:: wikimiki.org ::
| Mongke Khan |
Mongke KhanMöngke (ook gespeld als Mongke, Möngka, Mangu, enz., ca. 1208-1259) was vierde khan van het Mongoolse Rijk. Hij was de zoon van Tolui en Sorghaghtani Beki, een broer van Hulegu en een kleinzoon van Dzjengis Khan. Möngke was khan van het Mongoolse Rijk van 1251 tot 1259.
Möngke nam voor zijn periode als khan onder andere deel aan de militaire campagne in Europa (1236-1242), de campagne tegen de steppevolkeren in het zuidoosten van Rusland, de vernietiging van Kiev en de aanval van Hongarije. In de zomer van 1241, vóór het voorbarige eind van de campagne, keerde Möngke naar zijn geboorteland Mongolië terug.
Na de dood van derde khan, Güyük, bleek Möngke de meest geschikte opvolger van alle nakomelingen van Genghis die poogden de positie te bekleden.
Möngke, aks khan, gaf veroveringen een hogere prioriteit dan Güyük. Hij mengde zich meer in de oorlog in China en had het bevel over zijn troepen in de strijd tegen de Song-dynastie. Onder zijn leiding veroverde de Mongolen veel steden langs de noordelijke grens van China. Deze acties maakten uiteindelijk de totale verovering van China een kwestie van tijd. Hij verzocht zijn broer Hülegü naar het zuidwesten te gaan, en besloot dat het Mongoolse Rijk zich tot Egypte moest uitbreiden. De Europese verovering werd veronachtzaamd vanwege de voorrang die Möngke gaf aan de andere twee strijdtonelen.
Möngke kreeg uiteindelijk dysenterie en stierf in 1259.
Categorie:Heerser Mongoolse Rijk
ja:モンケ
1208
----
Gebeurtenissen:
- In de stad Orange wordt onder Guillaume des Baux de kathedraal Nôtre-Dame de Nazareth ingewijd.
- Na een bezoek aan het grafelijk hof te Toulouse wordt de pauselijke legaat Pierre de Castelnau bij het oversteken van de Rhône vermoord. Paus Innocentius III schuift de moord in de schoenen van de Katharen en gebruikt de moord om koning Filips II Augustus onder druk te zetten om een Kruistocht tegen de Albigenzen (Katharen) te organiseren.
----
Geboren:
----
Overleden:
Categorie:13e eeuw
ko:1208년
Khan (titel)Khan is een titel voor een Mongoolse of Arabische leider en heerst over een kanaat. De naam betekent heerser, maar wordt soms ook vertaald als koning.
Categorie:Staatshoofd
Categorie:Militaire titulatuur
ja:ハーン
Mongoolse RijkHet Mongoolse Rijk werd begin 13e eeuw gesticht door Dzjengis Khan. Het omvatte op zijn hoogtepunt een gebied dat zich uitstrekte van Zuidoost-Azië tot Oost-Europa. Het was toen het grootste imperium uit de wereldgeschiedenis.
__TOC__
Tijdlijn van de heersers van het Mongoolse Rijk
Het verenigen van stammen
imperium
Vóór Genghis Khan (1155/1162 of 1167 - 18/8/1227) aan de macht kwam, bestond Mongolië uit een groot aantal rivaliserende stammen die een lange geschiedenis van onderlinge conflicten hadden. Door een combinatie van diplomatie, organisatietalent, militaire capaciteiten en brutaliteit slaagde Temüjin (dit is de oorspronkelijke naam van Genghis Khan) erin om de verschillende stammen, ondanks hun conflictueuze voorgeschiedenis, tot één Mongoolse natie te verenigen.
Na zijn machtsovername in 1206 stelde hij een geschreven code van wetten op, de "Yasa". Hij eiste strikte gehoorzaamheid aan deze wetten.
Vele stammen traden ook vrijwillig toe tot het rijk van Genghis. Dit bracht hen het voordeel te kunnen leven onder een sterke leiding in een ééngemaakt rijk. Er ontstond een hoog moreel niveau alsook een verfijnd sociaal en economisch systeem.
De stichting van een imperium
In 1206 - na het met succes verenigen van de verschillende stammen - gaf de Khurultai, de raad van Mongoolse leiders, Temüjin de titel van „Genghis Khan“ (andere spellingen van zijn naam zijn Jenghis Khan, Dzjengis Khan en Chingis Khan). Dit betekent letterlijk 'opperste veroveraar'.
Genghis Khan zette de lange reeks Mongoolse aanvallen op China voort. Hij had meer succes dan zijn voorgangers daar hij over een krachtig militair apparaat beschikte.
Als grote Khan, gebruikte hij het militaire systeem van de Hunnen dat op het decimale stelsel was gebaseerd. De legers werden ingedeeld in groepen van 10, 100, 1000 of 10.000 soldaten. De soldaten namen hun familie en paarden met zich mee. Elke ruiter had 2 tot 4 paarden, zodat er altijd voldoende transportmiddelen ter beschikking waren. Aan het begin van zijn militaire campagnes had Genghis echter niet meer dan 25.000 militairen.
China
Tijdens de periode van Khurultai raakte Genghis verwikkeld in een oorlog met de Westelijke Xia. Dit was de eerste van zijn buitenlandse veroveringsoorlogen. In 1209, bij de ondertekening van de vrede, had hij de heerschappij over de westelijke gebieden van de Xia veroverd.
Een belangrijk doel van Genghis was de verovering van Jin. Jin was een keizerrijk dat Noord-China omvatte, en beheerst werd door de Jurchen, een nomadisch aan de Mongolen verwant volk dat ook sterk door de Chinese cultuur beïnvloed was. Hij verklaarde de oorlog in 1211. Hij had toen slechts een leger van 150.000 mensen ter beschikking op een totale bevolking van 700.000. Het Jin-leger telde meer dan 2 miljoen (misschien 3-5 miljoen) soldaten terwijl de Noord-Chinese bevolking bestond uit meer dan 80 miljoen mensen. Bondgenoot van Mongolië was de Zuidchinese Song-dynastie, die zijn noordelijke gebieden en oude hoofdstand aan de Jin verloren had.
De Mongolen waren superieur op open terrein, maar het lukte hen niet goedbewaakte steden in te nemen. Met behulp van Chinese ingenieurs, die waren gevangengenomen, ontwikkelden Genghis en zijn medewerkers geleidelijk aan een reeks technieken die hen uiteindelijk tot de meest succesvolle belegeraars in de geschiedenis van de oorlogvoering zouden maken.
De Jin versloegen de Song, maar werden op hun beurt door de Mongolen verslagen. In 1233 had Genghis het grondgebied van Jin zo ver zuidwaarts als de Grote Muur van China veroverd en geconsolideerd. Hij trok toen met drie legers door het grondgebied van Jin, tussen de Grote Muur en de Gele Rivier. Met zijn leger van 75.000 man versloeg hij de troepen van Jin, die 600.000 soldaten telden. Hij verwoestte noordelijk China, nam talrijke steden in en in 1215 belegerde hij de hoofdstad Yanjing (het huidige Peking). De Jin-keizer, Xuan Zong, weigerde zijn hoofdstad over te dragen. Zijn opvolgers werden echter verslagen in 1234.
1234
Centraal-Azië
Het Mongoolse leger raakte uitgeput na tien jaar van ononderbroken veldslagen tegen de Westerse Xia en Jin. Genghis zond kleine groepen strijders naar het westelijke gebied. In 1218 had de Mongoolse staat zich naar het westen uitgebreid tot aan het Balkhashmeer en grensde aan Khwarizm, een moslimgebied aan de Kaspische Zee in het westen en aan de Perzische Golf en de Arabische Zee in het zuiden.
In 1218 stuurde Genghis gezanten naar een oostelijke provincie van Khwarizm met de bedoeling handelsbetrekkingen met het Khwarizmidische Rijk aan te knopen. De gouverneur van de provincie doodde hen en Genghis nam wraak met een leger van 200.000 man. De Mongolen namen snel de stad in. Ze maakten de gouverneur af door gesmolten zilver in zijn oren en ogen te gieten.
In 1219 besloten de Mongolen dat hun rijk in de moslimwereld verder uitgebreid moest worden. Mongoolse horden marcheerde door de hoofdsteden van Khwarizm, Boechara, Samarkand en Balkh. Ze overvielen sjah Mohammed. Deze kon zich niet weren tegen de veel vluggere Mongolen en werd gedwongen tot de terugtocht. In het nauw gedreven doodde de sjah zichzelf. In 1220 was het Khwarizmisch Rijk in Mongoolse handen.
Nu splitsten de Mongolen hun legers. Genghis leidde een afdeling tijdens een inval in Afghanistan en noordelijk India. Een ander leger, geleid door Subedei, marcheerde door de Kaukasus en Rusland. Geen van beide campagnes voegde grondgebied aan het imperium toe, maar de Mongolen plunderden steden en versloegen alle legers die zij ontmoetten. In 1225 keerden beide legercontingenten naar Mongolië terug. Transoxanië en Perzië werden wel aan het reeds reusachtig imperium toegevoegd.
Dit vestigde de reputatie van Genghis Khan als bloeddorstige strijder. Zijn legers doodden, vernietigden en plunderden schijnbaar zonder genade alles wat weerstand bood. Zij gebruikten burgers als menselijke schilden en slachtten vaak systematisch alle overlevenden na hun invallen af wanneer zij zich niet overgaven. Kunstenaars, schrijvers en taalspecialisten werden niet gedood deze konden als krijgsgevangenen nuttig zijn.
Europa
Terwijl Genghis zijn krachten in Perzië en Armenië bundelde, drongen 40.000 van zijn manschappen diep in Armenië en Azerbaijan door. Daar vermoordde Genghis Georgische kruisvaarders, nam een Genuese handelsvesting in de Krim in en verbleef in de winter dichtbij de Zwarte Zee. Genghis kwam er in aanvaring met Prins Mstitslav van Kiev en zijn 80.000 man; de Slag van de Kalkarivier volgde in 1223. Wederom wonnen Genghis' troepen de strijd.
Batu Khan, kleinzoon van Genghis en zijn begaafdste familielid, veroverde met zijn troepen in Oost- en Midden-Europa Polen en Hongarije. Zijn tegenstanders werden door legers van Duitse Teutonische ridders gesteund. De Slag van Legnica volgde in 1241.
De laatste campagne
Slag van Legnica
De ondergeschikte keizer van de Westelijke Xia had geweigerd om aan de oorlog tegen de Khwarizm deel te nemen. Terwijl Genghis in Iran was, hadden de Westelijke Xia en Jin een alliantie tegen de Mongolen gevormd. Genghis was op de hoogte van deze plannen en trof, na een tijd van rust en reorganisatie van zijn legers, voorbereidingen voor oorlog tegen zijn vijanden. Hij bracht een leger van 180.000 man op de been voor een nieuwe campagne.
In 1226 viel Genghis Khan de Tanguten (Westelijke Xia) aan. In februari nam hij de steden Heisui, Gan-Zhou en Su-Zhou in en in de herfst Xiliang. Een generaal van de Westelijke Xia daagde de Mongolen uit voor een veldslag dichtbij de berg Helanshan. De legers van de Westelijke Xia werden verslagen. In november belegerden zijn troepen de stad Tangut, kruisten de Gele Rivier en versloegen het Tangut hulpleger.
In 1227 viel Genghis Khan de hoofdstad van de Tanguten aan, en in februari nam hij Lintiao in. In maart veroverde hij de prefecturen Xining en Xindu, en in april kwam de prefectuur Deshun in zijn handen. In Deshun verzetten de Westelijke Xia zich, onder generaal Ma Jianlong, dagenlang tegen de Mongolen. Ma Jianlong stierf na met pijlen te zijn beschoten.
Genghis ging, na het veroveren van Deshun, naar de berg Liupanshan (provincie Qingshui/Gansu) om daar een schuilplaats te zoeken voor de hete zomer. Op die berg verklaarde hij aan zijn kameraden in een beroemde toespraak dat hij één jaar daarvoor vijf sterren in één lijn had gezien en hij vroeg de Mongolen geen mensen in het wilde weg te doden.
De Tanguten gaven zich officieel over in 1227, na 190 jaar te hebben bestaan, van 1038 tot 1227. De Mongolen doodden de keizer van de Tanguten en zijn koninklijke familieleden.
Voorbereiding voor opvolging
Toen Genghis Khan ouder werd, begonnen zijn nakomelingen te kibbelen over wie zijn opvolger als Grote Khan zou worden. Genghis zelf verkoos zijn derde zoon Ogedei als volgende Grote Khan.
Vlak vóór zijn dood verdeelde hij zijn imperium onder zijn vier zonen. Jochi was de oudste , maar het was onzeker of hij een biologische zoon van Genghis was. Daarom werd het Mongoolse Rijk verdeeld onder zijn overige zonen.
Batu werd leider van de Blauwe Horde, Orda van Witte Horde en Chagatai kreeg Centraal-Azië en noordelijk Iran toegewezen. Ogedei kreeg China toegewezen. Tolui, de jongste zoon, kreeg gezag over het Mongoolse geboorteland.
Op zijn sterfbed in 1227 schetste Genghis Khan aan zijn jongste zoon, Tolui, de plannen die later door zijn opvolgers werden gebruikt om de vernietiging van het rijk van Jin te voltooien.
In 1229, twee jaar na zijn dood, selecteerde de Mongoolse Kurultai formeel Ogedei als volgende Grote Khan van het Mongoolse Rijk.
Dood van Genghis
In zijn laatste campagne tegen de Westelijke Xia stierf Genghis Khan op 18 augustus 1227. De doodsoorzaak werd niet eenduidig vastgesteld. Er zijn diverse speculaties in omloop: val van zijn paard, dood door ouderdom, gedood door zijn tegenstanders (met name de Tanguten).
Nadat hij stierf, werd zijn lichaam teruggegeven aan Mongolië. De escorte van aanhangers doodde op de terugreis iedereen die hun weg kruiste. Het is niet bekend waar Genghis Khan uiteindelijk begraven werd. Bij zijn begrafenis zouden 40 babykamelen in het graf zijn opgenomen, opdat hun moeders daar in de buurt zouden blijven.
Het Mausoleum van Genghis Khan is een gedenkteken, niet zijn begraafplaats.
Op 6 oktober 2004 zou het „paleis van Genghis Khan“ ontdekt zijn, wat een ontdekking van zijn begraafplaats waarschijnlijk kan maken.
Organisatie van het Mongoolse Rijk
Politiek en economie
Genghis Khan was een strenge leider. Hij vaardigde wetten uit die van toepassing waren voor iedereen in zijn imperium. Op complotvorming of collaboratie met de vijand stond de doodstraf. Binnen het Mongoolse rijk was de etnische, godsdienstige en stam-diversiteit zeer groot. Dit gold zowel voor de burgers als voor de militairen. Er waren onder meer naast de Mongolen Perzen, Chinezen en Europeanen. Genghis Khan liet plaatselijke leiders aan de macht zolang zij manschappen voor zijn leger leverden, belasting betaalden en arbeid in zijn dienst lieten verrichten.
Door de omvang van het imperium, beïnvloedde de Mongoolse cultuur sterk de culturen van vele Aziatische landen, in het bijzonder die van China en Rusland. Genghis Khan vernietigde de bestaande aristocratie in elk gebied dat hij veroverde en stelde een regering samen gekozen op grond van prestaties en capaciteiten.
Hij voerde een uitgebreid postsysteem in met koeriers die zich te paard zeer snel konden verplaatsen. Hij zorgde voor het gebruik van een universeel alfabet, hoewel hijzelf vele jaren ongeletterd was geweest. Dit alfabet werd overgenomen van de begin 13e eeuw 'overmeesterde' Oeigieren. Onlangs hebben de bevindingen van Chinese en Mongoolse wetenschappers aangetoond dat Genghis Khan op latere leeftijd een geletterd man was. Van een met de hand geschreven nota werd bewezen dat ze van hem was; de inhoud van de nota wees erop dat hij taoïstische preken kon lezen2.
De handelaren en geestelijken kregen bescherming en begeleiding in het Mongools Rijk en stonden hoog in aanzien. Onder de regering van Genghis Khan waren alle individuen en godsdiensten gelijk overeenkomstig de Mongoolse wet.
Genghis Khan moedigde de handel aan en zorgde voor een constante uitwisseling van goederen. De handel tussen China, het Midden-Oosten en Europa groeide vooral dankzij de politieke stabiliteit in het Mongoolse Rijk, de Pax Mongolica. De Zijderoute werd onder het bewind van Genghis Khan opnieuw in gebruik genomen.
Genghis Khan verbood marteling in zijn provincies, stelde leraren en artsen vrij van belastingen en waarborgde vrijheid van godsdienst. Diverse talen verbreidden zich. Ook bloeiden verschillende godsdiensten in het Mongools Rijk.
Genghis Khan verenigde alle Mongoolse stammen. Dit wordt door sommigen als zijn grootste verwezenlijking gezien. Maar ook vele Turken, Iraniërs, Russen en Chinezen waren trouw aan Genghis. Door het respecteren van diegenen die zich niet tegen de Mongolen verzetten, beëindigde het Mongoolse leger immers vele conflicten. Genghis Khan zou ook de scheidingslijn tussen noordelijk en zuidelijk China, die in de Song-dynastie was ontstaan, opgeheven hebben. Door stammen en landen te verenigen konden de Mongolen het grootste imperium ter wereld stichten.
De Mongolen introduceerden de abacus en het kompas.
Een van de indrukwekkende verwezenlijkingen van Genghis Khan was dat hij erin slaagde de liefde en de steun van Mongolen te bekomen. Dit was geen eenvoudige opgave rekening houdend met de lange voorgeschiedenis van conflicten en stam-diversiteit.
Militair
kompas
De militaire strategie van Genghis Khan was superieur aan ieder andere in 12e en 13e eeuw.
De manier waarop het Mongoolse leger te werk diende te gaan was aan duidelijke regels gebonden die waren beschreven in de Yasa, de wet van Genghis.
Genghis organiseerde de Mongoolse militaire groepen in veelvouden van tien (d.w.z. 10 (arban), 100 (zuun), 1000 (myangan), 10.000 (tumen)). Elke groep militairen had een specifieke leider. Hoe groter de groep was hoe hoger de rang van de betreffende commandant. Deze bevelstructuur bleek hoogst efficiënt te zijn en stond het Mongoolse leger toe om zowel in grote als in kleinere groepen aan te vallen of te omsingelen. In kleine groepen kon een vluchtend en gebroken leger gemakkelijk ontwapend worden. Elke eenheidsleider was verantwoordelijk voor de voorbereiding van zijn militairen; hij werd ontslagen als hij daarvoor ongeschikt bleek te zijn.
Het Mongoolse leger bestond uit colonnen, die gewoonlijk drie afzonderlijke afdelingen omvatten. Zo konden de twee zijafdelingen van de centrumcolonne divergeren wanneer daartoe behoefte was. De flankcolonnen gingen vaak naar 'naburige gebieden'. Het gebruik van deze zijafdelingen werkte effectief om kennis van de tegenstanders te verzamelen en kleinere groepen te elimineren. Deze flankcolonnen hadden boodschappers die hun kennis constant doorgaven aan de moedercolonne. Soms werden tegenstanders die zich overgaven geabsorbeerd in het leger en dienden ze als menselijke schilden.
De militaire filosofie bestond erin tegenstanders met het minste risico op nederlagen aan te vallen. Het Mongoolse leger kon het zich niet veroorloven mensen te verliezen, daar zij in vergelijking met hun tegenstanders vaak veel minder in aantal waren.
Vóór elke invasie van een gebied troffen Genghis en zijn generaals uitgebreide voorbereidingen in Kurultai. Daar werd besloten hoe de aanstaande oorlog moest geleid worden en welke generaals gingen deelnemen. Zij beslisten hoeveel eenheden moesten worden ingezet. Ter zelfde tijd probeerden ze een inzicht te krijgen in de kennis van hun tegenstanders. Dankzij de mobiliteit van het Mongoolse legers kon een complex kennisnetwerk uitgebouwd worden. De kennis kon vlug in alle hoeken van het Mongoolse Rijk worden verspreid. Tijdens de voorbereiding van de oorlog werden verkenners uitgestuurd in de vier windrichtingen om de mogelijke activiteit van de vijand op te sporen. Militairen konden tot 300 km overbruggen in één of twee dagen, hetgeen in die tijd heel ongewoon was.
Het Mongoolse leger was zeer flexibel mede dankzij het uithoudingsvermogen van zijn militairen. Elke Mongoolse militair had 2 à 4 paarden, wat hem toestond om dagenlang te galopperen zonder ophouden. Hij kon ook dagen leven van alleen maar het bloed van zijn paard. In zware tijden werd droog jakkenvlees gegeten.
Bij het integreren van nieuwe militairen, verdeelde Genghis Khan de nieuwelingen onder verschillende leiders om clanvorming te voorkomen. Slechts door verdienste konden militairen tot een hogere rang worden bevorderd. In alle campagnes namen de militairen hun families mee.
De Mongoolse cavalerie had een zeer lichte uitrusting. Ook mede daardoor was het leger zeer mobiel hetgeen hen toeliet vlug aan te vallen en zich snel terug te trekken. Eén van de gebruikte technieken was het in scène zetten van de terugtocht tijdens een veldslag. Dit gaf de tegenstanders de indruk dat de Mongolen zich overgaven. Wanneer zij zich dan terugtrokken, sloegen de Mongolen met een verrassingsaanval toe.
De Mongolen verkozen meestal het lange-afstandsvechten. Hun superieure boogschuttertechniek kwam hierbij goed van pas. Zo werd hen aangeleerd de pijlen af te vuren op het ogenblik dat hun paarden de grond niet raakten. Op die manier was de trefzekerheid groter. De Mongoolse leiders gebruikten vlaggen en hoorns om de strategieën door te geven aan de soldaten.
Het belangrijkste wapen van de Mongoolse militair was de dubbel-recursieve boog. Deze had een grotere reikwijdte dan andere bogen uit de 12e en 13e eeuw. Het Mongoolse zwaard was gebogen, licht en uiterst efficiënt in vergelijking met de Europese lange en zware zwaarden. De Mongoolse stijl van strijden was gebaseerd op de manier van leven op de steppe. Zij waren gewend te reizen in grote snelheid over lange afstanden met weinig bagage.
Genghis Khan paste met succes psychologische oorlogvoering toe, waarbij het verspreiden van angst een belangrijke factor was. Waar weerstand geboden werd tegen zijn leger, bood Genghis Khan de steden of dorpen, in ruil voor loyaliteit, zijn diensten aan. Werd het aanbod geweigerd dan werd aangevallen. Telkens liet Genghis een paar burgers ontsnappen zodat zij het verhaal van hun verlies op andere plaatsen konden doen. Wanneer eenmaal het gerucht ging dat de Genghis Khan iedere weerstand aankon, werd het veel moeilijker mensen te overtuigen tegen hem te strijden.
Steden die zich overgaven werden gespaard en Genghis Khan waarborgde de bescherming van de inwoners. In de steden die zich verzetten werden de bewoners genadeloos afgeslacht.
Genghis Khan maakte uitgebreid gebruik van technologieën die hij in andere culturen vond. Een voorbeeld zijn de belegeringsmachines. Deze waren een belangrijk onderdeel van de oorlogvoering, vooral bij het aanvallen van versterkte steden. Gewoonlijk werden deze machines gedemonteerd, gedragen op paarden en geconstrueerd op de plaats waar zij moesten worden gebruikt. Voor de constructie van deze machines had Genghis Chinese technici gerekruteerd uit hun moederland.
Wanneer de veldslagen en de belegeringen over waren, volgden de Mongoolse legers de vijandelijke leiders. Ontsnappen was niet mogelijk. De Mongoolse legers doodden hen. Hergroepering van tegenstanders kwam alzo niet vaak voor.
Na Genghis Khan
Na de dood van Genghis in 1227, zette zijn opvolger Ögedei Khan de uitbreiding van het imperium verder. Zijn manschappen breidden het Mongoolse Rijk uit in Perzië, de resten van de Khwarizm. Er ontstond een conflict met de Song-dynastie in China. Dit leidde tot een oorlog, die tot 1279 zou duren. Uiteindelijk werd deze oorlog door de Mongolen gewonnen en was de verovering van China een feit.
In de late jaren 1230 vielen de Mongolen onder Batu Khan Rusland binnen, waar de tegenstand zwak was. Ze rukten verder op naar Oost-Europa. In 1240 drongen ze door tot Budapest, de hoofdstad van Hongarije. In 1241 stonden de Mongolen voor de keuze of zij westelijk Europa zouden binnenvallen ( ze hadden de Pools-Duitse en Hongaarse legers in de Slag van Legnica en de Slag van Mohi verslagen ) dan wel of ze naar hun geboorteland zouden terugkeren om aan de verkiezing van volgende Grote Khan deel te nemen. Ze kozen het laatste.
In 1258 doodde Genghis Khans kleinzoon Hulegu Khan, die op de Mongoolse basis in Perzië verbleef, de kalief van de Abbasiden in Bagdad en poogde de sekte van de Assassijnen uit te roeien. Deze laatste vertrokken van Palestina naar Egypte.
Nadat de Grote Khan Möngke was gestorven, haastte Hulega zich naar Mongolië voor de verkiezing van de nieuwe Khan. De troepen, die in Palestina bleven, werden overmeesterd door Mammeluken onder de Baibars in 1261 in Ayn Jalut.
Opeenvolgende leiders
Ayn Jalut]
Na de dood van de grote leider Genghis Khan, volgden verschillende jaren van politieke onrust en de ene Khan kwam snel na de andere. Gedurende twee jaar was er geen Khan. Tolui was regent van 1227 tot 1229.
Ögedei Khan regeerde van 1229 tot 1241.
Van 1241 tot 1246 bekleedde Töregene Khatun het ambt.
Zij werd door Güyük Khan (1246-1248) opgevolgd.
Oghul Ghaymish regeerde van 1248 tot 1251.
Möngke Khan, de kleinzoon van Genghis, werd benoemd tot Grote Khan in 1251.
Hij wees zijn broer, Koeblai Khan, een provincie in Noord-China toe. Kublai breidde het Mongoolse imperium uit nadat hij in 1260 aan de macht kwam. Hij was tactisch sterk.
Desintegratie
Kublai bleek een goede veroveraar te zijn, maar sommigen vonden dat hij te lang in China bleef en een te afwachtende houding aannam. Toen hij zijn hoofdkwartier naar Peking verplaatste, ontstond een grote opstand in de oude hoofdstad, die Kublai nauwelijks kon onderdrukken.
De reden voor de verplaatsing van de hoofdstad was dat Kublai Khan Peking meer met de Chinese cultuur associeerde. Hij vond de oorlog met de Song-dynastie het belangrijkst. In het Westen werd daardoor terrein verloren.
Kublai was een echte onderhandelaar. Hij concentreerde zich op de buitenlandse allianties en zorgde ervoor dat nieuwe handelsroutes werden geopend. Hij dineerde dagelijks met een groot hof en had contacten met vele ambassadeurs en buitenlandse handelaars. Het verhaal gaat dat hij zelfs aanbood om zich tot het christendom te bekeren als deze godsdienst door 100 priesters correct werd bevonden.
Onder Kublai's regering kregen de oude vijanden kansen om terrein terug te winnen. Het imperium raakte in verval. Het rijk werd - nog tijdens Kublai's leven - verdeeld in een aantal kleinere gebieden. Kublai stierf in 1294.
Het verval versnelde nadat zijn opvolger er niet in slaagde het Mongoolse beleid te handhaven dat decennia effectief was gebleken.
Ook slaagden zijn erfgenamen er niet in om de Pax Mongolica te behouden en de Zijderoute tegen plunderaars te beschermen.
Rivaliteit onder de familieleden van de Khan en het feit dat veel Khans op vrij jonge leeftijd stierven, verhaastten de desintegratie van het imperium. Er moest telkens een nieuwe opvolger worden gekozen, wat de stabiliteit in het rijk niet ten goede kwam.
Een andere factor die tot de ondergang bijdroeg was de daling van het moreel van de bevolking toen de hoofdstad van Kharakhorum naar Peking werd verplaatst.
Toen het Mongoolse Rijk ineenstortte, ontstond de Yuan-dynastie in China, de Gouden Horde in Centraal-Azië en het Ilkhanaat in Perzië.
Zie ook
- Lijst van Mongoolse khans
- Mongolen
- Geschiedenis van Mongolië
- Geschiedenis van China
- Dzjengis Khan
- Tamerlane
- 13e eeuw
Externe links
- [http://www.fsmitha.com/h3/h11mon.htm Genghis Khan en de Mongolen]
- [http://www.allempires.com/empires/mongol/mongol1.htm Het Mongoolse Rijk]
- [http://www.accd.edu/sac/history/keller/Mongols/intro.html Mongolen]
Categorie:Mongolië
ja:モンゴル帝国
ko:몽골 제국
th:จักรวรรดิมองโกล
ToluiTolui (of Toluy, ca. 1190–1232) was de jongste zoon van Dzjengis Khan en Börte. Zijn ulus, of territoriale overerving, bij de dood van zijn vader in 1227 was het geboorteland Mongolië. Hij nam Ögedei aan als tweede khan. Tijdens de campagnes van zijn vader had hij al in de campagnes tegen Jin en de Khwarezmiden gediend.
Tolui was Khan van het Mongoolse Rijk van 1227 tot 1229.
Categorie:Heerser Mongoolse Rijk
Dzjengis Khan
Dzjengis Khan geboren als Temüjin (Mongools: Тэмүүжин), (1155/1162/1167 - 18 augustus 1227) was een Mongools heerser en veroveraar die de Mongoolse stammen verenigde en een imperium stichtte dat zich uitstrekte van China tot aan de rivier de Donau.
De naam van Dzjengis Khan wordt ook wel geschreven als Genghis Khan, Mongools: Чингис Хаан, uitspraak: . Letterlijk betekent zijn naam: opperste veroveraar.
Korte beschrijving
Temüjin volgde zijn vader, Yekusai, op als leider van een Mongoolse stam en verenigde later de Mongoolse stammen tot een confederatie. Na de onderwerping van vele stammen van Mongolië en het vestigen van zijn hoofdstad in Karakorum, hield Temüjin een grote vergadering, khuriltai, waarbij hij de leiding van de Mongolen op zich nam en zijn titel Dzjengis Khan aannam. Hij kondigde een gedragscode af en reorganiseerde zijn legers. Hij viel het imperium van de Kin-familie in Noord-China binnen en had in 1215 het grootste deel van zijn grondgebied bezet, waaronder de hoofdstad, Yenching (nu Peking). Van 1218 tot 1224 veroverde hij Turkestan, Transoxanië en Afghanistan en viel Perzië en Oost-Europa binnen.
Dzjengis Khan regeerde over een van de grootste landrijken die de wereld ooit heeft gekend. Hij stierf tijdens zijn campagne tegen de Jurchen, en zijn enorme domeinen werden verdeeld onder zijn zonen en kleinzonen. Zijn oorlogen werden gekenmerkt door veel bloedvergieten, maar Dzjengis Khan was een groot heerser en een militaire leider.
Hij was ook de grootvader van Koeblai Khan, de eerste heerser van de Yuan-dynastie in China.
Op 6 oktober 2004 ontdekten Japanse en Mongoolse archeologen het waarschijnlijke graf van Dzjengis Khan.
Jeugd
Temüjin werd geboren tussen 1155 en 1167 (meestgenoemde jaartallen zijn 1155, 1162 en 1167). Hij was de tweede zoon van Yesükhei, een stammenleider van de Kiyad (enkelvoud: Kiyan). De clan van Yesükhei werd Borjigin genoemd (meervoud: Borjigid). Zijn moeder heette Hoelun en behoorde tot een stam genaamd Olkunut. Temüjin werd vernoemd naar een verslagen rivaliserende leider.
Het vroege leven van Temüjin werd getekend door tal van moeilijkheden. Toen hij negen jaar oud was, huwelijkte zijn vader hem uit aan de familie van zijn toekomstige vrouw, waar hij bij moest wonen tot hij de huwbare leeftijd van 14 zou bereiken. Kort daarna werd zijn vader echter vermoord (vergiftigd) door een naburige stam. Temüjin werd daarna volgens gewoonterecht leider van de stam. Zijn stam, die weigerde door een kind te worden geleid, liet hem en zijn familie echter in de steek. De daaropvolgende jaren leefden hij en zijn familie als arme nomaden. Ze overleefden hoofdzakelijk door het eten van knaagdieren. Zijn moeder Hoelun leerde hem te overleven in het ruwe klimaat van Mongolië, vooral door gebruik te maken van de hulp van anderen. In zijn latere jaren zou hij deze kennis in de praktijk brengen.
Rond de leeftijd van 16, trouwde Temüjin met Börte uit de stam Konkirat, en ontving een mantel van zwart sabelbont als bruidsschat; dit waardevolle stuk kwam hem later goed van pas. Later werd zijn vrouw ontvoerd tijdens een inval door de stam Merkit. Temüjin onderhandelde met zijn vriend en latere rivaal, Jamuka, met een lokale machthebber, Toghril, die hij de mantel aanbood. Toghril hielp hem en werd zijn beschermer en Börte werd bevrijd. De geboorte van het eerste kind van Börte, Jochi, volgde spoedig daarna. Er bestond daarom altijd enige twijfel over het vaderschap van deze oudste zoon.
Zelfs op jonge leeftijd toonde Genghis een uitzonderlijke volharding en toewijding. Andere stammenleiders begonnen zijn charismatische karakter te erkennen.
De "opperste leider"
De sleutel tot het leiderschap van Dzjengis Khan was het verzamelen van loyale en talentvolle mensen om zich heen. Er ontstond een politieke en militaire hiërarchie. Zo was hij uiterst respectvol tegen anderen die aan hem loyaal waren, en het was niet ongewoon voor hem om bevriend te raken met vijandelijke vechters die loyaliteit toonden. Hij maakte zeer duidelijk dat degenen die op een bepaald gebied begaafd waren, allemaal een eerlijke kans kregen om te worden bevorderd. Dit was in tegenspraak met de gewoonten onder de mongoolse stammen. Dzjengis Khan scheen niet veel om persoonlijke rijkdom te geven. Hij leefde immers als een nomade. Hij sprak alleen Mongools en kon niet lezen en schrijven. In plaats van persoonlijke rijkdom te vergaren deelde hij de goederen die hij in zijn bezit kreeg bij zijn veroveringen met zijn mensen en allianties. Hij werd daarom gezien als zeer grootmoedige leider. Zijn politieke ideologie stond zwart op wit in zijn geschreven wet: de „Yasa“. Hij wees zijn zoon Chagatai Khan aan als de persoon die de gerechtelijke besluiten betreffende Yasa moest treffen. Deze stond bekend een als zeer loyaal verdediger van Genghis en zijn beleid.
Dzjengis Khan geloofde in meritocratie, leiders die werden gekozen op grond van prestaties en capaciteiten, in tegenstelling tot de mongoolse aristocratie waar leiderschap erfelijk was. Deze filosofie kreeg duidelijk gestalte bij de opbouw van zijn imperium, vooral bij de selectie van overheidsfunctionarissen en bevelhebbers voor zijn veldslagen. Hij was zich als geen ander bewust van het belang van het verbreiden van zijn ideeën en de invloed van de geschreven taal. Hij was bereid om te zorgen voor vreedzame handel en ontwikkeling door de politieke stabiliteit op de zijderoute veilig te stellen. Hij creëerde handelsroutes die eerder door heersers en stammenleiders werden geblokkeerd. Hij verbood alle vormen van marteling en vernedering in het imperium.
Dzjengis Khan geloofde in het belang van kunst en wetenschappen. Leraren, artsen en intellectuelen werden vrijgesteld van belastingen en hij integreerde talentvolle mensen uit China in het Mongoolse Rijk. Dzjengis Khan vervolgde nooit iemand op godsdienstige gronden en geloofde in de politieke en militaire macht als gevolg van vrijheid van godsdienst in zijn imperium. Toen hij een veldslag voerde tegen de shah van het Khwarezmid-rijk, werd dit door de andere moslimleiders gezien als een niet-heilige oorlog tussen twee moslims. Zo zorgde Dzjengis Khan ervoor dat de andere moslims zich niet tegen hem gingen keren uit naam van de godsdienst.
Genghis was zich als geen ander bewust van wat anderen (tegenstanders) van hem dachten. Hij probeerde zijn vijanden zeer goed in de gaten te houden om zo op de hoogte te blijven van mogelijke tactieken.
Dzjengis Khan en zijn mensen beschouwden zich als het centrum en grootste van het heelal. Zij beschouwden ook het succes van Dzjengis Khan in conflicten als bewijs dat zij door de goden werden gesteund. Dzjengis Khan en de Mongolen waren zeer loyaal aan hun goden en hun normen en waarden waren zeer stevig in het Rijk opgenomen.
Dzjengis Khan, die in zijn jeugd vele ontberingen had meegemaakt, handhaafde zijn nomadische manier van leven. Hij bracht de sobere levensstijl over op zijn stamgenoten. Dzjengis Khan was godsdienstig en de Mongolen respecteerden in gelijke mate de „Eeuwige Blauwe Hemel“ (Munkh Huh Tenger) en de berg in centraal Mongolië, „Burhan Haldun Uul“, waar hij vaak vóór veldslagen bad.
Zoals Dzjengis Khan het zelf zei:
"Ik draag dezelfde kleding en eet hetzelfde voedsel als koeienherders en paardenherders. Wij brengen dezelfde offers en wij delen onze rijkdom. Ik kijk naar de natie als een pasgeboren kind en ik geef om mijn militairen alsof zij mijn broeders zijn."
Het verenigen van stammen
shah
Temüjin kwam aan de macht dankzij zijn vriend Toghril, een lokale leider. Hij sloot zich aan bij de Keriat, een confederatie van Mongolen die door Wang Khan (de titel van zijn beschermer Tohgril) werd geleid. Na succesvolle campagnes tegen de Tataren, werd Temüjin benoemd tot erfgenaam van Wang Khan. Dit leidde tot bitterheid van Senggum, de eerdere gedoodverfde erfgenaam van Wang, die het plan opvatte om Temüjin te vermoorden. Temüjin wist van de bedoelingen van Senggum en een grote burgeroorlog brak uit onder de Mongolen. Uiteindelijk versloeg Temüjin Senggum en volgde Wang Khan op. Temüjin stelde een geschreven code van wetten op voor de Mongolen, genaamd de "Yasa", en hij eiste dat deze zeer strikt werd gevolgd.
Temüjin viel ook andere stammen aan en vergrootte zijn macht. Door diplomatie, organisatie, militaire capaciteit en wreedheid tegen zijn medeburgers te combineren, slaagde Temüjin er definitief in om de stammen tot één enkele natie te verenigen (een monumentale prestatie voor de Mongolen, die een lange geschiedenis van stamgeschillen hadden).
Dzjengis Khan scheen een symbolische betekenis aan de naam Mongolië toe te wijzen. Zo was het niet ongewoon voor Dzjengis Khan om naar een persoon te verwijzen als „Mongools“ nadat diegene zich waardig had getoond. De term werd niet uitsluitend gebaseerd op het behoren tot een bepaald ras1.
Veel stammen traden vrijwillig tot het rijk van Genghis toe. Dat gaf hen het voordeel van een sterke leiding, eenheid en een goed moreel alsook het opbouwen van verfijnd sociaal en economisch systeem.
De stichting van een imperium
In 1206 had Temüjin met succes de vroeger versplinterde stammen van wat nu Mongolië is verenigd, en in de Khurultai/Khuriltai (een raad van Mongoolse leiders) kreeg hij de titel „Dzjengis Khan“ (Heerser van de wereld)(andere spellingen van zijn naam zijn Jenghis Khan, Djengis Khan en Chingis Khan). Hij zette de lange Mongoolse traditie van aanvallen op China voort, met meer succes dan tot dan toe gebruikelijk, aangezien hij een krachtige militaire machine had opgebouwd.
Als grote Khan, gebruikte hij het militaire systeem van de Hunnen dat op het decimale systeem was gebaseerd. De legers werden in groepen van 10, 100, 1000 of 10.000 soldaten verdeeld. De soldaten in het leger namen hun families en hun paarden met zich mee. Elke ruiter had 2 tot 4 paarden, zodat er altijd goede en fitte transportmiddelen beschikbaar waren. Aan het begin van zijn militaire campagnes had Genghis de beschikking over niet meer dan 25.000 militairen.
China
Tijdens de periode van Khuriltai raakte Genghis verwikkeld in een geschil met de Westelijke Xia. Dit was de eerste van zijn veroveringsoorlogen. Deze slaagde ondanks problemen bij de goed verdedigde westelijke steden van de Xia. In 1209, toen de vrede met de Westelijke Xia werd getekend, had hij in feite de heerschappij van westelijk Xia veroverd.
Een belangrijk doel van Genghis was de verovering van Jin (China). Hij verklaarde de oorlog in 1211. Dzjengis Khan had toen slechts 150.000 mensen tot zijn beschikking en een totale bevolking van 700.000, terwijl het Chinese leger meer dan 2 miljoen mensen (misschien 3-5 miljoen) had en de Chinese bevolking bestond uit meer dan 80 miljoen mensen. De Mongolen waren superieur op open terrein, maar het lukte hen niet de goedbewaakte steden over te nemen. Op hun typisch logische manier bestudeerden Genghis en zijn hoogontwikkeld personeel de problemen bij de aanval van vestingwerken. Met behulp van Chinese ingenieurs, die door Genghis waren gevangen genomen, ontwikkelden zij geleidelijk aan technieken die hen uiteindelijk succesvolste belegeraars in de geschiedenis van de oorlogvoering zouden maken.
Als gevolg van een aantal overweldigende overwinningen op het gebied en een paar veroveringen van vestingwerken diep binnen China, had Genghis het grondgebied van Jin zuidwaarts tot aan de Grote Muur van China veroverd en geconsolideerd in 1233. Hij viel de Grote Muur niet aan, maar trok er omheen. Hij ging toen met drie legers verder in het hart van het grondgebied van Jin, tussen de Grote Muur en de Gele Rivier. Hoewel Genghis slechts een leger van 75.000 man commandeerde, versloeg hij de troepen van Jin, die uit ongeveer 600.000 man bestonden. Hij verwoestte noordelijk China, nam talrijke steden in, en in 1215 belegerde hij de hoofdstad Yanjing (het tegenwoordige Peking). De Jin-keizer, Xuan Zong, weigerde zijn hoofdstad over te dragen. Zijn opvolgers werden definitief verslagen, maar dit gebeurde pas in 1234.
Centraal-Azië
Spoedig breidde het rijk zich ook naar het westen uit. Tegen die tijd raakte het Mongoolse leger echter uitgeput na tien jaar van ononderbroken veldslagen tegen de Westerse Xia en Jin. Daarom zond Genghis slechts kleine groepen strijders naar het westelijke gebied. In 1218 had de Mongoolse staat zich naar het westen uitgebreid tot aan het Balkhashmeer en grensde aan Khwarizm, een moslimgebied dat aan de Kaspische Zee lag in het westen en aan de Perzische Golf en de Arabische Zee in het zuiden.
In 1218 stuurde Genghis gezanten naar een oostelijke provincie van Khwarizm met de bedoeling om mogelijke handel met het Khwarizmidische Rijk te bespreken. De gouverneur van de provincie doodde hen en zond hun hoofden terug naar Gengis Khan. Genghis nam met een leger van 200.000 man wraak. De Mongolen veroverden snel de stad en executeerden de gouverneur door gesmolten zilver in zijn oren en ogen te gieten.
Op dit punt (1219) besloten Genghis' Mongoolse domeinen dat hun rijk in de moslimwereld verder uitgebreid moest worden. Mongoolse horden trokken systematisch door de hoofdsteden van Khwarizm (Boechara, Samarkand en Balkh), en overmeesterden de sjah, Mohammed, die bereid was om te vechten voor zijn land. Hij kon zich niet weren tegen de veel vluggere Mongolen en werd gedwongen tot een terugtocht. Uiteindelijk doodde de sjah zichzelf toen hij in het nauw werd gedreven; in 1220 werd het Khwarizmische Rijk uitgeroeid.
Nu verdeelden de Mongolen hun legers. Genghis leidde een afdeling tijdens een inval in Afghanistan en noordelijk India, terwijl een ander contingent dat door Subedei werd geleid door de Kaukasus en Rusland marcheerde. Geen van beide campagnes voegde grondgebied aan het imperium toe, maar de Mongolen plunderden steden en versloegen alle legers die zij ontmoetten. In 1225 keerden beide afdelingen naar Mongolië terug.
Deze invasies voegden Transoxanië en Perzië aan een reeds reusachtig imperium toe en vestigden de reputatie van Dzjengis Khan als bloeddorstige strijder. Zijn legers doodden, vernietigden en plunderden zonder genade alles wat weerstand bood. Zij gebruikten burgers als menselijke schilden en slachtten vaak systematisch alle overlevenden na hun invallen af als zij zich niet overgaven (behalve kunstenaars, schrijvers en taalspecialisten, die konden immers als krijgsgevangenen nuttig van pas komen).
Europa
Terwijl Genghis zijn krachten in Perzië en Armenië bundelde, drongen 40.000 van zijn manschappen diep in Armenië en Azerbeidzjan door. Daar vermoordde Genghis Georgische kruisvaarders, nam een Geneose handelsvesting in de Krim in en verbleef in de winter dichtbij de Zwarte Zee. Genghis kwam daar in aanvaring met Prins Mstitslav van Kiev en zijn 80.000 man; de Slag van de Kalkarivier volgde in 1223. Wederom wonnen Genghis' troepen de strijd.
Batu Khan, kleinzoon van Genghis en zijn begaafdste familielid, veroverde met zijn troepen in oostelijk en Midden-Europa Polen en Hongarije. Zijn tegenstanders werden door legers van Duitse Teutonische ridders gesteund. De Slag van Legnica volgde in 1241.
De laatste campagne
Slag van Legnica
De onderworpen keizer van de Westelijke Xia had geweigerd om aan de oorlog tegen de Khwarizmi deel te nemen. Terwijl hij in Iran was, hadden de Westelijke Xia en Jin een alliantie tegen de Mongolen gevormd. Genghis was op de hoogte van de plannen en trof, na een tijd rust en reorganisatie van zijn legers, voorbereidingen voor oorlog tegen zijn vijanden.
Tegen die tijd was Genghis ook voorbereidingen aan het treffen voor zijn opvolging. Hij selecteerde zijn derde zoon Ögedei als zijn opvolger. Ondertussen bestudeerde hij rapporten van de Westelijke Xia en Jin en bracht een leger van 180.000 man op de been voor een nieuwe campagne.
In 1226 viel Dzjengis Khan de Tanguten aan (Westelijke Xia). In februari nam Dzjengis Khan de steden Heisui, Gan-Zhou en Su-Zhou in en in de herfst nam hij Xiliang in. Een generaal van de Westelijke Xia daagde de Mongolen uit voor een veldslag dichtbij de berg Helanshan. (Helan betekent 'groot paard' in noordelijk dialect.) De legers van de Westelijke Xia werden verslagen. In november belegerden zijn troepen de stad Tangut, kruisten de Gele Rivier en versloegen het Tangut hulpleger. Genghis zag naar verluidt vijf sterren die in een lijn aan de hemel stonden. Hij vatte dit op als een voorteken.
In 1227 viel Dzjengis Khan de hoofdstad van de Tanguten aan, en in februari nam hij Lintiao in. In maart veroverde hij de prefecturen Xining en Xindu, en in april kwam de prefectuur Deshun in zijn handen. In Deshun verzetten de Westelijke Xia zich onder generaal Ma Jianlong dagenlang tegen de Mongolen. Ma Jianlong stierf later na met pijlen te zijn beschoten. Genghis ging, na het veroveren van Deshun, naar de berg Liupanshan (provincie Qingshui/Gansu) om daar een schuilplaats te zoeken in de hete zomer. Op die berg verklaarde hij aan zijn kameraden in een beroemde toespraak dat hij één jaar daarvoor vijf sterren in één lijn had gezien en dat de Mongolen geen mensen in het wilde weg moesten doden.
De nieuwe keizer van de Westelijke Xia die door de Mongolen werd aangevallen, gaf zich spoedig aan hen over. Tanguten gaf zich officieel in 1227 over, na 190 jaar te hebben bestaan, van 1038 tot 1227. De Mongolen doodden de keizer van de Tanguten en zijn koninklijke familieleden.
Voorbereiding voor opvolging
Toen het einde van Genghis' leven naderde, begonnen zijn nakomelingen te kibbelen over wie zijn opvolger moest worden als de Grote Khan zou sterven. Om het geschil te beëindigen, verkoos Genghis zijn derde zoon Ogedei als volgende Grote Khan. In 1229 kozen de Mongoolse Kurultai formeel Ogedei als volgende Grote Khan van het Mongoolse Rijk.
Vlak voor zijn dood verdeelde Dzjengis Khan zijn imperium onder zijn vier zonen. Jochi was de oudste zoon, maar het was onzeker of hij een biologische zoon van Genghis was. Daarom werd het Mongoolse Rijk verdeeld onder zijn overige zonen, leider Batu van de Blauwe Horde, en Orda, leider van Witte Horde. Chagatai was daarna de oudste zoon van Genghis. Hij werd beschouwd als een heethoofd, en kreeg Centraal-Azië en noordelijk Iran toegewezen. De derde oudste Ogedei werd benoemd tot Grote Khan en kreeg China toegewezen. Tolui, de jongste zoon, kreeg gezag over het Mongoolse geboorteland.
Op zijn sterfbed in 1227 schetste Dzjengis Khan aan zijn jongste zoon, Tolui, de plannen die later door zijn opvolgers werden gebruikt om de vernietiging van het rijk van Jin te voltooien.
Dood
In zijn laatste campagne tegen de Westelijke Xia stierf Dzjengis Khan op 18 augustus 1227. De doodsoorzaak is niet zeker. Er zijn diverse speculaties in omloop, waaronder het vallen van zijn paard en dood door ouderdom. Een andere theorie is dat hij zou zijn gedood door zijn tegenstanders (met name de Tanguten worden in deze context genoemd).
Nadat hij stierf, werd zijn lichaam teruggegeven aan Mongolië. Het escorte van zijn aanhangers doodde op de terugreis iedereen die hun weg kruiste. Het is niet bekend waar hij uiteindelijk ter ruste is gelegd. Bij zijn begrafenis, in geheimhouding, zegt men dat 40 babykamelen in het graf van Dzjengis Khan werden begraven, zodat hun moeders daar in de buurt zouden blijven. Het Mausoleum van Dzjengis Khan is zijn gedenkteken, maar niet zijn begraafplaats. Op 6 oktober 2004 is er een zogenaamde ontdekking van het „paleis van Dzjengis Khan“ geweest die een ontdekking van zijn begraafplaats waarschijnlijk maakt. Volgens een legende staat op zijn graf:
„Als ik nog in leven was, zouden de mensen niet blij zijn.“
Organisatie van Dzjengis Khan
:Zie Mongoolse Rijk
Dzjengis Khan vandaag
Mongoolse Rijk
De verhalen over Dzjengis Khan die in de loop van de tijd zijn ontstaan, zijn sterk verschillend, aangezien hij de eerste Khan van het Mongoolse Rijk was en een zeer omstreden figuur in de wereldgeschiedenis. Volgens sommige westerse geschiedkundigen was Genghis zowel een Barbaar als een legendarisch leider in termen van wat hij en zijn nakomelingen verwezenlijkten. In het Oosten is zijn populariteit veel groter en hij wordt daar algemeen gezien als de persoon die het Oosten verenigde. Velen beschouwen hem daarom als een van de grootste militaire leiders uit de geschiedenis.
Over Genghis wordt tegenwoordig uiterst eerbiedig gesproken door de Mongolen zelf. Zij zien hem over het algemeen als stichter van de verenigde Mongoolse natie; een natie die daarvoor werd gekenmerkt door eeuwen van onderlinge stammenconflicten. Als nomaden waren de Mongolen niet goed uitgerust wat betreft het opslaan van grote voorraden voedsel. Daarom wordt Genghis door de Mongolen over het algemeen gezien als de leider die stammenoorlogvoering elimineerde en een politiek, sociaal en economisch systeem introduceerde dat veroveringen ten goede kwam.
Aan de andere kant is er ook een sterke perceptie van Genghis als schurk. Met name de volstrekte genadeloosheid in de strijd en bij veroveringen en de vernietiging van diverse culturele schatten bij zijn veroveringen hebben hiertoe geleid.
De naam Dzjengis Khan en de Mongolen zijn bijna synoniem met ontembaarheid, wreedheid en veroveringen in veel van de landen die door Dzjengis Khan en de Mongolen werden veroverd. Toch is men het er over eens dat geen natie in wereldgeschiedenis zo veel land veroverde als de Mongolen.
Alle meningen over Dzjengis Khan zijn gekleurd, hoewel zijn capaciteit als grote leider onbetwist is. Daarom zijn de Mongolen, vooral Dzjengis Khan, nog steeds controversiële onderwerpen, waarbij culturele verschillen en historische context een belangrijke rol spelen.
Zie ook
- Mongoolse Rijk
- Geschiedenis van Mongolië
- Mongka Khan
- Hulegu
- Babur
- Huis van Taimur
Bronnen
#http://www.coldsiberia.org/index.html
#http://www.guardian.co.uk/china/story/0,7369,1289618,00.html
#http://en.wikipedia.org/wiki/Genghis_Khan
categorie:Heerser Mongoolse Rijk
ja:チンギス・ハーン
ko:칭기즈 칸
ms:Genghis Khan
simple:Genghis Khan
th:เจงกีส ข่าน
1251
----
Gebeurtenissen:
- Berlijn (Brandenburg) krijgt stadsrechten.
----
Geboren:
----
Overleden:
Categorie:13e eeuw - Willem van Dampierre, erfopvolger van Vlaanderen, door paarden vertrapt tijdens een toernooi.
ko:1251년
KievKiev (Київ) is de hoofdstad en grootste stad van Oekraïne, en telde in 2003 ongeveer 3.310.000 inwoners. De stad is gelegen aan weerszijden van de rivier de Dnjepr (Oekraïens: Dnipro).
Geschiedenis
Tot 1914
De stad ontstond aan de rivier de Dnjepr, op de handelsroute tussen Scandinavië en Constantinopel. De Noordse legende dat de stad door de Vikingen zou zijn gesticht, is onjuist gebleken, omdat Kiev zeker ouder is. Volgens de kroniek van de monnik Nestor werd Kiev gesticht door drie broers, genaamd Kyj, Sjtsjek en Choriv en naar de oudste van hen genoemd. ("Kiev" = 'Stad van Kyj', Oekraiens: Kyjiw). Dit moet op zijn laatst begin zesde eeuw hebben plaatsgevonden, omdat de naam van de Slavische vorst Kyj in deze tijd in Byzantijnse kronieken wordt genoemd. Sommige middeleeuwse bronnen plaatsen de stichting van Kiev nog eerder, in de jaren 430-460. Ook zijn er aanwijzingen dat de stad nog ouder is en al met de door Jordanes genoemde Gotische stad DanparstaÞir (= "Stad aan de Dnjepr") moet worden geïdentificeerd.
Kiev beleefde haar bloeitijd tussen 882 en 1169, toen het de hoofdstad was van het Oostslavische rijk Kiëv-Roes. Uit die periode, waarin de Slaven overgingen op het (oosterse) christendom, dateren de belangrijkste monumenten in de stad, de Sint-Sophiakathedraal en het holenklooster Kiev-Petsjerska Lavra. Beide staan op de Werelderfgoedlijst van UNESCO. Van veel recenter datum zijn de Sint-Andreaskerk, met de groene "ui-daken", en de Sint-Volodymyrkathedraal.
In 1240 werd Kiev, dat met zijn ruim 30.000 inwoners toen een van de grootste steden van Europa was, door de Mongolen verwoest. De komende 6 eeuwen zou het niet meer dan een provinciestad zijn in het Pools-Litouwse Gemenebest. In de 19e eeuw begon de stad weer te groeien; omstreeks 1900 had zij 250.000 inwoners.
Russische Revolutie
In de verwarde situatie na de Eerste Wereldoorlog werd Kiev herhaaldelijk veroverd door de verschillende strijdende partijen: Oekraïense nationalisten, Polen, de anti-communistische Russiche generaal Denikin en de bolsjewieken. De uiteindelijke overwinning van deze laatsten had tot gevolg dat Kiev en de Oekraïne voor ongeveer 70 jaar onderdeel van de Sovjet-Unie zouden worden.
Tweede Wereldoorlog
In 1941 werd Kiev veroverd door Nazi-Duitsland. 33.000 joodse inwoners van de stad werden kort daarop vermoord in het ravijn Babi Jar, dat destijds nog buiten de stadsgrenzen van Kiev lag. Op 9 augustus 1942 werd de zogenaamde dodenwedstrijd gespeeld tussen een elftal van Dynamo Kiev en een Duits elftal. De spelers van Dynamo moesten hun overwinning met de dood bekopen.
Na de onafhankelijkheid
In november/december 2004 was Kiëv het toneel van felle protestdemonstraties van aanhangers van Viktor Joesjtsjenko tegen de vervalsing van de verkiezingsuitslag door aanhangers van Viktor Janoekovytsj, die uiteindelijk leidden tot de verkiezing van eerstgenoemde tot president (Oranje Revolutie).
Bekende plaatsen
De hoofdstraat van Kiev is de Chresjtsjatyk. Een belangrijk plein is het Plein van de Onafhankelijkheid (Maidan Nezalezjnosti).
In Kiev is de bekende voetbalploeg Dynamo Kiev gevestigd, waarin de sterspits Andrei Shevchenko (° 1976) schitterde, die intussen getransfereerd is naar AC Milaan.
Trivia
In 2005 werd het Eurovisiesongfestival in Kiev gehouden.
Geboren in Kiev
- Michail Boelgakov, schrijver
- Vladimir Horowitz, pianist
- Kasimir Malewitsj, schilder
- Andrei Medvedev, tennisser
- Golda Meïr, minister president van Israël
Categorie:Stad in Oekraïne
Categorie:Hoofdstad
Categorie:Metropool in Europa
ja:キエフ
ko:키예프
Hongarije
Hongarije is een land in Midden-Europa, van noord naar zuid doorsneden door de Donau en begrensd door Oostenrijk in het westen, Slowakije in het noorden, Oekraïne in het noordoosten, Roemenië in het oosten en Servië-Montenegro, Kroatië en Slovenië in het zuiden. De hoofdstad van het land is Budapest. Hongarije wordt doorkruist door twee grote rivieren: de Donau en de Tisza.
Geschiedenis
Hoofdartikel: Geschiedenis van Hongarije
De voorouders van de Hongaren (eigennaam Magyaren) waren een ruitervolk dat tegen het einde van het eerste millennium onder de leiding van Árpád vanuit de Euraziatische steppes Europa binnenviel. Toen zij uiteindelijk tot staan gebracht werden (955, slag van Lechfeld) vestigden zij zich permanent in de Donau-vlakte.
In het jaar 1000 ontstond de christelijke staat Hongarije, met de kroning van Stefanus de Heilige, de eerste Christelijke koning, en de erkenning van de paus die de koningskroon schonk.
In de daaropvolgende 250 jaar werd de geschiedenis van Hongarije gekenmerkt door een machtsspel zowel met de omringende machten (Polen, het Heilige Roomse Rijk) als intern tussen koning en adel. Dit laatste leidde tot het Gouden Edict (Aranybulla) van 1222 dat de rechten van koning en adel vastlegde. Hieronder was het recht op ongehoorzaamheid aan de koning onder bepaalde omstandigheden.
De invasie van de Mongolen in 1241 brengt het land tot op de rand van de afgrond. Het Hongaarse leger onder koning Bela IV wordt vernietigd bij de slag van Muhi en de bevolking wordt gedecimeerd. Het Mongoolse leger trekt zich echter terug uit Europa na het overlijden van de Groot Khan (Ögedei) van de Mongolen om een nieuwe heerser te kiezen. Hierna laat Bela langs de oostgrens fortificaties aanleggen die in de daaropvolgende eeuwen van groot nut zullen blijken.
Vanaf het einde van de 14e eeuw komt Hongarije in conflict met het Ottomaanse Rijk dat oprukt naar het Westen. Na een periode van 150 jaar strijd en gewapende vrede (met opmerkelijke episodes zoals het beleg van Eger en de verdediging van Kőszeg) wordt uiteindelijk in 1541 Boedapest ingenomen door de Turken. Het land wordt in drieën gedeeld: de Oostenrijkse Habsburgers annexeren het westen, het midden komt rechtstreeks onder Turks bewind te staan en ten oosten van de rivier de Tisza ontstaat het vorstendom Transsylvanië.
Na het afslaan van de aanval op Wenen (1683) veroveren de Habsburgers heel Hongarije op de Turken. De Hongaren komen onder de leiding van Ferenc Rákóczi in opstand tegen de Habsburgse overheersing, maar deze opstand wordt in 1711 neergeslagen.
In 1867 wordt Hongarije een gelijkwaardig deel van de Dubbelmonarchie Oostenrijk-Hongarije in de Ausgleich. Deze duurt voort tot het einde van de Eerste Wereldoorlog wanneer Hongarije onder Mihály Károlyi zich tot een onafhankelijke republiek verklaart (16 november 1918). De Eerste Wereldoorlog wordt afgesloten met het verdrag van Trianon, waarbij Hongarije twee derde van haar grondgebied en een derde van haar Magyaarse bevolking verliest. Na een machtsstrijd tussen communisten (roden) en contra-revolutionairen (witten) komt de witte admiraal Miklós Horthy als regent aan de macht.
Een combinatie van factoren, waaronder publieke en politieke onvrede over het Trianon-verdrag, een in 1938 gesloten alliantie met Nazi-Duitsland en een politieke afkeer van het communisme leiden ertoe dat Hongarije in de Tweede Wereldoorlog betrokken raakte als bondgenoot van het Derde Rijk. In 1941 verklaart Hongarije de Sovjet-Unie de oorlog.
Als de Hongaren geheime vredesbesprekingen houden met de Westelijke geallieerden laat Hitler in maart 1944 het land bezetten. Hongaarse joden worden op grote schaal gedeporteerd; Het Rode Leger valt Hongarije binnen en op 4 april 1945 is de verovering voltooid.
Vanaf 1949 tot de neergang van de Sovjet-Unie zou Hongarije een Volksrepubliek blijven, ondanks een volksopstand in 1956. Deze werd met harde hand onderdrukt door het Rode Leger en de Hongaarse premier, Imre Nagy, werd ter dood veroordeeld.
In 1989 verlieten de Sovjettroepen het land. De eerste vrije verkiezingen werden gehouden in 1990. Op 1 mei 2004 trad Hongarije toe tot de Europese Unie.
Overheid
Staatsinrichting
De Republiek Hongarije is een parlementaire democratie. Het staatshoofd wordt iedere vijf jaar gekozen door het parlement. Hij nomineert de regeringsleider, die daarna door het parlement verkozen kan worden. De eerste minister formeert het kabinet. Het huidige staatshoofd is president László Sólyom (sinds 2005). De regeringsleider is Ferenc Gyurcsány (sinds 2004). Parlementsleden worden voor een periode van vier jaar gekozen door de bevolking.
Politieke Partijen
- Hongaarse Socialistische Partij of MSZP (István Hiller, partijleider)
- Hongaarse Burger Unie of FIDESZ (Viktor Orbán, partijleider)
- Alliantie van Vrije Democraten of SZDSZ (Gábor Kuncze, partijleider)
- Hongaars Democratisch Forum of MDF (Ibolya Dávid, partijleider)
Bestuurlijke indeling
Hongarije is opgedeeld in 19 comitaten (megyék), 20 stadscomitaten - , en de hoofdstad - :
:Bács-Kiskun, Baranya, Békés, Békéscsaba - , Borsod-Abaúj-Zemplén, Budapest - , Csongrád, Debrecen - , Dunaújváros - , Eger - , Fejér, Győr - , Győr-Moson-Sopron, Hajdú-Bihar, Heves, Hódmezővásárhely - , Jász-Nagykun-Szolnok, Kaposvár - , Kecskemét - , Komárom-Esztergom, Miskolc - , Nagykanizsa - , Nógrád, Nyíregyháza - , Pécs - , Pest, Somogy, Sopron - , Szabolcs-Szatmár-Bereg, Szeged - , Székesfehérvár - , Szolnok - , Szombathely - , Tatabánya - , Tolna, Vas, Veszprém, Veszprém - , Zala, Zalaegerszeg -
Bevolking
Hongarije heeft ruim 10 miljoen inwoners, waarvan het merendeel (96,6%) etnische Hongaren. Ook zijn er verschillende groepen etnische minderheden, met name Duitsers, Zigeuners, Kroaten, Slovaken, Roemenen, Bulgaren, Grieken, Polen, Armenen, Roethenen, Serviërs, Oekraïners en Slovenen.
Economie
Sinds de val van de Sovjet-Unie heeft Hongarije de overstap gemaakt naar een vrije markt economie. Ondanks het door grote landbouw-arealen gedomineerde landschap maakt de landbouw slechts een klein deel uit van de economie. De dienstensector is verantwoordelijk voor ongeveer 60% van het BNP, en de industrie voor ongeveer 30%. Hoewel het BNP toeneemt, zorgt een relatief hoge inflatie ervoor dat het reële inkomen van de bevolking afneemt.
BNP
- Totaal: $149.3 miljard (2004)
- Reëel groeicijfer: ca. -1.9% (2005)
- Per hoofd van de bevolking: koopkracht - $13,600 (2005)
- Per economische sector:
- Land- en tuinbouw: 3,3%
- Industrie: 32,5%
- Dienstensector: 64,2% (2000)
Import:
- $47.16 miljard (2005)
Export:
- $43.37 miljard (2005)
Buitenlandse schuld:
- $56,88 miljard (2005)
Geografie
Het landschap van Hongarije wordt gedomineerd door de vlaktes van het Karpatisch Basin, dat ingeklemd ligt tussen de karpaten in het noord-oosten en de Alpen in het westen. In het noorden langs de grens met Slowakije liggen heuvels en bergen die de aanzet vormen van de Karpaten.
Het land wordt in tweeën gedeeld door de belangrijkste rivier, de Donau. Andere grote rivieren zijn de Tisza en de Dráva. Het Balaton, het grootste meer van Europa, is gelegen in West Hongarije.
Geografische statistieken
- omtrek landgrenzen: 2.217 km
- grootste rivieren: Donau (Hongaars: Duna, 417 km in Hongarije) en Tisza (584 km in Hongarije)
- grootste meer: Balatonmeer, 596 km²
- hoogste punt: Kékes in het Mátragebergte, 1014 m.
- laagste punt: Gyálarét, bij de stad Szeged, 78 m.
- grote steden: Boedapest (Hongaars: Budapest) 1.811.500 inwoners, Debrecen (203.600 inwoners), Miskolc (172.400), Szeged (158.200), Pécs (157.300)
Beroemde Hongaren
- Oszkár Asbóth, uitvinder
- Donát Bánki, uitvinder
- Béla Bartók, componist
- Zsolt Baumgartner, autocoureur
- Ladislo Bíró, uitvinder
- János Bolyai, wiskundige
- Tamás Darnyi, zwemmer
- Ferenc Deák, politicus
- Krisztina Egerszegi, zwemster
- Lóránt Eötvös, wiskundige
- Pál Erdős, wiskundige
- Ferenc Erkel, opera-componist
- Zsa Zsa Gábor, actrice
- Alfréd Hajós, zwemmer
- Gyula Horn, politicus
- Miklós Horthy, politicus
- Mór Jókai, schrijver
- Imre Kertész, schrijver
- Sándor Kocsis, voetballer
- Zoltán Kodály, componist
- György Konrád, schrijver
- Lajos Kossuth, politicus
- Agota Kristof, schrijfster
- György Ligeti, componist
- Ferenc (Franz) Liszt, componist
- Sándor Márai, schrijver
- József Mindszenty, kardinaal
- Péter Nádas, schrijver
- Imre Nagy, politicus
- János Lajos Margittai Neumann, wiskundige
- Ferenc Puskas, voetballer
- Ernő Rubik, wiskundige
- Márta Sebestyén, zangeres
- Ignác Semmelweis, arts
- Viktor Vasarely, beeldend kunstenaar
- Sándor Wladár, zwemmer
Zie ook
- Hongaarse literatuur
- Hongaarse volksmuziek
- Hongaarse taal
- Monumenten op de Werelderfgoedlijst
- Hongarije van A tot Z
Categorie:NAVO
Categorie:Europese Unie
Categorie:Land
als:Ungarn
fiu-vro:Ungari
ja:ハンガリー
ko:헝가리
ms:Hungary
simple:Hungary
th:ประเทศฮังการี
zh-min-nan:Magyar-kok
Mongolië
Mongolië is een land in Azië en omringd door in het zuiden China en Rusland in het noorden. De hoofdstad is Ulaanbaatar. Het land is een deel van de regio Mongolië. 20 oktober 1945 kozen de Mongolen in een referendum voor onafhankelijkheid van China (97,8% stemde voor bij een opkomst van 98,4%).
Politiek
Tot 1990 was de Mongoolse regering gemodelleerd volgens het Sovjet systeem. Alleen de communistische partij (MPRP) had officiële toestemming om te functioneren. Na een periode van instabiliteit gedurende de eerste twintig jaar onder communistische leiding bestond er tot december 1989 geen significante vorm van onvrede. Collectivisatie van de landbouw en de uitbreiding van vaste woongelegenheden ondervonden geen waarneembare oppositie.
Politieke partijen
- MPRP (Mongoolse Revolutionaire Volkspartij; Mongolian People's Revolutionary Party) (Mong. afk. MAKhN) (de voormalige communisten)
- MNDP (Mongoolse Nationale Democratische Partij; Mongolian National Democratic Party)
- MSDN (Mongoolse Sociaal-Democratische Partij; Mongolian Social Democratic Party)
- DU (Democratische Unie - verkiezingsalliantie MSDN en MNDP)
Onder invloed van de perestroika in de voormalige Sovjet-Unie kwam er ook in Mongolië een democratiseringsproces op gang, wat uiteindelijk via een "fluwelen revolutie" leidde in mei 1990 tot een amandement in de grondwet voor de acceptatie van een meerpartijenstelsel en het ontstaan van de post van president.
Mongoliës eerste meerpartijen verkiezingen voor de Grote Khural, het parlement, werden gehouden op 29 juli 1990. De communistische partij won 85% van de zetels. De Grote Khural kwam voor het eerst bijeen op 3 september. Toen werden de president (MPRP), de vice-president (SDP, sociaal-democraten), de premier (MPRP),
en 50 leden van de inmiddels opgeheven Baga Khural (kleine Khural) gekozen.
In november 1991, begonnen de discussies over een nieuwe grondwet die uiteindelijk van kracht werd op 12 februari 1992
Op 22 mei 2005 won voormalig premier Nambaryn Enkhbayar van de Mongoolse Revolutionaire Volkspartij de presidentsverkiezingen.
Geschiedenis
Op 1 december 1911 verklaarde een onafhankelijke regering van Buiten-Mongolië het land autonoom van het revolutionaire China, deze autonomie-verklaring werd echter niet door China erkend. Toen een Mongoolse delegatie het echter voor elkaar kreeg om Mongolië onder Russische bescherming te plaatsen (1912) zag de Chinese regering er van af om Mongolië opnieuw te annexeren. Direct na de onafhankelijkheid werd de Bogd Haan (een gereïncarneerde lama-heerser) Jabzandamba koetoektoe (priester-koning) van Mongolië.
Tijdens de Eerste Wereldoorlog trachtte de Chinese generaal Soe (bijgenaamd 'Kleine Soe' vanwege zijn kleine gestalte) tevergeefs om Mongolië weer onder Chinees gezag te brengen. Een groep pro-Russische jonge Mongolen onderleiding van Tsjoibalsan wisten de Soe en zijn mannen in 1919 uit Mongolië te verdrijven.
1921-1924
Op 4 februari 1921 viel Mongolië in handen van de Baltische aristocraat, baron Roman von Ungern-Sternberg. Generaal Von Ungern, die meende een reïncarnatie te zijn van een lamaïstisch heerser, trad op als dictator en verdreef koetoektoe Jabzandamba. Op 1 maart 1921 stichtten jonge revolutionaire Mongolen in het Russische Kjachta, nabij de Mongoolse grens de Mongoolse Volkspartij. De oprichters, Zamcarano, Tsjoibalsan, Dandzan en Soeche Bator, streefden naar een pan-Mongoolse staat (dwz. hereniging met de Mongoolse gebieden die in Sovjet-Rusland en China lagen), socialisme en nationalisme. Met behulp van het Russische Rode Leger wisten zij in juli 1921 een einde te maken aan de bezetting van Mongolië door de Witte Legers van Ungern-Sternberg. De koetoektoe Jabzandamba werd in zijn waardigheid hersteld, hoewel zijn macht drastisch werd ingeperkt. Held van de nieuwe staat was de stenograaf Soeche Bator, één der oprichters van Mongoolse Volkspartij, en tevens één van haar bestuurders. De Mongoolse Volkspartij werd de belangrijkste factor in de samenleving. In 1923 overleed de nationale held, Soeche Bator op dertigjarige leeftijd. De revolutionairen van de Mongoolse Volkspartij doopten Oerga, de hoofdstad om in Ulaanbaatar (Oelan Bator), wat 'Rode held' betekent.
1924-1952
Op 20 mei 1924 overleed de koetoektoe Jabzandamba en werd de 'Volksrepubliek Mongolië' uitgeroepen. De naam van de Mongoolse Volkspartij werd veranderd in Mongoolse Revolutionaire Volkspartij (MPRP; Mongoolse afk. MAKN), die een duidelijk links en socialistisch programma aannam, hoewel nog niet marxistisch. De voorzitter van de Grote Staats Hural (parlement) werd het staatshoofd van het land. In de loop van de jaren dertig werden Sovjetkritische en niet-communistische elementen in de MPRP vernietigd.
In 1935 verlkaarde Gendoen, een oud-premier en lid van de MPRP, dat het sovjet-economische systeem (plan-economie) niet geschikt was voor Mongolië. Dit leidde tot een zuivering in partij en staat. Dit betekende tevens de opkomst van maarschalk Tsjoibalsan, de keiharde stalinist. Tsjoibalsan en diens aanhangers vernietigden een groot deel van de kloosters van het lamaïsme en maakte het gelovigen moeilijk om hun geloof te praktiseren. Daarnaast verdwenen veel monniken en nonnen in gevangenkampen. Ook intellectuelen werden gevangengezet en hard aangepakt. Vanaf halverwege de jaren dertig werd de landbouw gecollectiviseerd en werd het de nomaden dusdanig moeilijk gemaakt, dat zij niet meer konden rondtrekken door het land. Tijdens de Tweede Wereldoorlog vocht Mongolië aan de kant van de Sovjet-Unie. In 1939 vond er een grensconflict tussen de Japanners (die de Mongoolse grens waren genaderd tijdens hun veldtocht tegen China) en het Mongoolse Leger, deze laatste bijgestaan door Russische onder maarschalk Zjoekov. Dit korte gevecht leidde tot een zege voor het Mongoolse Leger (dat ten opzichte van het inwonertal vrij groot is). Op 9 augustus 1945 erkende China de onafhankelijkheid van Buiten-Mongolië, waardoor de spanningen met dat land afnamen.
1952-
Tsjoibalsan, vanaf 1939 minister-president van het land, overleed in 1952. Zijn opvolger Tsedenbal voerde een gematigder beleid en er kwam langzaam maar zeker een einde aan het stalinisme. Sühbaataryn, de weduwe van Soeche Bator was van 1952 tot 1954 voorzitster van het presidium van de Grote Staats Hural (staatshoofd). In 1958 werd Tsedenbal secretaris-generaal van de MPRP. Tijdens het conflict tussen China en de Sovjet-Unie koos Mongolië voor de laatste, wat weer leidde tot spanningen tussen China en Mongolië. Weinig keus had Mongolië ook niet: het was volledig (economisch) afhankelijk van de Sovjet-Unie.
Vanaf de jaren zestig werd de Mongoolse cultuur weer opgewaardeerd en werd de rijke historie van het land opnieuw bestudeerd door geleerden, nadat het historisch onderzoek sinds het einde van de jaren twintig stil was gelegd. Op 11 juni 1974 verwisselde Tsedenbal het eerste ministerschap voor het voorzitterschap van het presidium van de Grote Staats Hural. Hoewel Tsedenbal in 1982 werd herkozen als secretaris-generaal van de partij, werd hij in 1984 afgezet door een groep gematigde communisten o.l.v. Jambyn Batmönh. Tsedenbal werd ook afgezet als staatshoofd. Batmönth werd zowel voorzitter van de Grote Staats Hural en secretaris-generaal van de MPRP. Na Michael Gorbatsjov's opkomst in het Kremlin, en diens perestrojka, trachtte de staatsleiding in Mongolië om meer democratisering in te voeren. In 1989 werd Mongolië officieel een meerpartijenstaat. In maart 1990 werd Gombojavyn Ochirbat partijleider van de MPRP en voorzitter van het presidium van de Grote Staats Hoeral. Deze laatste functie werd echter vervangen door die van president. Het 'volksrepubliek' in de landsnaam van Mongolië werd vervangen door 'republiek'. Bij de verkiezingen bleef de MPRP de grootste partij. Van 1996 tot 2000 MNDP (Mongoolse Nationaal Democratische Partij). In 1997 werd Natsagiyn Bagabandi (MPRP) president van Mongolië. De nieuwe leider van de MPRP werd Nambarin Enkhbayar, die een groot hervormingsproces uitvoerde wat uiteindelijk leidde tot lidmaatschap van de socialistische internationale. In 2000 won de MPRP 72 van de 76 de zetels in de Grote Staats Khural, en minimaliseerde aldus de oppositie. Dit kon gebeuren met slechts 52 procent van de stemming door het kiesmannenstelsel waarbij elk gebied een kandidaat voor het parlement aanlevert. In 2004 werden de verhoudingen weer gelijk getrokken, waardoor voor het eerst een coalitieregering Mongolië ging besturen. Al snel waren er echter strubbelingen in de Democratische alliantie, die in januari 2005 uit elkaar viel. De regering blijft echter vooralsnog doorregeren.
Geografie
socialistische internationale]
lengte landgrenzen: 8.114 km (4.673 km met China, 3.441 km met Rusland)
kustlijn: 0 km
laagste punt: Hoh Nuur 518 m
hoogste punt: Tavan Bogd Uul 4,374 m
Externe links
- [http://dmoz.org/Regional/Asia/Mongolia/ Open Directory]
- [http://mongolie.pagina.nl Mongolië Pagina]
- [http://www.open-government.mn Mongolian Rules and Laws]
- [http://www.gateway.mn/index.php?newlang=english Mongolia Development Gateway portal]
- [http://www.mongoliatourism.gov.mn/ Officiele site bureau voor toerisme]
categorie:land
Categorie:Mongolië
ja:モンゴル国
ko:몽골
ms:Mongolia
th:ประเทศมองโกเลีย
zh-min-nan:Bông-kó·
Chinese keizerrijk
Voor het jaar 221 v. Chr. waren er in China verscheidene onafhankelijke vorstendommen (die periode wordt beschreven in het artikel Prehistorie in China). In 221 v. C werd China verenigd onder de eerste keizer, Qin Shi Huangdi (wat 'Eerste keizer van de Qin' betekent), die de Qin-dynastie stichtte. Tijdens de Han-dynastie (206 v. Chr.-220 n.Chr.) werd het rijk uitgebreid tot in Korea, Vietnam en Centraal-Azië.
Hierna volgde een periode van verwarring, kortdurende dynastieën volgen elkaar snel op. Een van de rustpunten in deze periode was de Tang-dynastie (618-907). Deze dynastie was een bloeitijd voor China. Onder de keizers van de Tang werd ook het examenstelsel ingevoerd, dit hield in dat iedereen die ambtenaar wilde worden moest slagen voor een serie examens. Vanaf de 9e eeuw nam de macht van de keizer toe en verplaatste het economisch centrum zich naar het zuiden.
Marco Polo zou China hebben bezocht rond 1280, toen hier de Mongoolse Yuan-dynastie aan de macht was. Onder de etnisch Chinese Ming-dynastie (1368-1644) werd meer nadruk gelegd op de eigen Chinese waarden en werd de invloed van buitenaf geweerd. Later, onder de Qing-dynastie van de Mantsjoe (1644-1911), nam de druk van het Westen weer toe. In 1911 werd het keizerrijk uiteindelijk door een revolutie omver geworpen en werd de Republiek China uitgeroepen.
Chinese keizerlijke dynastieën
Hieronder volgt een lijst van keizerlijke dynastieën die China in de loop der eeuwen regeerde. De lijst is in chronolgische volgorde opgezet.
- Xia ca. 2200 v. Chr.-1750 v. Chr.
- Shang ca. 1766 v. Chr.-1122 v. Chr.
- Zhou 1122 v. Chr.-256 v. Chr.
- Westelijke Zhou 1122 v. Chr.-771 v. Chr.
- Oostelijke Zhou 771 v. Chr.-256 v. Chr.
- Lente en herfst 771 v. Chr.-481 v. Chr.
- Periode van de Strijdende staten 403 v. Chr.-221 v. Chr.
Vanaf de Qin-dynastie is er officieel sprake van een Chinees keizerrijk.
- Qin 221 v. Chr. - 206 v. Chr.
- Han 206 v. Chr. - 220
- Westelijke Han 206 v. Chr. - 9 na Chr.
- Wang Mang de Overweldiger 9 - 23
- Oostelijke Han 25 - 220
- Deling 220-589
- Drie Koninkrijken 220 - 280:
- Wei 220 - 265 (265-280: Jin)
- Shu Han 220 - 263
- Wu 220 - 280
- Hereniging: Jin-dynastie 265 - 420
- Burgeroorlog en opnieuw deling
- Xiongnu-invasie 311
- Zuid:
- de Zes Dynastieën, Oostelijke Jin, Liu-Song 420-479, Liang, Chen
- Noord:
- de Zestien koninkrijken o.a. Oostelijke Zhao 304-320, Vroege Qin 351-386
- Noordelijke Wei 386-524
- Oostelijke Wei (Noordelijke Qi) en Westelijke Wei (Noordelijke Zhou)
- Noordelijke Zhou verovert N. Qi 577, Liang 587 en Chen 589
- Sui 589-618
- Tang 618-907
- Deling 907-960
- Noordoost: Qidan Liao tot 1125
- Noord: Vijf dynastieën, o.a. Late Zhou 951-960
- Zuid: Tien Koninkrijken
- Noordelijke Song 960-1127
- Deling
- Noord: Jin (Jurchen) 1115-1234
- Zuid: Zuidelijke Song-dynastie 1127-1279
- Yuan 1234-1368
- Ming 1368-1644
- Qing 1644-1911
Categorie:Geschiedenis van China
Egypte
|
|-
|
|{{{{
1259
----
Gebeurtenissen:
- Amersfoort (Nederland) verkrijgt stadsrechten.
----
Geboren:
----
Overleden:
Categorie:13e eeuw
ko:1259년
Categorie:Heerser Mongoolse RijkCategorie:Mongools persoon
Categorie:Mongolen Autobus piętrowy
]
Autobus piętrowy – autobus z dwoma poziomami (piętrami), mieszczący od 60 do 80 pasażerów. Na drugi poziom prowadzą schodki, najczęściej umiejscowione tuż za kabiną kierowcy.
W komunikacji miejskiej wykorzystywany głównie w Wielkiej Brytanii, gdzie najbardziej rozpoznawalnym modelem jest londyński Routemaster. Autobusy piętrowe stanowią znaczną część taboru również w Hong Kongu i Singapurze, a na kontynencie europejskim - w Berlinie.
Istnieją modele autobusów bez dachu (nad drugim poziomem), które wykorzystywane są do obwożenia turystów po większych miastach (np. Londyn, Edynburg).
Inne wersje autobusów piętrowych znajdują również zastosowanie w komunikacji międzynarodowej.
W Warszawie jeździ jeden autobus pietrowy na linii 100.
Kategoria:Transport drogowy
Dorota Rabczewska godwka hotels Prague media hostel krakow
|
|
|
| :: RELATED NEWS :: |
Yorkshire v Surrey 13 July 2005
See also: 2005 English cricket season
The period of the 2005 English cricket season from 1 to 16 July started with nine Twenty20 Cup games on 1st of July. Two were rained off, and indeed many games were shortened, but in the dark weather Worcestershire beat Warwickshire by a solitary run yet again, while Lancashire won the Roses battle with Yorkshire by 110 runs. On the following day, a Saturday, England and
|
Swami Sai Premananda of Toronto
About Swami Sai Premananda
[http://www.swamisaipremananda.org Swami Sai Premananda] is a spiritual guide whose teachings surround Bhakti Yoga (the path of devotion). His primary focus is teaching that love is a yoga (discipline) and a way of living that will ultimately lead one to the state of inner freedom from the world and the play of the mind.
Swamiji's mission is to elevate the consciousness of those who choose to rise above the mundane and o
|
Gnome King
.]]
The Nome King is an old enemy of the characters of L. Frank Baum's Oz books. His name was originally Roquat the Red. Although the Wicked Witch of the West is the most famous of the land of Oz's villains (thanks to the popular 1939 film The Wizard of Oz)
|
Wikipedia:Collaborations of the Week/Employee benefits
: Nominated on 22:30, July 15, 2005 (UTC); needs 5 votes by July 22.
This article is about a concept that has so much potential. We owe the article lots more than what is there, which isnt much at ALL!
Support:
# Naha|(talk) 22:30, July 15, 2005 (UTC)
#Fenice 06:40, 16 July 2005 (UTC)
# coin grading services to numismatists. The company was founded in | |