil (Crocodylus novaeguineae)
Uitgestorven genera
- Deinosuchus
- Pristichampsus
Trivia
In 2005 was er een hitnummer in Duitsland: "Schnappi, das kleine Krokodil" met de stem van de 7-jarige Joy Gruttman.
Categorie:Krokodilachtige
Categorie:Lijsten van dieren
th:จระเข้
VruchtbaarheidCategorie:Seksualiteit
Vruchtbaarheid of fertiliteit is het vermogen van een organisme om zich voort te planten. Hoewel alle organismen in potentie in staat zijn zich voort te planten met een snelheid die minstens gelijk is aan de snelheid waarmee individuen van de soort te gronde gaan (anders waren ze al uitgestorven) verschilt het aantal mogelijke nakomelingen per cyclus en de daarvoor benodigde generatietijd enorm. Bacteriën kunnen zich onder gunstige omstandigheden elke 20 minuten delen, en dus hun aantal verdubbelen. Grote zoogdieren zoals walvissen, olifanten en de mens hebben voor een populatieverdubbeling tien tot 20 jaar nodig.
Menselijke vruchtbaarheid
Zie ook: anticonceptie
Vruchtbaarheid van de man
In de man worden vanaf de puberteit in de testes dagelijks vele miljoenen zaadcellen gemaakt. Deze worden in de bijbal opgeslagen voor enkele weken om te rijpen. Daarna worden ze door de zaadleiders van ca. 30cm lang naar boven getransporteerd naar de zaadblaas achter de prostaat. Daar worden ze opgeslagen totdat er bij een ejaculatie van sperma behoefte aan is. Het transport van de bijbal naar de zaadblaas vindt 24 uur per dag plaats, en dus niet alleen maar gedurende een ejaculatie. Slechts een gedeelte van de zaadcellen (verschillende getallen van 30-50% worden genoemd) komen tot een complete rijping en worden naar de zaadblaas getransporteerd; de rest wordt lokaal afgebroken en door het weefsel opgenomen.
Zaadcellen kunnen maar enkele weken worden opgeslagen. Wordt er in die tijd geen seksuele activiteit ondernomen die tot een ejaculatie leidt, dan volgt er een ejaculatie zonder seksuele activiteit gedurende de nacht. Onder pubers is dit bekend als de natte droom.
De vruchtbaarheid van de man hangt samen met de hoeveelheid zaadcellen die zich in het spermavocht bevindt, en met de activiteit van deze zaadcellen (of ze beweeglijk zijn of niet). Samen wordt dit vaak gevat onder de term kwaliteit van het sperma. Zelfs bij een zeer vruchtbare man zijn lang niet alle zaadcellen beweeglijk genoeg om een bevruchting tot stand te brengen. Er zijn de laatste decennia onderzoeken gedaan die hebben aangetoond dat de kwaliteit van het sperma van de gemiddelde man naar beneden gaat. Het is niet precies duidelijk of dit inderdaad een reële waarneming is en waar dit door komt, maar er wordt vermoed dat door de mens gemaakte chemische stoffen in het milieu (sommige van die stoffen lijken in hun structuur op vrouwelijke hormonen) verantwoordelijk zouden kunnen zijn voor deze afgenomen vruchtbaarheid. Eén van die stoffen is nonylfenol, een stof in verven, pesticiden, schoonmaakmiddelen en die vrijkomt bij de productie van papier en textiel. Ook natuurlijke substanties hebben gelijkaardige werking, zoals genisteïne uit soja en andere groenten, en 8-prenylnaringenine uit hop.
De vruchtbaarheid van het zaad heeft niets te maken met impotentie.
Vruchtbaarheid van de vrouw
De vrouwelijke geslachtscellen, de eicellen, zijn in aanleg allemaal al klaar voordat de vrouw wordt geboren. Vanaf de puberteit wordt er één maal per menstruatiecyclus één eicel klaargestoomd voor een mogelijke bevruchting. Hierbij spelen hormonen een rol die ook zorgen dat op het moment dat de eicel rijp is, ook de baarmoeder bereid is om de zygote te ontvangen.
Mocht er geen bevruchting volgen, dan wordt alles wat als voorbereiding is opgebouwd weer afgebroken. Dit resulteert in de menstruatie.
De vruchtbaarheid van de vrouw hangt samen met deze hele cyclus van 28 dagen. Alleen wanneer de eicel bijna klaar is is de vrouw vruchtbaar.
Externe links
Website speciaal over [http://www.fertiliteit.info vruchtbaarheid]
Zie ook
Bodemvruchtbaarheid
Nijl
De Nijl (in het Arabisch النيل an-nīl), 6695 km lang, is de langste rivier van Afrika (volgens velen ook van de wereld, maar daarvan bestaan verschillende lijsten). Het is de belangrijkste rivier in Egypte, dat wel 'het geschenk van de Nijl' wordt genoemd.
De Nijl ontspringt als Blauwe Nijl in Ethiopië in het Tanameer en als Witte Nijl in het Victoriameer. Het meer bevindt zich tussen de drie landen Oeganda, Kenia en Tanzania. De Witte Nijl stroomt vervolgens vanuit hier via Soedan, waar de beide takken bij de hoofdstad Khartoem samenkomen, naar het noorden, om ten slotte in een ruime delta uit te monden in de Middellandse Zee.
Bron van de Nijl
De bron van de Nijl is lange tijd onbekend gebleven. In de 19e eeuw werd voor het eerst het Victoriameer geïdentificeerd als bron van de Nijl door John Hanning Speke. Voor die tijd hebben diverse expedities getracht de bron te vinden, waaronder David Livingstone, die beroemd is geworden door de uitspraak Dr. Livingstone, I presume? van Henry Morton Stanley toen hij Livingstone ontmoette.
De Nijl mondt uit in de Nijldelta.
|
100px
|
Categorie:Rivier in Egypte
categorie:Rivier in Oeganda
categorie:Rivier in Ethiopië
Categorie:Afrika
ja:ナイル川
ko:나일 강
Farao
Farao is de titel die wordt gebruikt om koningen (met goddelijke status) van Opper- en Neder-Egypte aan te duiden. De term is afgeleid van de woorden per aa, hetgeen Groot Huis ofwel paleis betekent. Het werd in het algemeen niet door Egyptenaren zelf gebruikt voor hun koningen, die hun koning meestal n.soet (nesoet vert. koning) noemden; maar door het gebruik van het woord in de Bijbel, en met name in het Boek Exodus, wordt het veel gebruikt door moderne geschiedkundigen.
Algemene beschrijving
Ongeveer vanaf 7000 v.Chr. trokken bevolkingsgroepen naar Egypte om zich daar te vestigen. Rond 3000 v.Chr. werden de stammen verenigd en zo ontstond er een gecentraliseerde staat met aan het hoofd een farao. Vanaf 332 v.Chr. toen de Macedoniërs en de Grieken de macht hadden in Egypte, werden alle koninklijke namen gegroepeerd in 30 dynastieën (van 2920 tot 332 v.Chr.) en zo worden nu nog de perioden in de Egyptische geschiedenis aangegeven. Met de eenwording van het land begon de eerste dynastie in ± 2920 v.Chr.. Vele verschillende farao’s hebben elkaar opgevolgd en meestal hun sporen nagelaten door piramides, grafkamers en tempels te bouwen. De farao droeg een dubbele kroon: de kroon van beneden-Egypte (noorden) en de kroon van boven-Egypte (zuiden). Zo werd de samenvoeging van beide gebieden gesymboliseerd.
De koningsnaam bestond uit vijf titels die de nadruk legden op zijn macht over de twee streken en op zijn positie als zoon van god. De farao werd namelijk gezien als de vertegenwoordiger en reïncarnatie van de goden. De piramiden, die gebouwd werden vanaf de 3e dynastie (2575 v.Chr.), verzekerden het voortbestaan van de koning na zijn dood en daarvan hing ook de eeuwigheid van de onderdanen af. Tijdens de 4e en 5e dynastie was de zon, bron van al het leven, heel belangrijk geworden. De vorst werd vanaf die tijd beschouwd als de zoon van de zonnegod, tevens hoofdgod, Re.
Vanaf ± 2040 v.Chr. stond de farao dichter bij het volk. Hij had nog wel de status van een godheid, maar hij werd toch eerder gezien als redder van de bevolking. Het was namelijk zo dat de organisatie van het land steeds ingewikkelder werd en taken moesten daarom overgeheveld worden naar ambtenaren. Zo moesten zij toezien op de leveranties van goederen en de afdracht van belastingen aan de tempels en aan het paleis. Zij oefenden tevens het toezicht uit op bepaalde herendiensten (zoals de bouw van de piramiden en later van paleizen en grensversterkingen) die de boerenbevolking moest verrichten als de Nijl was overstroomd en ze dus niet op het land konden werken. De ambtenaren werden beloond met landschenkingen. Mettertijd leidde dit echter tot ondermijning van het koninklijk gezag doordat bepaalde machtige ambtenaren uiteindelijk veel bezit hadden en zo op lokaal niveau zich als zelfstandige vorsten konden gedragen. Dit had verzwakking van het centraal gezag tot gevolg.
Nijl
Door de eeuwen heen zijn er periodes geweest van centralisatie afgewisseld met tijden van verdeeldheid. Tijdens dat laatste kon het zijn dat twee of meer koningen naast elkaar regeerden met als burgeroorlogen als gevolg. En om de chaos compleet te maken vielen er regelmatig andere volken Egypte binnen. Meestal kon een van de lokale vorsten met geweld zijn mededingers onderwerpen en de eenheid onder een nieuwe dynastie herstellen. Op deze wijze wisselden perioden van bloei en eenheid af met tussenperioden van verval. De farao bleef de zoon van god. De vorst kreeg zijn gezag van de goden. Die macht was onbeperkt zolang de vorst zicht wist te handhaven. Werd hij van de troon gestoten door bijvoorbeeld een concurrerende vorst dan bewees deze daarmee dat de verstotende ‘het mandaat des Hemels’ niet waardig was en de goddelijke volmacht ging vervolgens over op de nieuwe koning. Later hebben volken, die Egypte hadden veroverd, de positie van de farao gebruikt (absolute monarchale macht) om het land uit te buiten.
Egyptische prinsen kregen een gedegen opleiding. Ze leerden lezen en schijven en ze werden getraind in oorlogsvoering, sport, de jacht en religie. Af en toe kwam het voor dat de prins al mocht regeren met zijn vader als regent. Deze mede-regentschap moest ervoor zorgen dat de ene regeringsperiode soepel overging in de volgende. Dit werd waarschijnlijk vooral gedaan in onrustige tijden.
Voor de Egyptenaren was het ‘koningschap’ een onsterfelijke onaantastbare instelling en ze hadden grote eerbied voor hun vorst. Van oudsher werd aan de toekomstige koningen geleerd bepaalde principes te erkennen; ze moesten streven naar het voldoen aan het Egyptische idee van een goede koning. De farao werd geacht zorg te dragen voor hen die hulp behoefden, omkoperij en onderdrukking uit te bannen, alle mensen gelijk te behandelen, het begrip gerechtigheid te eerbiedigen en geen kwaad te verrichten. Vanaf zijn troonsbestijging was de koning de schakel tussen het volk en de goden en zorgde hij voor vrede, welvaart en eeuwig leven.
De absolute macht en verheerlijking van de farao werd van oudsher vereeuwigd in (muur)tekeningen, beelden en andere monumenten. Deze vertellen over het leven in Egypte en over de taken en daden van de farao. Hij werd altijd even groot afgebeeld als de god(en) met als betekenis dat hij gelijk is aan een god.
De taken van de farao: hij was opperbevelhebber van het leger, hoofd van de administratie en financiën, hogepriester van iedere tempel en opperrechter. Door de steeds ingewikkeldere organisatie van het land werden veel taken uitbesteed aan ambtenaren. De Egyptische koning bleef nog wel de opperrechter met de macht over vrijspraak of bevestiging van doodvonnissen, hij was handhaver van de waarheid, gerechtigheid en de kosmische orde.
Al vroeg tijdens zijn regering moest de farao zorgen voor zijn graf. In de 4e dynastie (± 2500 v.Chr.) werden er piramides gebouwd waarin de Egyptische koningen werden bijgezet na hun overlijden. Later werden de vorsten en mensen met hoge aanzien bijgezet in grafkamers in de rotsen naast het Nijldal. (Het gewone volk werd begraven in de zandgrond). De farao bezocht het bouwterrein waar zijn tombe werd gebouwd regelmatig. En uiteindelijk stierf hij en werd hij bijgezet in zijn uitvoerig ingerichte graf. Hij werd bijna altijd opgevolgd door zijn oudste zoon (het is ook een paar keer gebeurd dat een vrouw de troon besteeg) en de kroning was altijd een groot feest.
Koningsnamen
Dit onderdeel wordt nader uitgelicht in: de vijf namen van de farao
Een koningstitelatuur had in de oudheid vijf onderdelen, deze bestonden uit een aantal heilwensen en een boodschap dat de farao de vereniger was van Egypte. Het was een vroegere vorm van (koninklijke) propaganda.
Een algemene blik op een willekeurige koninglist leert dat veel namen zijn vergriekst. Dit komt omdat de koningslijst vastgesteld is volgens het systeem van Manetho, een Egyptische priester in de griekse tijd zijn werk is niet bewaard maar overgenomen door Griekse en Romeinse verslaggevers. Zij zijn verantwoordelijk voor het vergrieksen van de namen. De Egyptologen gebruikten dit ook en zo raakte het ingeburgerd. Een aantal voorbeelden:
- Sesostris = Senoeseret
- Cheops = Choefoe
- Amenophis = Amenhotep
Bronnenlijst
F.G. Naerebout en H.W. Singer, De Oudheid, 2002
René Grünfeld, Egypte (Elmar reishandboek), 2001
Robert Morkot, Egypte, 1990
Rose-Marie & Rainer Hagen, Egypte; mensen, goden, farao’s, 1999
Gerelateerde onderwerpen
- Egyptische kronen
- Geschiedenis van Egypte in de Oudheid
- Koningen van Egypte
categorie:Egyptische oudheid
Categorie:Staatshoofd
ja:ファラオ
simple:Pharaoh
Amon (mythologie)
right
left
De godheid Amon speelde aanvankelijk een beperkte rol in de Egyptische mythologie.
Hij was een god van de wind, aanbeden door de schippers op de Nijl rond de zuidelijke stad Thebe. Daar, in Karnak stond zijn voornaamste heiligdom. Zijn naam y.m.n (Amon,Amun,Ammon,Imen enz.) betekent de Verborgene, mogelijk omdat de wind onzichtbaar is. De gans en een bepaald soort ram (Ovis platyra) met horens die naar binnen krullen waren aan hem gewijd. Zijn echtgenote was de godin Mut en hun zoon was Khonsu en samen vormden zij een Triade. Amon wordt meestal afgebeeld met een dubbele kroon.
Met het nationaal herstel na de Eerste Tussenperiode veranderde er veel voor de Amon-cultus. De XIe en XIIe dynastie die de grondleggers van het Middenrijk waren stamden uit Thebe en steunden de Amon-priesters. Zo werd Amon een belangrijke godheid, en verschoof het geestelijk middelpunt van het land van Heliopolis naar het zuidelijke Thebe. Toch leidde dit niet tot een religieuze breuk omdat Ra, de zonnegod die in het Oude Rijk de nationale godheid geworden was eenvoudig aan Amon gelijk gesteld werd. Zo werd Amon-Ra de hoofd-godheid van Egypte en vooral in de bloeitijd van het Nieuwe Rijk werden de priesters van Amon-Ra steeds machtiger. Van de koning werd verwacht dat hij -bijvoorbeeld uit de statting die de buitenlandse bezittingen opbrachten- steeds meer financiële middelen aan de priesterlijke bureaucratie ter beschikking stelde. Zo werd de priesterlijk macht een staat in de staat. Achnaton trachtte daar in een klap een eind aan te maken door de Amon-cultus te verbieden, maar zijn ketterij duurde niet lang. Na de tijd van de latere Ramessiden werd Opper-Egypte de facto geregeerd door de hogepriester van Amon en de Goddelijke Aanbidster, de echtgenote op aarde van de god. In deze tijd had de cultus zich ook verder naar het zuiden verspreid naar Nubië.
Nadat in de tijd van de Lybische anarchie de Amon-cultus wat in de verdrukking geraakt was, waren het de Nubiërs die Amon weer in volle glorie herstelden.
In Griekse en Romeinse tijden was de Amon-cultus nog bijzonder machtig -Amon werd aan Zeus of Jupiter gelijkgesteld, hoewel de culten van Osiris, Isis en Serapis grotere aandacht opeisten. Aan de Amon-cultus kwam een einde toen onder Theodosius het christendom tot staatsgodsdienst verheven werd.
Categorie:Egyptische god
ja:アメン
ko:아문
Cobra (reptiel)
Onder de cobra's worden verscheidene genera van de Elapidae (gifslangen) gerekend. Een cobra is niet 1 slang, er bestaan een heleboel slangen die 'cobra' heten. Het is een verzamelnaam voor diverse soorten, vandaar dat er geen specifiek geslacht of familie kan worden aangegeven om de cobra's aan te duiden. Het woord "cobra" stamt uit het Spaans of Italiaans en is een verkorte vorm voor "cobra capello", hetgeen ongeveer "slang met hoed" betekent (verwijzend naar de karaktistieke wangflappen naast de kop). De cobra speelt een rol in de symboliek van het hindoeïsme.
Enkele bekende cobra-soorten zijn:
- Egyptische cobra (Naja haje)
- Brilcobra of brilslang (10 soorten)
- Gewone of Indische cobra (Naja naja)
- Kaapse cobra (Naja nivea)
- Koningscobra (Ophiophagus hannah)
- Ringhalscobra (Hemachatus hemachatus)
- Spugende cobra (Naja sputatrix)
- Zwarthalscobra (Naja nigricollis)
De cobra is erg populair bij slangenbezweerders. Het publiek herkent de slang meteen aan die brede, platte hals en denkt dat hij gevaarlijk is. Maar met dat gevaarlijke valt het wel mee. Neem de cobra uit India, de brilslang. Slangenbezweerders nemen die graag voor hun show want op klaarlichte dag kan de brilslang niet goed aanvallen. Maar dreigen kan hij wel.
Ze leven ook op heel verschillende plaatsen: in hoge bomen, in droge woestijnen, in vochtige oerwouden en in grote meren. Maar ze leven allemaal in warme landen. Van kou moeten ze niets hebben. Cobra’s kun je tegenkomen in Afrika en in het Zuiden van Azië. Daar gaan ze vlak bij de huizen. De bekendste cobra in Azië is de brilslang. Die heet zo omdat hij achter op de hals een brilvormige tekening heeft. Je ziet hem pas goed als hij de hals uitzet. De cobra’s in Afrika bewonen het hele werelddeel; de verschillende soorten het zijn er bij elkaar en tien houden dus van verschillende klimaten. Van Afrikaanse soorten is de Egyptische cobra de bekendste. Deze cobra ’s zijn goed te herkennen aan hun houding. Als ze schrikken of opgewonden zijn komt de kop en de voorste deel van hun lichaam recht omhoog. En hun hals maken ze breed en plat. Het is dan een dreiging die de vijand moet afschrikken.
De gemiddelde lengte van een volwassen cobra is anderhalf tot twee meter. Maar de koningscobra is veel groter. Die kan met gemak 4 meter lang worden. Hij is dan ook de grootste gifslang ter wereld. De allerlangste tot nu toe gevonden had een lengte van 5.58 meter.
Categorie:Slang
th:งูเห่า
Kom OmboKom Ombo is een Egyptische stad die ca 60 km ten zuiden van Edfu ligt. De stad heette in het Grieks 'Ombos' wat was afgeleid van het Egyptische Noebt of goud. De stad lag immers op de handelsroutes voor goud en speelde in het Oude Egypte een belangrijke rol voor de goudtrafiek. Vandaag telt de stad zo'n 60.000 zielen die vooral actief zijn in de landbouw en het toerisme. De toeristen komen immers af op de goedbewaarde tempel van Kom Ombo
Categorie:Stad in Egypte
Isis
Isis (Grieks) of Aset (Egyptisch) is de naam van één van de belangrijkste godinnen van de Egyptische mythologie. Volgens het Egyptisch scheppingsverhaal was zij de dochter van Geb en Noet, de god van de aarde en de godin van de hemel. Zij was de zuster van haar echtgenoot Osiris en van Nephthys en Seth. Zij stond bekend als vruchtbaarheidsgodin en als een meesteres van magie, die zelfs Ra om de tuin leidde in de mythe van Ra en Isis. Osiris echter werd gedood door zijn broer Seth en zijn lijk in stukken gesneden. Isis, geholpen door Anubis, de jakhalsgod die het balsemen uitvond, verzamelde de stukken en wist door haar magie zwanger te worden van een zoon Horus die zijn vader zou wreken en zijn plaats op de troon zou innemen. Osiris werd heerser van het dodenrijk. Er is (in de vierde Sallierpapyrus) een versie van de mythe van de strijd tussen Horus en Seth, waarin Isis probeerde haar broer - ondanks diens wandaden - te redden. Horus werd woedend en hakte haar hoofd af. Thoth verving het hoofd van Isis daarom door dat van een koe.
Isis en Osiris staan model voor het Egyptische koningschap. Een koning huwde bij voorkeur met zijn zuster, bij zijn leven was hij een Horus, en schreef één van zijn namen met de Horusvalk erboven. Bij zijn overlijden werd hij een Osiris en werd hij als zodanig vereerd.
In de Romeinse tijd was de cultus van Isis bijzonder populair en zeker niet langer beperkt tot Egypte. Vanaf de 2e eeuw v. Chr. begon haar cultus door handelaren en zeelieden zich door het hele Middellandse-Zeegebied te verspreiden. In Griekenland werd zij vaak gelijkgesteld met Demeter. Plutarchus heeft de meest uitgebreide beschrijving nagelaten van de mythe van Isis en Osiris, maar hij schrijft wel over een cultus die in de tijd van de Ptolemeeën aan veel veranderingen had blootgestaan, vooral onder Griekse invloed. Keizer Gaius (bijgenaamd Caligula) bouwde een tempel voor haar. Haar eredienst ging met veel prachtige rituelen en muziek gepaard, onder andere het gebruik van sisters, een soort rammelaar, die nu in Ethiopië nog wel gebruikt wordt. Zij werd vaak afgebeeld als de Moedergodin met Horus, haar zoontje, op schoot. Bij de komst van het christendom werd dit beeld overgenomen door de Madonna met Kind.
Isis en andere volken
Een aantal Amazighische geleerden veronderstelt dat Isis van oorsprong een Amazighische godin is. Door de Grieken werd Isis vereenzelvigd met Demeter en Artemis. In het oude Rome ontstond in de tijd van Julius Caesar een populaire Isis-cultus.
----
Zie ook:
- Egyptische mythologie
- Lijst van goden en godinnen
Categorie:Egyptische god
ja:イシス
ko:이시스
Isis
Isis (Grieks) of Aset (Egyptisch) is de naam van één van de belangrijkste godinnen van de Egyptische mythologie. Volgens het Egyptisch scheppingsverhaal was zij de dochter van Geb en Noet, de god van de aarde en de godin van de hemel. Zij was de zuster van haar echtgenoot Osiris en van Nephthys en Seth. Zij stond bekend als vruchtbaarheidsgodin en als een meesteres van magie, die zelfs Ra om de tuin leidde in de mythe van Ra en Isis. Osiris echter werd gedood door zijn broer Seth en zijn lijk in stukken gesneden. Isis, geholpen door Anubis, de jakhalsgod die het balsemen uitvond, verzamelde de stukken en wist door haar magie zwanger te worden van een zoon Horus die zijn vader zou wreken en zijn plaats op de troon zou innemen. Osiris werd heerser van het dodenrijk. Er is (in de vierde Sallierpapyrus) een versie van de mythe van de strijd tussen Horus en Seth, waarin Isis probeerde haar broer - ondanks diens wandaden - te redden. Horus werd woedend en hakte haar hoofd af. Thoth verving het hoofd van Isis daarom door dat van een koe.
Isis en Osiris staan model voor het Egyptische koningschap. Een koning huwde bij voorkeur met zijn zuster, bij zijn leven was hij een Horus, en schreef één van zijn namen met de Horusvalk erboven. Bij zijn overlijden werd hij een Osiris en werd hij als zodanig vereerd.
In de Romeinse tijd was de cultus van Isis bijzonder populair en zeker niet langer beperkt tot Egypte. Vanaf de 2e eeuw v. Chr. begon haar cultus door handelaren en zeelieden zich door het hele Middellandse-Zeegebied te verspreiden. In Griekenland werd zij vaak gelijkgesteld met Demeter. Plutarchus heeft de meest uitgebreide beschrijving nagelaten van de mythe van Isis en Osiris, maar hij schrijft wel over een cultus die in de tijd van de Ptolemeeën aan veel veranderingen had blootgestaan, vooral onder Griekse invloed. Keizer Gaius (bijgenaamd Caligula) bouwde een tempel voor haar. Haar eredienst ging met veel prachtige rituelen en muziek gepaard, onder andere het gebruik van sisters, een soort rammelaar, die nu in Ethiopië nog wel gebruikt wordt. Zij werd vaak afgebeeld als de Moedergodin met Horus, haar zoontje, op schoot. Bij de komst van het christendom werd dit beeld overgenomen door de Madonna met Kind.
Isis en andere volken
Een aantal Amazighische geleerden veronderstelt dat Isis van oorsprong een Amazighische godin is. Door de Grieken werd Isis vereenzelvigd met Demeter en Artemis. In het oude Rome ontstond in de tijd van Julius Caesar een populaire Isis-cultus.
----
Zie ook:
- Egyptische mythologie
- Lijst van goden en godinnen
Categorie:Egyptische god
ja:イシス
ko:이시스
DoodDe dood is een onomkeerbare toestand waarbij een voorheen levend organisme niet meer groeit, geen metabolisme meer heeft en er geen actieve levensfuncties meer plaatsvinden (ademhaling, eten, drinken, denken, beweging enzvoorts).
In de geneeskunde onderscheidt men twee definities van 'dood':
- Een mens wordt als biologisch dood of hersendood beschouwd als de functie van de hersenen, hersenstam en het verlengde merg volledig, definitief en onomkeerbaar verloren is gegaan. Het is dus volgens deze definitie mogelijk met een kloppend hart toch dood te zijn. Het hart klopt namelijk vanzelf, zonder dat daar functionerende hersenen voor nodig zijn. Voor de ademhaling zijn functionerende hersenen wel nodig, dus iemand die zonder beademing zelf ademhaalt kan niet hersendood worden genoemd.
- Klinisch dood is men wanneer zowel de spontane bloedsomloop, ademhaling en het bewustzijn ontbreken. Door reanimatietechnieken is het soms mogelijk biologische dood hierna te voorkomen.
Verder spreekt men nog van:
- Psychisch dood; dit is een toestand van diepe coma, waarbij de vegetatieve functies nog bewaard zijn. Het is Coma vigil genoemd.
- Juridisch dood; dit betekent dat de lijn die de elektrische activiteiten van de hersenen weergeeft bij registratie door middel van een EEG vlak is. Hoewel de vitale functies met hart-longmachines nog in stand kunnen worden gehouden, is het dan wettelijk toegestaan om organen te verwijderen voor transplantatie.
In Nederland wordt iemand pas doodverklaard als deze geschouwd is door een arts. In de doodsverklaring wordt gesteld dat de dood op natuurlijke wijze is ingetreden. Onnatuurlijke doodsoorzaken zijn moord, suicide of ongeval, in dit geval zal de gemeentelijk lijkschouwer ingeschakeld worden. De arts stelt de gemeente waarin iemand overleed op de hoogte en stuurt tevens een verklaring naar het Centraal Bureau voor de Statistiek.
Bijnadoodervaring
De laatste jaren is het fenomeen van de bijnadoodervaring (BDE) in de belangstelling gekomen. Door de verbeterde reanimatietechnieken kan men steeds meer mensen 'terughalen' uit de klinische dood. Soms hebben deze mensen dan een ervaring beleefd die als buiten het lichaam treden wordt beschreven met vaak "hemelse toestanden" en ontmoeting met "geesten van overledenen". Door de wetenschap wordt dit fenomeen verklaard doordat door zuurstoftekort in het brein een soort van 'laatste potentialen' willekeurig door het brein lopen, wat het effect van een fel licht of opgewekte herinneringen of zelfs nieuwe herinneringen (zoals ook in dromen) tot gevolg kan hebben.
In de literatuur wordt de dood gepersonifieerd door een levend geraamte (Magere Hein). Een veel voorkomend thema is de dodendans.
In veel religies is er het concept van het leven na de dood. In veel oosterse religies gelooft men in wedergeboorte of reïncarnatie. Parinibbana vindt in het boeddhisme plaats bij het overlijden van iemand die het Nirvana behaald heeft. Het Tibetaans Dodenboek gaat specifiek in op wat er precies gebeurt tussen dood en wedergeboorte.
Bij meditatie over de dood reflecteert men tijdens de meditatie over verschillende aspecten van dood zijn of dood gaan.
Categorie:Biologie
Categorie:Mens en maatschappij
ja:死
ms:Ajal
simple:Death
Lijst van goden en godinnen__NOTOC__
Hieronder staat een alfabetische lijst van goden en godinnen.
A
- Aditya
- Adonai
- Aedh
- Aegir
- Ahuramazda
- Aker
- Allah
- Amaunet
- Amon
- Amor
- An
- Anahita
- Anubis
- Apis
- Apepi
- Apollo
- Aphrodite
- Astarte
- Arachne
- Ares
- Artemis
- Athene
- Athos
- Atl
- Atlas
- Atoem
- Aton
- Avalokitesvara
B
- Baäl
- Bacchus
- Badb
- Baka Brahma
- Banba
- Bastet
- Bel
- Belenus
- Beli
- Bes
- Bilé
- Bodhisattva
- Brahma
- Brahma Sahampati
- Bragi
- Bres
- Brigit
- Buanann
C
- Centzon Totochtin
- Cernunnos
- Chepri
- Chons
- Coatlicue
- Consus
- Cupido
- Creidhne
- Cronus
- Cumal
- Cybele
- Cyclopen
D
- Dagda
- Danu (Keltische mythologie) of Dana
- Danu (Hindoeïsme)
- Demeter
- Deva
- Dhatarattha
- Dian Cécht
- Diana
- Dionysus
- Domnu
- Donar
- Donn
E
- Éire (godin)
- Ehecatl
- Elatha
- Enki
- Enlil
- Eochaidh Ollathair
- Eos
- Epona
- Eris
- Eros
- Eryniden
- Esus
F
- Fauna
- Flora
- Fomorii
- Fótla
- Forsite
- Freya
G
- Gaea
- Ganesh
- Garoeda
- Geb
- Gefion
- Giganten
- God
- Goibniu
H
- Hades
- Hapi
- Hanuman
- Harmachis
- Hathor
- Heh
- Helios
- Hephaestus
- Hera
- Heracles
- Hercules
- Hermes
- Hexia
- Horus
- Huitzilopochtli
- Hygieia
- Hyperion
- Hecate
- Huehuecoyotl
- Huehueteotl
I
- Iapetus
- Iduna
- Innana
- Ishtar
- Ishvara
- Isis
J
- Jahweh
- Janus
- Juno
- Jupiter
- Justitia
K
- Khnum
- Ki
- Krishna
- Kingu
- Kronos
L
- Laren
- Liber
- Loki
- Llew
- Luchta
- Lugh
M
- Maät
- Mara
- Mannánnan Mac Lir
- Marduk
- Mars
- Mercurius
- Mextli
- Mictlantecuhtli
- Midir de trotse
- Mider
- Min
- Minerva
- Mithras
- Mixcoatl
- Miysis
- Moet (ook wel Amaoenet)
- Moiren
- Morpheus
- Mórrígán
- Mórrígú
N
- Naga
- Nehalennia
- Neith
- Nekhbet
- Nemon
- Nephthys
- Neptunus
- Nessus
- Nét
- Nial
- Nintu
- Njord
- Nuada
- Noet
O
- Oceanus
- Odin
- Odysseus
- Ogma
- Ometecuhtli
- Ometeotl
- Osiris
- Ostara
- Oya
P
- Pachmama
- Pallas Athene
- Pan
- Panakeia
- Parvati
- Pele
- Persephone
- Phaedra
- Pluto
- Pollentia
- Pomona
- Pontos
- Poseidon
- Priapus
- Ptah
Q
- Quetzalcoatl
R
- Ra
- Rama
- Rhea
- Ruadh Rofessa
- Roma
S
- Saci
- Sakka
- Saturnus
- Sedna
- Sekhmet
- Selket
- Serapis
- Seth
- Shiva
- Sif
- Sinann
- Sita
- Sjoe
- Skanda
- Sobek
- Sokaris
- Sopdet
- Sri-Laksmi
- Sucellus
- Sulis
- Surya
T
- Taranis
- Tatenen
- Tefnut
- Teshub
- Tethra
- Teutatès
- Tezcatlipoca
- Theia
- Thenis
- Tethys (mythologie)
- Thor
- Thoth
- Tislit
- Titanen
- Tlaloc
- Tloque Nahuaque
- Toëris
- Tonatiuh
- Triton
- Trimurti
- Tuatha Dé Danann
- Typhon
- Tzitzimime
U
- Ua
- Uranus
- Utu
V
- Varuna
- Venus
- Vessarana
- Virulhaka
- Virupakkha
- Vesta
- Viracocha
- Vishnu
- Vulcanus
W
- Wadjet
- Wodan
X
- Xilonen
- Xipe Totec
- Xochipilli
- Xochiquetzal
Y
Z
- Zeus
Gerelateerde onderwerpen
- lijst van Griekse goden
- mythologie en mythologie van A tot Z
- religie en religie van A tot Z
Goden
Lijst
Categorie:Religie
Categorie:Egyptische god
categorie:God
categorie:Egyptische mythologie Dag Nasty
Dag Nasty was a punk/hardcore band formed in 1985 by Brian Baker (guitar) of Minor Threat, Colin Sears (drums) and Roger Marbury (bass), both of Bloody Mannequin Orchestra, and Shawn Brown (vocals). Their style of less aggressive, melodic hardcore was influential and influenced by emotional hardcore (a.k.a. emo) as well as being an influence on post-hardcore. Shawn Brown was the first vocalist, with whom the band recorded (until recently) previously-unreleased versions of most of the material that later made up their first release, "Can I Say," with former roadie and new singer Dave Smalley of DYS. Just over a year later, the band had a new album titled Wig Out at Denko's, a new bassist named Doug "Fig Nuts" Carrion (then of The Descendents, later of The Kottonmouth Kings and the Humble Gods) and a new vocalist, Peter Cortner (formerly of Protem and Lunchbox).
1988 saw the release of their divisive album Field Day (. Many fans hated this album and many loved it. It was an ambitious feat, attempting to blend pop melodies with hardcore/metal riffs even further than previously attempted on Wig Out. The result was a schizophrenic haze of Californian guitar god excess and self absorbed, whine-rock vocal stylings. The band split up shortly after this.
In 1992, Dag Nasty reformed with Dave Smalley on vocals and released the album Four on the Floor. In 1991, Selfless Records had released 85-86, a collection of early, pre-Can I Say recordings.
In 2002 the band got back together, this time with Dave Smalley back on the mic, returning the band to an overdone hardcore sound. The result of this reunion was the album Minority of One. To this day they still release the occasional record, though Dag Nasty remains more of a side project for its members than a full-time active band. Peter Cortner, who has not been involved with the band directly for years, completed his education as a lawyer, practiced law and recently became a schoolteacher. While strictly as a personal hobby now, Peter has continued to make music under the names GPFA and, more recently, in a collaboration with Philidelphia area musicians entitled The Gerunds. The other members of the band have remained involved in music.
Dag Nasty discography:
- 1986 Can I Say (Dischord)
- 1987 Wig Out at Denko's (Dischord)
- 1988 Field Day (Dutch East India)
- 1991 85-86 (Selfless)
- 1992 Four on the Floor (Epitaph)
- 2002 Minority of One (Revelation)
- Wig Out at Denko's was remastered and re-released by Dischord in 2002.
External links
- [http://www.lyricsdir.com/dag-nasty-lyrics.html Dag Nasty Lyrics]
Category:Dischord Records
Category:Epitaph Records groups
category:hardcore punk groups
aminokwasy sprzet slots narty milan italy hotels
|
|
|
| :: RELATED NEWS :: |
Radogost (imię)
Radogost - imię męskie pochodzenia słowiańskiego. Znaczenie imienia: "chętnie goszczący (na obcych ziemiach, z mieczem)" - typowe wojenne imię Słowian. Jest odwróceniem imienia Gościrad.
Jest to jedno z najwcześniej znanych nam imion słowiańskich (w formie Ardagast w VI wieku n.e.)
Radogost imieniny obchodzi Radosław lub Racisław.
Żeńskie odpowiedniki: Racsława, Racława, Ratsława, Recsława, Recława, Rzymian, biała lub czerwona opaska wełniana noszona przez kapłanów. Atrybut kapłański podobnie jak mitra.
Od XIII w. nakrycie głowy biskupów, infułatów i opatów w formie wydłużonej czapki składającej się z dwóch wysokich, połączonych ze sobą, bogato haftowanych trójkątów (według papieża | |