:: wikimiki.org ::
| Bouches-de-la-Meuse |
Bouches-de-la-MeuseMonden van de Maas of Bouches-de-la-Meuse is de naam van een Frans departement in de Nederlanden, genoemd naar de monding van de Maas. Het werd gevormd in 1810 bij de annexatie van het Koninkrijk Holland maar kwam overeen met het al bestaande departement Maasland. De hoofdstad was Den Haag. Het arrondissement was ingedeeld in de volgende arrondissementen en kantons:
- Den Haag, kantons: Alphen aan den Rijn, Katwijk, Den Haag (4 kantons) en Voorburg.
- Brielle, kantons: Brielle, Goedereede, Sommelsdijk.
- Dordrecht, kantons: Dordrecht (2 kantons), Oud-Beijerland, Ridderkerk en Strijen.
- Gorinchem, kantons: Culemborg, Gorinchem en Sliedrecht.
- Leiden, kantons: Leiden (3 kantons), Noordwijk en Woubrugge.
- Rotterdam, kantons: Delft (2 kantons), Gouda, Haastrecht, Hillegersberg, Naaldwijk, Rotterdam (4 kantons), Schiedam en Vlaardingen.
Na de nederlaag van Napoleon in 1814 werd het de provincie Zuid-Holland van het Verenigd Koninkrijk der Nederlanden.
Categorie:Frans departement in de Nederlanden
Departement (Nederlanden)In de Franse tijd werden de Nederlanden in departementen ingedeeld. De bedoeling was alle verwijzingen naar de vroegere zelfstandige XVII Provinciën uit te wissen. In Frankrijk is de bestuurlijke indeling in departmenten gebleven, al begint men daar ook opnieuw meer naar de oude provincies te verwijzen, bijvoorbeeld in toeristische brochures.
Het artikel departement (Frankrijk) bevat een lijst van alle huidige Franse departementen en ook de lijst van de oude Franse departementen in gebieden die nu buiten Frankrijk liggen.
Lijst van de departementen in de Nederlanden
Voor de huidige Franse departementen is het veelal de gewoonte de Franse naam te gebruiken. De oude departementen in de Nederlanden hadden ook een gebruikelijke Nederlandse naam. Samengestelde namen worden in het Frans veelal met streepjes geschreven (Deux-Nèthes), in het Nederlands zonder streepjes (Twee Neten). In de hiernavolgende lijst worden telkens achter de naam van het departement de huidige provincies aangegeven die er min of meer mee overeenkomen.
Geannexeerd op 7 oktober 1795 (tot 1814)
- Nedermaas of Beneden-Maas - Meuse-Inférieure: Belgisch Limburg en zuiden van Nederlands Limburg
- Dijle - Dyle: Vlaams-Brabant, Brussel en Waals-Brabant
- Jemappes - Jemappes, eerst Jemmape genoemd: Henegouwen
- Leie - Lys: West-Vlaanderen
- Ourthe - Ourthe: Luik
- Samber en Maas - Sambre-et-Meuse: Namen
- Schelde - Escaut: Oost-Vlaanderen en Zeeuws-Vlaanderen
- Twee Neten - Deux-Nèthes: Antwerpen
- Wouden - Forêts: Luxemburg en Groothertogdom Luxemburg, ook Bitburg, nu in Duitsland
- ook het departement (in Frankrijk) van de Ardennes: delen van Namen: Philippeville, Mariembourg
- ook het departement (in Duitsland) van de Roer: delen van Nederlands Limburg: Gennep, Tegelen en Sittard
1798-1801
- Amstel: omgeving Amsterdam
- Dommel: oosten van Noord-Brabant, zuiden van Gelderland
- Delf: Zuid-Holland en deel van Utrecht
- Eems: Noordelijk Friesland en Groningen
- Schelde en Maas: Zeeland en westen van Noord-Brabant
- Oude IJssel: Zuidelijk Friesland, Drenthe en Overijssel
- Rijn: deel van Utrecht en Gelderland
- Texel: Noord-Holland (zonder Amsterdam) en deel van Utrecht
1801-1806
- departement (Bataafs) Brabant: Noord-Brabant
- departement Friesland: Friesland
- departement Groningen: Groningen
- departement Holland: Noord-Holland en Zuid-Holland
- departement Overijssel: Overijssel en Drenthe
- departement Zeeland: Zeeland (zonder Zeeuws-Vlaanderen)
1806-1810
Koninkrijk Holland
- departement Brabant: Noord-Brabant
- departement Drenthe: Drenthe
- departement Friesland: Friesland
- departement Gelderland: Gelderland (ten noorden van de Rijn)
- departement Groningen: Groningen
- departement Holland, later gesplitst in
- departement Amstelland: Noord-Holland
- departement Maasland: Zuid-Holland
- departement Oost-Friesland: Oost-Friesland (in Duitsland)
- departement Overijssel: Overijssel
- departement Zeeland: Zeeland (zonder Zeeuws-Vlaanderen)
Geannexeerd op 16 maart 1810 en bij het (eerder geannexeerde) Zuiden gevoegd:
- Monden van de Rijn - Bouches-du-Rhin: Oost-Brabant en Gelderland ten zuiden van de Rijn
- Monden van de Schelde - Bouches-de-l'Escaut: Zeeland zonder Zeeuws-Vlaanderen
- Twee Neten - Deux-Nèthes: West-Brabant bij Antwerpen
Laatste annexaties
Geannexeerd op 9 juli 1810 (tot 1814)
- Boven-IJssel - Yssel-Supérieur: Gelderland (ten noorden van de Rijn)
- Friesland - Frise: Friesland
- Monden van de Maas - Bouches-de-la-Meuse: Zuid-Holland
- Monden van de IJssel - Bouches-de-l'Yssel: Overijssel
- Oostereems - Ems-Oriental: Oost-Friesland
- Westereems - Ems-Occidental: Groningen en Drenthe
- Zuiderzee - Zuyderzée: Noord-Holland en Utrecht
Externe links
- [http://www.wazamar.org/Nederlanden/bataafse-rep.htm Kaarten met indeling van de Bataafse Republiek (twee versies)]
- [http://www.wazamar.org/Nederlanden/kon-holl.htm Kaart met de indeling van het Koninkrijk Holland]
- [http://www.wazamar.org/Nederlanden/keizerrijk-F.htm Kaart met de indeling vanaf 1810]
Frans departement in de Nederlanden
Maas
De Maas is een rivier in West-Europa, in Nederland de zuidelijkste van de Grote Rivieren. Haar lengte bedraagt circa 925 kilometer. Zij wordt gevoed door regenwater, waardoor de waterafvoer tamelijk sterk kan variëren. De rivier stroomt door drie landen: Frankrijk, België en Nederland.
Loop van de Maas
"Moeder Maas" (of Meuse in het Frans) ontspringt in Frankrijk te Pouilly-en-Bassigny op het Plateau van Langres (een belangrijke waterscheiding: de bronnen van de Seine en de Marne liggen hier ook).
De rivier doorkruist de Franse Ardennen en Lotharingen in noordelijke richting en passeert de steden Verdun en Sedan, vanaf waar ze bevaarbaar is. In Givet, ten zuiden van Dinant passeert ze de grens met België.
De Maas buigt bij Namen (samenvloeiing met de Samber) af naar het oosten en bereikt via Andenne en Hoei (Huy) de grootste stedelijke concentratie aan haar loop: Luik en omgeving. Voorbij dit industriegebied buigt de Maas af naar het noorden om voorbij Wezet de Nederlandse grens te bereiken. Bij Eijsden is de Maas even grensrivier, maar bij Maastricht heeft de Maas Nederlands grondgebied aan weerszijden. Maastricht ligt op beide oevers, maar de oude stadskern bevindt zich op de linker.
Tussen Borgharen / Lanaken en Thorn / Kessenich vormt de Maas (daar dan ook "Grensmaas" genoemd) de grens tussen Nederland en België, tevens die tussen de provincies Nederlands-Limburg en Belgisch-Limburg. Het bochtige Limburgse traject via het mooie stadje Maaseik, waar ze stroomafwaarts weer bevaarbaar is, wordt voor de scheepvaart afgesneden door het Julianakanaal aan de Oostkant. Voorbij Kessenich ligt de Maas geheel op Nederlands grondgebied: er volgt een traject waarlangs ten gevolge van de grindwinning een groot aantal meren liggen. Grootste stad is hier Roermond, op de rechter- (Oost) oever. Tussen Heel en Buggenum wordt de vaarroute van de Maas nogmaals ingekort door het Lateraalkanaal, welke gelegen is aan de Westzijde.
Het Maastraject volgt vervolgens min of meer de grens met Duitsland, die de rivier tot op enkele kilometers nadert. Hier ligt Venlo, na 's-Hertogenbosch en Maastricht de grootste Nederlandse stad aan de Maas. Iets noordelijker, vanaf Vierlingsbeek, gaat de Maas de grens met Noord-Brabant vormen, en vanaf Mook ligt niet Limburg, maar Gelderland op de rechteroever. De rivier maakt hier een zeer ruime bocht naar links. Op 's-Hertogenbosch na liggen er geen grote steden, wel een aantal kleine oude vestingstadjes: Grave, Ravenstein, Megen en Heusden.
Bij Heusden splitst de Maas zich in tweeën: de Afgedamde Maas (nog steeds de Brabants-Gelderse provinciegrens) vormde ooit de verbinding met de Merwede en daarmee met de Nieuwe Maas en de Nieuwe Waterweg resp. de Oude Maas. Tegenwoordig stroomt het Maaswater vanaf Heusden in westelijke richting via de Bergse Maas en de Amer naar het Hollands Diep, een voormalige zeearm.
Stroomgebied
- Zie Stroomgebied van de Maas
- Zie Maasverdrag
Overstromingen
De Maas is een regenrivier waarvan het peil sterk afhankelijk is van regen. Het water, dat deze rivier bij Borgharen aanvoert, is voornamelijk afkomstig van neerslag in de Belgische Ardennen en Noord-Frankrijk. De laag op de ondergrond van het Maasgebied is niet dik genoeg om veel water te kunnen bergen. In de winter houdt de vegetatie bovendien weinig water tegen. Het vocht verdampt vrijwel niet, waardoor alle water wegstroomt. Het reliëf van het Maasbekken is groot, zodat het water met grote snelheid wordt afgevoerd. Een combinatie van deze factoren kan tot een watervloed leiden en overstromingen veroorzaken.
In Nederland kwamen bijvoorbeeld hoge waterstanden voor rond de jaarwisseling van 1993/1994 en in januari 1995. In beide situaties werd de hoogwatergolf voorafgegaan door een lange periode van ruim een maand gestage en soms intensieve regen. Daardoor raakte het brongebied van de Maas verzadigd met water. Onder die omstandigheden reageert de Maas sneller en heftiger op nieuwe grote neerslaghoeveelheden. De zware regen die het stroomgebied van de Maas eind januari 1995 kreeg, was de "druppel die de emmer deed overlopen".
|regenrivier
|-
|regenrivier
|-
|regenrivier
|{
Koninkrijk Holland
Het Koninkrijk Holland (eigenlijk Koningrijk Holland) ontstond op 5 juni 1806 toen keizer Napoleon de Bataafse Republiek verving door een monarchie onder leiding van zijn broer Lodewijk Napoleon.
Geschiedenis
Hoewel Napoleon zijn broer op het hart gedrukt had een Fransman te blijven, profileerde Lodewijk Napoleon zich als een zeer 'Hollandse' koning. Koning Lodewijk ontpopte zich als een ware belangenbehartiger van het Nederlandse volk. Nadelige Franse maatregelen, als dienstplicht en het continentaal stelsel voerde hij met zeer veel tegenzin uit. Lodewijks pogingen de Nederlandse bevolking gunstig te stemmen vonden echter geen genade in de ogen van zijn broer.
Op cultureel gebied is Lodewijks nalatenschap zeer belangrijk. De koning trachtte de Nederlandse kunsten en wetenschappen te bevorderen. Dit deed hij onder andere door de instelling van het Koninklijk Instituut van Wetenschappen (de latere KNAW) en de Koninklijke Bibliotheek. Ook gaf hij de aanzet tot de oprichting van het Rijksmuseum, dat in deze beginperiode onderdak vond in het Paleis op de Dam. Op religieus gebied stelde hij fondsen in het vooruitzicht voor rooms-katholieken die een eigen kerk wilden bouwen. Lodewijk Napoleon verplaatste de hoofdstad van het land van Den Haag naar Amsterdam, waar hij zich vestigde in het Paleis op de Dam, toen nog het stadhuis van Amsterdam. Dit besluit is ook na 1815 overeind gebleven, waardoor Amsterdam nog steeds formeel de hoofdstad van Nederland is.
In 1809 vond op Walcheren een Engelse invasie plaats. Hoewel deze door Franse en Nederlandse strijdkrachten werd afgeslagen, betekende het een verdere beschadiging van Lodewijks positie als vorst, want de Keizer vond dat de weerstand te traag op gang was gekomen.
Keizer Napoleon was ontevreden over het functioneren van Lodewijk Napoleon als Koning van Holland. In de winter van 1809 kwam dan ook het einde van het koninkrijk in zicht. Bij keizerlijk decreet van 8 november werd allereerst het zuiden onder Frans bestuur gesteld, in 1810 volgde de rest van het voormalige koninkrijk Holland. Nog meer dan drie jaar, tot november 1813, zouden de Lage Landen deel uit maken van het Franse keizerrijk.
Bestuurlijke indeling
Het Koninkrijk Holland was aanvankelijk verdeeld in negen departementen: Holland, Gelderland, Brabant, Friesland, Overijssel, Zeeland, Groningen, Utrecht en Drenthe. In 1807 werd Holland opgesplitst in Amstelland en Maasland en werd het voordien Pruisische Oost-Friesland als aan het Koninkrijk toegevoegd, waardoor het aantal departementen op elf kwam.
Koningen
- 1806-1810: Lodewijk I Napoleon
- 1810: Lodewijk II
Holland
categorie:Geschiedenis van Nederland in de 19e eeuw
simple:Kingdom of Holland
Maasland (departement)Maasland was het departement van het Koninkrijk Holland dat ongeveer overeenkomt met de huidige provincie Zuid-Holland. Aanvankelijk was het departement Holland, dat voortkwam uit het oude graafschap Holland, veruit het grootste departement. Bovendien droeg het nu dezelfde naam als het hele koninkrijk. Door de wet van 13 april 1807 op het bestuur van de departementen werd Holland verdeeld in twee administratief min of meer gelijkwaardige departementen: Amstelland en Maasland. De vaststelling van de grens geschiedde niet erg accuraat. Maasland zou liggen: .... bewesten de landscheiding met het departement Utrecht tot aan de Vrieseweg, voorts bezuiden die weg tot in de Meer en eindelijk westwaarts van de Meer naar de Noordzee langs het departement Amstelland. De grens tussen de beide provincies is ongeveer die tussen de oude baljuwschappen van Kennemerland en Rijnland. Tijdens de annexatie bij het Franse keizerrijk werd het departement herdoopt tot departement van de Monden van de Maas. De grondwet van 1814 deed de indeling van Holland in twee provincies weer ongedaan, maar die indeling bleef administratief wel bestaan; in 1840 werd de provincie opnieuw gesplitst.
categorie: Frans departement in de Nederlanden
ArrondissementDe term arrondissement komt uit het Frans en betekent letterlijk afronding. Het slaat op een (deel van het) grondgebied van de staat of een onderdeel daarvan als ambtsgebied van colleges en ambtenaren.
Zo heten in Frankrijk onderdelen van departementen arrondissementen. De gemeenten Parijs, Lyon en Marseille zijn verdeeld in zogenaamde gemeentelijke arrondissementen.
Als voorbeeld in Nederland kan gezien worden de gebieden die onder een rechtbank vallen. Zie ook de rechterlijke indeling van Nederland.
België
In België zijn er bestuurlijke, gerechtelijke en kiesarrondissementen, die soms wel maar soms ook niet op hetzelfde gebied betrekking hebben.
- De 43 bestuurlijke arrondissementen zijn een bestuurlijke laag tussen de gemeentes enerzijds en de provincies anderzijds. Voor een overzicht van de bestuurlijke arrondissementen, zie de lijst van Belgische gemeenten.
- Er zijn in België 22 gerechtelijke arrondissementen.
- De kiesarrondissementen waren tot voor kort de kieskringen voor de parlementsverkiezingen; tegenwoordig zijn dat de provincies (behalve in Vlaams-Brabant, waar de arrondissementen Brussel-Hoofdstad en Halle-Vilvoorde samen nog de kieskring Brussel-Halle-Vilvoorde vormen).
- Voor de verkiezingen van het Waals Parlement worden 13 arrondissementen (of samengevoegde arrondissementen) nog als kieskring gebruikt:
- Aarlen-Marche-en-Famenne-Bastenaken
- Bergen
- Charleroi
- Dinant-Philippeville
- Doornik-Aat-Moeskroen
- Hoei-Borgworm
- Luik
- Namen
- Neufchâteau-Virton
- Nijvel
- Thuin
- Verviers
- Zinnik
categorie:gebiedsnaam
Categorie:Uitvoerende macht
Categorie:Rechterlijke macht
KantonHet woord Kanton of Canton wordt gebruikt in verschillende contexten:
- Een bestuurseenheid, zie kanton (bestuur), of meer specifiek:
- De deelstaten van Zwitserland, zie kanton (Zwitserland)
- Frankrijk: kanton (Frankrijk)
- Luxemburg: lijst van Luxemburgse kantons
- België: gerechtelijk kanton (zie ook kieskanton)
- Een rechtspraakgebied, zie:
- gerechtelijk kanton (België)
- sector kanton (Nederland, voorheen kantongerecht)
- De Nederlandse naam van de Chinese stad Guangzhou, zie Kanton (stad) en Kanton (provincie)
- Kanton (weg) - wegvak van 5 tot 7 kilometer
- Kanton (vexillologie) - bovenste hoek aan de broekingzijde (stokzijde) van een vlag
- De Amerikaanse stad Canton (Ohio)
KatwijkKatwijk is de naam van twee plaatsen in Nederland en van een plaats in Suriname:
- Katwijk is een gemeente in de provincie Zuid-Holland; zie Katwijk (Zuid-Holland)
- Katwijk is een kerkdorp in de gemeente Cuijk (provincie Noord-Brabant); zie Katwijk (Noord-Brabant)
- Katwijk is de naam van een voormalige plantage in Suriname; zie Katwijk (Suriname)
Den Haag
|
|-
|
|{{GemeentenZuid-Holland{GemeentenSH{Commons|Den Haag
Brielle
Brielle, vroeger Den Briel, is een stad in de Nederlandse provincie Zuid-Holland gelegen op het eiland Voorne. De gemeente telt 16.077 inwoners (1 juni 2005) en beslaat 31,32 km² waarvan 3,71 km² wateroppervlak is. Naast de stad Brielle zelf omvat de gemeente ook de dorpen Vierpolders en Zwartewaal.
Brielle is gelegen aan de Brielse Maas, een afgedamd gedeelte van de Maas dat zich tot belangrijk recreatiegebied ontwikkeld heeft. Het ligt ten oosten van de oude vaargeul Brielse Gat. Tot 1700 werd dit water gebruikt als verbinding naar Rotterdam, daarna trad verzanding op waardoor het Gat minder goed bevaarbaar werd. Het Goereese Gat was een alternatief.
Historie
De stad bezit nog steeds zijn oude stadswallen en is van verre herkenbaar aan de 57 m hoge, stompe toren van de St. Catharijnekerk. Deze kerk was in opzet de grootste kerk van Holland maar is nooit voltooid. De bouw begon in 1417. In 1456 was er een grote brand en in 1482 raakte het geld op en hield men op met bouwen. Alleen het schip was klaar. Brielle is lid van de Nederlandse Vereniging van Vestingsteden.
Brielle is een oude stad, de naam gaat terug op het keltische brogilo en uit de oudste geschriften blijkt dat de huidige locatie 'de nieuwe Briel' is. 'Den ouden Briel' moet ergens anders op het eiland Voorne gelegen hebben. Lange tijd was de stad de zetel van de Graven van Voorne, totdat deze heerlijkheid in 1371 bij Holland gevoegd werd. Brielle had zijn eigen haven en dreef handel met het Oostzee-gebied. De stad had zelfs zijn eigen factorij in Zweden.
In 1572 was de stad het toneel van de inname door de watergeuzen, het eigenlijke begin van de opstand tegen Filips II. Dit historisch feit wordt ieder jaar op 1 april gevierd. Schoolkinderen onthouden dit feit met de zin:
:"Op 1 april verloor Alva zijn bril"
Geboren in Brielle
- Maarten Harpertszoon Tromp (1598), Nederlands militair en zeevaarder
Maarten Harpertszoon Tromp
Maarten Harpertszoon Tromp
Maarten Harpertszoon Tromp
Categorie:Gemeente in Zuid-Holland
Categorie:Nederlandse vestingstad
Categorie:Plaats in Zuid-Holland
Goedereede
Goedereede is een stadje en gemeente in de Nederlandse provincie Zuid-Holland. De gemeente telt (op 1 juni 2005) 11.602 inwoners en heeft een oppervlakte van 153,84 km² (waarvan 37,25 km² water).
Overige kernen
Havenhoofd, Oostdijk, Ouddorp en Stellendam.
Goedereede was vroeger een belangrijke handelsplaats met stadswallen. De naam Goedereede komt van Goede Reede, "veilige haven". Op het grondgebied van Ouddorp was vroeger een Romeinse nederzetting.
Externe links
- [http://www.goedereede.nl/ Website van de gemeente]
- [http://www.rgl.nl/ Website van de lokale radio]
- [http://www.sgp-goedereede.nl/ Website van de grootste politieke partij]
Categorie:Gemeente in Zuid-Holland
Categorie:Plaats in Zuid-Holland
Dordrecht (Nederland)
Dordrecht is met zijn 119.098 inwoners (1-6-2005, CBS) de derde stad van de Nederlandse provincie Zuid-Holland. De stad ligt op de plaats waar de Merwede zich splitst in de Noord en de Oude Maas. De bewoners van Dordrecht noemen hun stad veelal Dordt.
De gemeente Dordrecht omvat het totale eiland van Dordrecht, omringd door brede waterwegen: de Oude Maas, de Beneden Merwede, de Nieuwe-Merwede, het Hollands Diep en de Dordtse Kil.
Tegenwoordig (2004) is R.J.G. Bandell (PvdA) burgemeester van Dordrecht.
Geschiedenis
De oorspronkelijke naam van Dordrecht is Thuredrith. Dit betekent "doorwaadbare plaats in de rivier Thure".
Dordrecht kreeg in 1220 stadsrechten van de Hollandse graaf Willem I en geldt daarmee als de oudste stad van Holland. (Dat is juist, voorzover met Holland wordt verwezen naar de huidige provincies Noord- en Zuid-Holland. In het historische Holland was Geertruidenberg, dat in 1815 Brabants werd, zeven jaar eerder.) Dat Dordrecht de oudste stad van Nederland zou zijn, zoals op familiefeestjes wel eens ter tafel komt, kan naar het rijk der fabelen worden verwezen. De Romeinse steden Utrecht, Maastricht en Nijmegen zijn immers ouder, en als middeleeuwse stad is onder meer ook Zutphen (1190) ouder.
De stad ontstond aan het riviertje de Thure (Thuredrith zou in de loop der tijd veranderen in Dordrecht, is één van de meerdere naamsverklaringtheorieën) te midden van veenmoerassen. De Thure was een zijtak van de rivier de Dubbel. In 1421 kwam Dordrecht ten gevolge van de Sint Elisabethsvloed, waarbij grote delen van het achterland (Grote Waard) voorgoed verdronken, op een eiland te liggen. Door haar strategische ligging ontwikkelde de stad zich tot een belangrijke stapelplaats (stapelrecht vanaf 1299). Dordrecht verhandelde vooral wijn, hout en graan.
In 1572 kwam te Dordrecht de eerste Vrije Statenvergadering bijeen. Vertegenwoordigers van alle Hollandse steden erkenden prins Willem van Oranje en steunden de opstand tegen de Spanjaarden. In 1618-1619 vond in Dordrecht, bolwerk van de reformatie, de Synode van Dordrecht plaats, waarbij de remonstranten tegenover de contraremonstranten stonden en waar het besluit viel tot de bijbelvertaling die in 1637 de Statenbijbel zou opleveren.
Binnen Holland werd Dordrecht vanaf de 18e eeuw overvleugeld door Rotterdam.
In de Tweede Wereldoorlog werd Dordrecht en omgeving het middelpunt van de strijd in de winter van 1944-1945.
In 1970 werden de gemeente Dubbeldam (toen ca. 10.000 inwoners) en het zuidelijk deel van de gemeente Sliedrecht aan de gemeente Dordrecht toegevoegd, zodat de gemeente het gehele Eiland van Dordrecht ging beslaan.
Bezienswaardigheden
Eiland van Dordrecht
Belangrijke bezienswaardigheden in Dordrecht zijn in de eerste plaats de rivierkade bij de Groothoofdspoort, verder de Grote Kerk met zijn markante, onvoltooide toren en - ongebruikelijk in Holland - zijn stenen overwelving. Ook de grachten, waarvan er een wordt overkluisd door het stadhuis, vormen een bezienswaardigheid. Langs de grachten en oude havens staan indrukwekkende koopmanshuizen. Het Hof is een oud Augustijner klooster met een interessante geschiedenis.
Het Statenplein is het middelpunt van de stad. Op het nabijgelegen Scheffersplein staat een standbeeld van de Dordtse schilder Ary Scheffer en op de Visbrug een standbeeld van Johan en Cornelis de Witt.
Belangrijke musea in Dordrecht zijn het Dordrechts Museum en Museum van Gijn.
Ten oosten van de stad ligt de Sliedrechtse Biesbosch. Ten zuiden van de stad ligt de Dordtse Biesbosch. Deze nog steeds op het Eiland van Dordrecht gelegen gebieden vormen samen de Hollandse Biesbosch, een natuur- en recreatiegebied. Via het pontje tussen de Kop van het Land en Werkendam is de rest van de Biesbosch toegankelijk.
Stadswijken en kleine kernen
Dordrecht kent de volgende stadswijken en kleine kernen:
- Centrum
- Oud-Krispijn
- Nieuw-Krispijn
- De Staart
- Merwedepolder
- Het Reeland
- Vogelbuurt
- Indische buurt
- Transvaalbuurt
- Land van Valk
- Crabbehof
- Wielwijk
- Zuidhoven
- Sterrenburg
- Stadspolders
- Oudelandshoek
- Louterbloemen
- Dordtse Kil
- Amstelwijck
- Dubbeldam (voormalig dorp)
- Wieldrecht (dorpje)
- Tweede Tol (gehucht)
- Willemsdorp (gehucht)
Cultuur
Bekende evenementen in Dordrecht zijn:
- Dordt in Stoom, het grootste stoomevenement van Europa, dat zo'n kwart miljoen bezoekers trekt. Het wordt elke twee jaar georganiseerd in de historische havens van de stad.
- Dordt Monumenteel wordt ieder jaar gehouden in hetzelfde weekeinde als Open Monumentendag. Dordt Monumenteel begint altijd al op vrijdagavond met groot vuurwerk en de Monumentennacht. Op zaterdag en zondag staan de monumenten natuurlijk centraal. Dit evenement trekt jaarlijks 100.000 bezoekers.
- Belcanto Festival Dordrecht, een groot opera-evenement dat jaarlijks in of rond september georganiseerd wordt en inmiddels vele bezoekers van buiten Nederland aantrekt. In 2005 besloot B&W om het Balcanto Festival niet langer te steunen. In de toekomst kan het Internationaal Poppentheater op tweehonderdduizend euro subsidie rekenen.
- Schefferspop, een jaarlijks popfestival op het Scheffersplein. Traditioneel gehouden op Hemelvaartsdag. Veelal treden hier Dordtse en regionale bands op.
- et-SKA-tera, een jaarlijks skafestival georganiseerd door etcultera, dat zich kenmerkt door de nieuwe Ska-talenten en de lage entree prijs
Dordt kent een rijke cultuur voor wat betreft bands, kunstenaars en andere artistiekelingen. Bands kunnen oa oefenen, optreden en gecoached worden in De Popcentrale , maar ook is er de mogelijkheid om op te treden in Bibelot, een jongerenpodium in de voormalige Bonifatiuskerk.
In 2003 won Dordrecht de titel 'Evenementenstad van het Jaar'.
Folklore
De inwoners van Dordrecht worden schapenkoppen genoemd, een benaming die gebaseerd is op een legende uit de Middeleeuwen, toen er nog tolmuren rond de stad stonden. In een poging om het tolgeld op vee te ontduiken, staken Dordtenaren een schaap in mensenkleren om het zo binnen de stadsmuren te kunnen smokkelen. Het bedrog kwam overigens uit: net op het moment dat men met het schaap door de poort wilde begon het te blaten.
Langs de N3 (de 'Rondweg'), bij de afrit van de Merwedebrug tussen Dordrecht en Papendrecht (de 'Papendrechtse brug') op de Staart, staat een standbeeld dat hiernaar verwijst, voorstellende een man en een vrouw, die een schaap verkleed als kind tussen zich in houden. En ook in het logo van de betaalde voetbalclub FC Dordrecht staat de kop van een ram. Ook is er een koekje naar vernoemd, een Dordtse specialiteit.
Om die reden doopt Dordrecht zichzelf tijdens carnaval dan ook om tot 'Ooi- en Ramsgat'.
Economie
Tot de huidige bestaansmiddelen behoren de scheepsbouw, de houtindustrie en de metaalindustrie. De stad heeft de zesde zeehaven van Nederland. Met de Drechtsteden is een ambitieuze visie ontwikkeld, die de regio nieuwe economische impulsen geeft. De ontwikkelingen leiden ook steeds meer tot zakelijke dienstverlening.
Geboren in Dordrecht
- Simon de Danser (1577), zeerover
- Albert Cuyp (1620), schilder († 1691)
- Cornelis de Witt (1623), staatsman en broer van Johan († 1672)
- Johan de Witt (1625), raadspensionaris en broer van Cornelis († 1672)
- Samuel van Hoogstraten (1627), kunstschilder, etser en theoreticus († 1678)
- Arnold Houbraken (1660), kunstschilder en schrijver († 1719)
- François Valentijn (1666), dominee en schrijver van Oud en Nieuw Oost-Indiën († 1727)
- Johannes Immerzeel Jr. (1776), schrijver en dichter († 1841)
- Ary Scheffer (1795), schilder († 1858)
- Marinus Vertregt (1897), ruimtevaartwetenschapper († 1973)
- Peter Hurkos (1911), helderziende († 1988)
- Cees Buddingh' (1918), dichter en schrijver († 1985)
- Willy Batenburg (1926), volkszanger
- Cor van der Gijp (1931), voetballer
- Jan Jiskoot (1940), zwemmer
- Elt Drenth (1949), zwemmer
- Bart van Leeuwen (1954), diskjockey
- Judith Ten Bosch (1957), schilderes en illustratrice
- Leo Kenter (1958), muzikant en schrijver
- Geerten Ten Bosch (1959), grafisch ontwerpster, typografe en illustratrice
- René van der Gijp (1961), voetballer
- Caroline de Bruijn (1962), actrice
- Ronald Giphart (1965), schrijver
- Juul Ellerman (1965), voetballer
- Bettina Berger (1967), actrice
- Wieke Hoogzaad (1970), triatlete
- Nadja Hüpscher (1972), actrice
- Louis Laros (1973), voetballer
Externe link
- [http://www.dordrecht.nl Dordrecht De Gemeentelijke website van Dordrecht]
- [http://www.wijken-dordrecht.nl Over de stadswijken van Dordrecht]
Categorie:Dordrecht
Categorie:Nederlandse vestingstad
Categorie:Plaats in Zuid-Holland
Ridderkerk
Ridderkerk is een plaats en gemeente in de Nederlandse provincie Zuid-Holland. De gemeente telt 44.868 inwoners (1 juni 2005) en heeft een oppervlakte van 25,32 km².
Overige kernen
- Bolnes
- Oostendam
- Rijsoord en Strevelshoek (bij wet sinds 1 september 1855 bij Ridderkerk gevoegd)
- Slikkerveer
Geschiedenis
De beschermheilige van Ridderkerk is St. Joris. Het wapen van Ridderkerk bevat een afbeelding van Sint Joris die een draak overwint.
De geschiedenis van Ridderkerk voert minstens terug tot 1446. Ter gelegenheid van het 500-jarig bestaan is in 1946 een boek uitgegeven door Klomp & Bosman's Drukkerijen, Rotterdam. "RIDDERKERK, herdenking 500 jaar, 20 October 1946"
Ridderkerk bezit nog één molen genaamd De Kersenboom, die in de jaren '90 gerestaureerd is en verplaatst werd naar de andere zijde van het Waaltje, een dode rivierarm.
Het dorp Rijsoord kreeg in de Tweede Wereldoorlog landelijke bekendheid doordat daar op 15 mei 1940 de capitulatieovereenkomst tussen Nederland en Duitsland werd ondertekend door Generaal Winkelman.
Industrie
Gelegen langs de rivier de Noord ontwikkelden zich in vroeger jaren diverse scheepswerven. In de kern Bolnes bijvoorbeeld Boele-Bolnes en in Slikkerveer De Groot & Van Vliet. De heer Cornelis Verolme, eigenaar van Verolme Scheepswerf Alblasserdam (V.S.A.) en later RSV (Rijn-Schelde-Verolme) was woonachtig te Ridderkerk.
In Rijsoord werd vlas verbouwd en verwerkt tot linnen en touw. Het vlas werd geroot in het Waaltje. Uit het vlas werd ook lijnzaad gewonnen en geëxporteerd door de firma De Groot & Van Nes.
Recreatie
Het vlas is allemaal verdwenen uit het dorp, maar het Waaltje trekt nu vele toeristen en sportvissers. Er zijn enkele plekken langs de oevers waar men roeiboten en kano's kan huren. Ook voor visboten kan men er terecht.
Openbaar vervoer
Al sinds de jaren '90 zijn er plannen om een metrolijn of tramlijn vanuit Rotterdam naar Ridderkerk te laten lopen om Ridderkerk ook te voorzien van hoogwaardig openbaar vervoer. Rond 2002 lijkt TramPlus een optie te gaan worden door de lagere kosten en de vrees dat de metro zou zorgen voor een toename van de criminaliteit vanuit Rotterdam. In Juni 2005 stemt de gemeente in met de voorkeur van de stadsregio Rotterdam om een TramPluslijn naar Ridderkerk aan te leggen, waarmee de planning hiervoor begint.
Externe link
- [http://www.ridderkerk.nl Website van de gemeente]
Categorie:Plaats in Zuid-Holland
Categorie:Gemeente in Zuid-Holland
Categorie:Ridderkerk
Culemborg
Culemborg is een stad en gemeente in de Betuwe, in de Nederlandse provincie Gelderland. De gemeente telt 27.308 inwoners (1 juni 2005) en heeft een oppervlakte van 31,23 km² (waarvan 1,49 km² water). Binnen de gemeentegrenzen liggen geen andere kernen.
Culemborg had 10.369 woningen in 2004, er waren 1.430 bedrijven en ongeveer 10.300 arbeidsplaatsen (prognose 2005).
Historie
Zie ook: heerlijkheid Culemborg.
Handelsdorp
Oorspronkelijk was Culemborg een handelsdorp, gelegen op de stroomrug van het riviertje de Meer en de zuidelijke oeverwal van de Lek. Ten westen daarvan bouwde in de 12e eeuw de Heer van Bosinchem (Beusichem) een kasteeltje.
Vrijstad
Op "Sente Nycolausdach" in 1318 ontvingen de poorters van de inmiddels versterkte nederzetting van hun Heer, Jan van Bosinchem, stadsrechten waaronder tolvrijheid op de jaarmarkt en het asielrecht. Culemborg werd een Vrijstad. Dit wilde niet zeggen dat iedereen zich vrijelijk kon vestigen. De stad had een eigen rechtspraak. Wie iets op zijn kerfstok had, moest voor schout en schepenen verschijnen en ontliep zijn gerechte straf niet. Maar hij kreeg wel de kans zich te verdedigen. Zolang hij in Culemborg verbleef, werd zijn schuldeiser niet in de stad toegelaten. "Naar Culemborg gaan" betekende in Amsterdam dan ook failliet gaan.
Stadsuitbreiding
In de 14e eeuw kwam er een stadsmuur en -gracht om ongeregelde bendes en vijandelijke troepen buiten de stad te houden. Tweemaal werd de stad buiten de bestaande muren uitgebreid. Omstreeks 1370 aan de noordzijde met een schipperskwartier, de zogenaamde Havendijk en twintig jaar later aan de zuidzijde waar de buurtschappen Lanxmeer en Parijsch erbij werden getrokken onder de naam Nieuwstad. Zo ontstond een soort "driestad". Ook de Havendijk en de Nieuwstad werden ommuurd.
Nòg een kasteel
In de 14e eeuw bouwde Jan II, die zich Heer van Culemborg noemde, een groot kasteel aan de oostzijde van het stadje. Van dit kasteel is nu alleen de kasteeltuin nog over. Franse troepen hebben het in 1672 grotendeels verwoest waarna het in de jaren na 1735 definitief werd gesloopt.
Vrouwe Elisabeth
Aan de laatste telg van het geslacht van Culemborg heeft de stad veel te danken. Vrouwe Elisabeth stichtte het Elisabeth-gasthuis, een hofje met huizen voor oude mannen en vrouwen, en schoot het geld voor de bouw van het Stadhuis en de toren van de St. Janskerk voor. Uit haar erfenis werd het Elisabeth-Weeshuis gebouwd. Dit weeshuis doet nu dienst als museum en bibliotheek.
Floris van Pallandt en het protestantisme
Kort voor het overlijden van Elisabeth verhief Karel V de heerlijkheid tot graafschap. Omdat Elisabeth kinderloos stierf, erfde Floris van Pallandt, een kleinzoon van haar oudste zus Anna, het graafschap. Floris ging onder invloed van zijn Lutherse echtgenote al gauw over tot het protestantisme. Met Oranje en de heer Van den Bergh speelde hij een belangrijke rol in de opstand tegen het Spaanse gezag. In 1566 was Floris de eerste in de Nederlanden die een Calvinistische dienst liet houden, terwijl men elders nog hagepreekte. Dat gebeurde in het washuis van het kasteel. Zo zorgde hij ervoor dat de nieuwe leer in Culemborg voor het eerst openlijk en officieel in de Nederlanden werd verkondigd.
Onder Duits bewind
Van 1639 tot 1714 kwam het graafschap aan het geslacht Waldeck-Pyrmont en daarna onder de hertogen van Saksen-Hildburghausen. De Duitse heren beschouwden Culemborg als een welkome melkkoe. Onder hun regering verwoestten de Fransen in de periode 1672-1674 het kasteel, plunderden de bibliotheek en roofden een deel van het archief. Uit geldgebrek verkocht Saksen-Hildburghausen Culemborg met al zijn hoge rechten en domeinen voor bijna één miljoen gulden aan de Staten van het Kwartier van Nijmegen. Deze schonken in 1748 het graafschap aan prins Willem IV, toen deze tot stadhouder werd verheven. In 1795 werd de stad door de Fransen bezet. Drie jaar later kwam, na bijna vijf eeuwen, een einde aan de zelfstandigheid van het staatje en werd het ingelijfd bij de Bataafse Republiek.
Oranje-Nassau
Na de Franse tijd ging de stad op in het Koninkrijk der Nederlanden. Het geslacht Oranje-Nassau was het laatste in Culemborg regerende gravenhuis. Vandaar dat de Koningin nog steeds de neventitel gravin van Culemborg voert.
Culemborg en industriële ontwikkeling
In de tweede helft van de 19e eeuw is de aanleg van de spoorlijn Utrecht-Den Bosch (inmiddels vervangen spoorbrug voltooid in 1868) een belangrijke stimulans voor de industriële ontwikkeling van Culemborg. Met name de sigaren- en meubelindustrie zijn in die tijd sterk opgekomen. Tegenwoordig vindt men naast de meubelfabrieken een grote variëteit aan industrieën in deze stad.
Het Bakelbos
De heer Hoek de historische vereniging "Voet van Oudheusden" heeft historische wetenswaardigheden over het S-vormige straatje Bakelbos gebundeld in een map. Deze map ligt voor de belangstellenden ter inzage in het Stadskantoor.
Uitgaanscentrum HappyDayZZ
Sinds 2003 kent Culemborg een eigen uitgaanscentrum, dat onderdak biedt aan 2500 bezoekers. Door de centrale ligging trekt het centrum veel bezoekers uit oa. Amsterdam, Utrecht en Brabant. Met de komst van feesten als 'Club Déjà Vu' is het sinds 2004 zich meer gaan richten op ouder publiek. Mede daardoor is het danspaleis een 'walhalla' voor de Nederlandse drugsgebruiker: HappyDayZZ wordt ook wel de 'IT (club) van de jaren 2000' genoemd. Menig Culemborger is er zijn jas verloren tijdens de nieuwjaarsviering 2004-2005.
Fruitcorso Culemborg
Ongeveer 15 jaar geleden, begonnen er plannen te komen om in Culemborg ook een fruitcorso wagen te maken. De eerste paar jaren werden slechte plaatsen behaald, en mensen dachten: Zal Culemborg nog terug komen? Dit was het geval. Na enkele jaren een paar sub-plaatsen hebben behaald, kwam dan eindelijk in het jaar 2004 de lang verwachtte 1ste plaats.
Behaalde plaatsen:
2005 - 7de plaats
2004 - 1ste plaats
2003 - 8ste plaats
2002 - 5de plaats
2001 - 3de plaats
2000 - 3de plaats
1999 - 5de plaats
1998 - ?
1997 - ?
1996 - ?
1995 - ?
1994 - ?
1993 - ?
1992 - ?
1991 - ?
1990 - ?
Geboren in Culemborg
- Jan van Riebeeck (21 april 1619), Nederlands kolonist van Zuid-Afrika († 1677)
- Piet Vroon (9 juli 1939), Nederlands psycholoog, hoogleraar en auteur († 1998)
- Michiel Elijzen (31 augustus 1982), Nederlands wielrenner
Externe links
- [http://www.culemborg.nl Website van de gemeente]
- [http://www.plattegronden.nl/culemborg/index.html Plattegrond van Culemborg]
Categorie:Plaats in Gelderland
Gorinchem
Gorinchem, meestal uitgesproken en soms ook geschreven als Gorkum of Gorcum, is een stad en gemeente in de Nederlandse provincie Zuid-Holland. Op een oppervlakte van 22,01 km² (waarvan 3,23 km² water) wonen 34.317 mensen (1 juni 2005). Dalem behoort ook tot de gemeente Gorinchem. In het centrum van Gorinchem ligt de goed bewaarde vestingstad.
Gorinchem ligt aan de rivier de Boven Merwede aan de overkant van Woudrichem. De gemeente heeft een station aan de westelijke Betuwelijn (Dordrecht-Geldermalsen). Ten noorden van Gorinchem loopt de rijksweg A15, die gebundeld is met de Betuweroute. Ten westen van de stad loopt rijksweg A27 met als 'bottle-neck' de Merwedebrug.
Bekende personen die een band hebben met Gorinchem
- Heren van Arkel (adellijke familie die de stad stichte, stadsrechten gaf en beïnvloede)
- Louis Rudolph Jules ridder van Rappard (bekend en eigenzinnig burgemeester van 1939 tot 1971, staatsman)
- Nicolaas Pieck (één der Martelaren van Gorcum)
- Hendrik Hamel (VOC-boekhouder een zeevaarder, ontdekte per ongeluk Korea)
- Henk van Randwijk (onderwijzer, journalist, verzetstrijder, oprichter Vrij Nederland)
- Adriaan Anthoniszoon (vestingbouwer)
- Hugo de Groot (rechtsgeleerde)
- Willem de Vries Robbé (sociaal betrokken industrieel)
- Dirck Rafaëlszoon Camphuisen (dichter, denker, dominee)
- Abraham Kemp (dichter, geschiedschrijver)
- Ida Gerhardt (dichteres) -
- Ad Dekkers (kunstenaar)
- Peter Struycken (kunstenaar, bekend van de (standaard) Beatrix-postzegel)
- Vera Galis (kunstenaar (Plastiek)
- Olaf Stevens (kunstenaar (Glas))
- Frank Wels (voetbalinternational_
- Anton Mussert (NSB-er)
- Dinand Woesthoff (zanger van Kane)
Externe link
- [http://www.gorinchem.nl Website van de gemeente]
- [http://www.gorinchem-presenteert.nl/fotoalbums.html Vestingstad Gorinchem]
Categorie:Gemeente in Zuid-Holland
Categorie:Nederlandse vestingstad
Categorie:Plaats in Zuid-Holland
Sliedrecht
Sliedrecht is een plaats en gemeente in de Nederlandse provincie Zuid-Holland. De gemeente telt 23.846 inwoners (1 juni 2005) en heeft een oppervlakte van 13,47 km². Sliedrecht is één van de zogenaamde Drechtsteden. Binnen de gemeentegrenzen liggen geen andere kernen.
Bezienswaardigheden
- Nationaal Baggermuseum
- Sliedrechts Museum
Geboren in Sliedrecht
- Aad Nuis (18 juli 1933), Nederlands politicus (D66) en literair criticus
- Jorien van den Herik (11 november 1943), Nederlands ondernemer en voorzitter voetbalclub Feyenoord
Externe link
- [http://www.sliedrecht.nl Website van de gemeente]
Categorie:Plaats in Zuid-Holland
categorie:Sliedrecht
Leiden
Leiden (118.231 inwoners per 1 juni 2005) is na Rotterdam, Den Haag en Dordrecht de vierde stad van de Nederlandse provincie Zuid-Holland in Nederland. De agglomeratie Leiden, waartoe ook de randgemeenten Katwijk, Leiderdorp, Oegstgeest, Rijnsburg, Sassenheim, Valkenburg, Voorhout, Voorschoten en Warmond behoren, telt ruim 290.000 inwoners, op een oppervlakte van niet veel meer dan 130 km².
Geschiedenis
Warmond
De stad ontstond als dijkdorp aan de voet van een kunstmatige heuvel aan de samenvloeiing van de Oude en de Nieuwe Rijn. In de oudste vermelding daarvan, omstreeks 860, werd het toenmalige dorp Leithon genoemd. In de op deze heuvel gelegen burcht zetelde aanvankelijk een leenman van de bisschop van Utrecht, maar de burcht kwam omstreeks 1100 in handen van de graaf van Holland. De gunstig gelegen nederzetting kreeg in 1266 bevestiging van de reeds eerder verleende stadsrechten en ontwikkelde zich met haar bloeiende lakennijverheid tot een van de grootste steden van het gewest Holland. In 1389, toen de bevolking tot ongeveer 4.000 was gegroeid, moest de stad worden uitgebreid met het stadsdeel tussen Rapenburg (tevoren de zuidrand van de stad) en de Witte Singel.
Tijdens de Hoekse en Kabeljauwse twisten had de burggraaf van Leiden loyaliteit betuigd aan de dochter van graaf Willem VI, Jacoba van Beieren. Haar oom Jan van Beieren (ook Jan zonder Genade genoemd) claimde echter met succes de opvolging van Willem VI. Slechts weinig edelen en weinig steden, waaronder Leiden, bleven Jacoba van Beieren trouw.
15e en 16e eeuw
Op 17 juni 1420 trok hertog Jan van Beieren met zijn leger vanaf Gouda op richting Leiden om de stad te veroveren. Het leger was goed uitgerust en beschikte over enkele kanonnen, er was zelfs speciaal vanuit Henegouwen per schip een groot kanon aangevoerd. Filips van Wassenaar en de andere lokale Hoekse edelen veronderstelden dat de hertog eerst Leiden zou belegeren, om dan tijdens de belegering kleine eenheden uit te zenden naar de omringende burchten.
De burchten waren echter versterkt en hadden een goede bezetting, dus koos Jan van Beieren ervoor om met zijn geschut eerst deze burchten aan te vallen. Door het beschieten van de muren en poorten wisten de troepen de burchten één voor één te verzwakken. De kastelen waren totaal niet bestand tegen dit geweld en binnen een week veroverde Jan van Beieren de kastelen Poelgeest, Ter Does, Hoichmade, de Zijl, ter Waerd, Warmond en de Paddenpoel.
Al op 24 juni verscheen het leger van de hertog voor de stadsmuren van Leiden. Op 17 augustus 1420, na een belegering van twee maanden, gaf de stad zich over aan Jan van Beieren. De burchtgraaf Filips van Wassenaar werd van al zijn ambten en rechten ontdaan en sleet zijn laatste jaren in gevangenschap.
De grootste kerk van Leiden, de Pieterskerk, had aanvankelijk één van de hoogste torens van Nederland. Bij een storm is de ruim 100 meter hoge toren echter op 1 maart 1512 ingestort. De toren werd nimmer herbouwd.
In 1572 koos de stad de zijde van de anti-Spaanse opstand. De Spaanse landvoogd Requesens sloeg in 1574 het beleg voor de stad. Nadat dit beleg was afgeslagen - het Leidens ontzet van 3 oktober 1574 - kreeg de stad in 1575 een universiteit, de eerste van de Noordelijke Nederlanden (zie: Universiteit Leiden). Hiermee betuigde stadhouder Willem van Oranje zijn erkentelijkheid aan de Leidenaren, die het beleg door de Spanjaarden hadden weerstaan, namens hertog Philips II. (Dit laatste gaf blijk van een grote ironie. De tot 1580 volgehouden fictie dat de prins van Oranje "den koninck van Hispanjen altijd had geëerd", maar uitsluitend tegen diens gehate stadhouder in opstand was gekomen, diende ook om de mogelijkheid van "verzoening" tussen opstandelingen en koning open te houden, maar dan wel op voorwaarden van de opstandelingen).Leidens ontzet wordt nog steeds jaarlijks op 3 oktober op grootschalige wijze gevierd. Op deze vrije dag ruikt de stad naar hutspot, en wordt op een centraal punt in de stad haring en wittebrood uitgedeeld.
De universiteit en haar studenten zijn sindsdien een dominerende factor in het stadsbeeld.
17e en 18e eeuw
In de 17e eeuw komt de stad tot grote bloei, dankzij de impuls die vluchtelingen uit Vlaanderen geven aan de textielnijverheid. De stad, die voor het beleg van 1574 ongeveer 15.000 inwoners had geteld, waarvan tijdens het beleg ongeveer een derde deel het leven had verloren, was in 1622 tot 45.000 inwoners gegroeid, terwijl omstreeks 1670 zelfs een aantal van tegen de 70.000 werd bereikt. In de Gouden Eeuw was Leiden, na Amsterdam, de op één na grootste stad van Holland. De bevolkingsgroei maakte een aanleg van nieuwe grachten en singels noodzakelijk. De laatste stadsuitbreiding, het huidige singelpatroon, vond plaats in 1659.
In de 18e eeuw raakt de textielnijverheid in verval. Door protectionistische maatregelen in Frankrijk was de concurrentiepositie verslechterd. Bovendien moesten de lonen relatief hoog zijn, omdat de kosten van levensonderhoud in het gewest Holland hoog waren vanwege de hoge belastingdruk. De Leidse textielondernemers gingen toen delen van het productieproces verplaatsen naar "lage-loonlanden": Twente en de omgeving van Tilburg!
Het gevolg was een gestadige daling van het inwonertal van Leiden, dat eind 18e eeuw tot 30.000 was gedaald en omstreeks 1815 een dieptepunt van 27.000 zou bereiken.
19e en 20e eeuw
Op 12 januari 1807 werd de stad door een catastrofe getroffen toen een aan de oostkant van het Rapenburg aangemeerd buskruitschip ontplofte. Ongeveer 150 burgers kwamen hierbij om het leven. Koning Lodewijk Napoleon bezocht persoonlijk de stad om de hulp aan de slachtoffers te coördineren. Op de plaats van de door de ontploffing veroorzaakte "Ruïne" werden later het Van der Werffpark en het Kamerlingh-Onnes-laboratorium aangelegd. In 1842 werd de voor Leiden zeer belangrijke spoorlijn naar Haarlem in gebruik genomen. In 1843 kwam de verbinding met Den Haag tot stand.
In de 19e eeuw zou er enige verbetering optreden in de desolate sociaal-economische situatie, mede dankzij de spoorlijn, maar het aantal inwoners was omstreeks 1900 nog steeds niet ver boven de 50.000 opgeklommen. Pas in 1896 begon Leiden zich uit te breiden buiten de 17e eeuwse singels.
In 1866 werd de stad getroffen door de laatste grote epidemie (cholera) die in 1868 leidde tot de start van de bouw van het nieuw Academisch Ziekenhuis (waar nu het Rijksmuseum voor Volkenkunde is gevestigd)
In 1883 werd niet alleen Leiden, maar ook heel Nederland, opgeschrikt door het nieuws van de arrestatie van de Leidse gifmengster, die in enkele jaren tijd minstens 27 slachtoffers had gemaakt.
Tot groot verdriet van velen ging in 1929 het stadhuis in vlammen op. Van het pand bleef alleen de gevel aan de Breestraat overeind staan. Wel waren enkele kostbare schilderwerken zeer kort voor de brand ter restauratie overgebracht naar een andere locatie.
Tijdens de Tweede Wereldoorlog is het station van Leiden beschadigd door geallieerde bombardementen in 1944.
Diversen
Leiden dankt zijn bijnaam Sleutelstad aan zijn schutspatroon Sint-Pieter (Petrus), aan wie ook de voornaamste kerk is gewijd. Belangrijke bezienswaardigheden zijn naast deze Pieterskerk, de Burcht, de Waag, de Hooglandse Kerk, de veelbezongen gracht het Rapenburg met het Academiegebouw, het stadhuis met de breedste renaissancegevel van Nederland, twee stadspoorten, enkele molens en 35 hofjes.
Verschillende oude meesters hebben banden met Leiden. Zo werd Rembrandt in Leiden geboren terwijl ook Jan Steen in de stad werkte, evenals Gerard Dou en Frans van Mieris. Ook uit de wetenschap zijn er belangrijke namen verbonden met Leiden. Albert Einstein heeft enkele belangrijke theorieën in Leiden ontwikkeld, Kamerlingh Onnes had een laboratorium in Leiden waarin hij onderzoek deed wat hem uiteindelijk in 1913 een Nobelprijs opleverde. 'Leermeester van Europa' Herman Boerhaave doceerde en bestudeerde aan de Universiteit Leiden.
Een qua bouwstijl belangrijk gebouw is de Marekerk (1649). Het ontwerp van deze kerk (1639), een achthoekige centraalbouw met banken om de kansel heen, werd voor het eerst in de Hollandse kerkgeschiedenis speciaal toegesneden op de protestantse dienst.
Leiden herbergt een aantal belangrijke musea: het Rijksmuseum van Oudheden, het Rijksmuseum voor Volkenkunde, het Nationaal Natuurhistorisch Museum (Naturalis), museum Boerhaave (wetenschapsgeschiedenis) en de Lakenhal (beeldende kunst en geschiedenis).
Afbeelding:Molen_leiden_2003.jpg|Molen De Valk, gezien vanaf de Stationsweg
Afbeelding:Oude_rijn_leiden_2003.jpg|De Oude Rijn met de Kerkbrug, gezien vanaf de Dullebrug
Afbeelding:Leiden_stadhuis.jpg|Het stadhuis aan de Breestraat
Afbeelding:Leiden_Hoogheemraadschap.jpg|'Gemeenlandshuis' van het Hoogheemraadschap van Rijnland aan de Breestraat
Afbeelding:Leiden west gate.jpg|De Morspoort, gezien vanaf de Morssingel
Afbeelding:Zijlpoort (Leiden).jpg|De Zijlpoort, gezien vanaf de Schrijversbrug
Afbeelding:Oude Sterrewacht Leiden.png|Oude Sterrewacht (1860), gezien vanaf de Witte Singel
Afbeelding:Leiden_old_observatory.jpg|De Witte Singel en de Oude Sterrewacht, gezien vanaf de Koepoortsbrug
Afbeelding:Nieuwe Rijn.JPG|De Nieuwe Rijn
Afbeelding:Alexander Blok - Noch, ulica, fonar, apteka.jpg|Een van de Leidse muurgedichten: Alexander Bloks 'Notsj, ulitsa, fonar, apteka'
Geboren in Leiden
- Willem II (1228), graaf van Holland en Rooms koning
- Floris V (24 juni 1256), graaf van Holland
- Willebrord Snell van Royen (Snellius), (1580), natuurkundige
- Jan van Goyen (1596), schilder
- Rembrandt van Rijn (15 juli 1606), schilder
- Jan Lievens (1607), schilder
- Gerard Dou (7 april 1613), schilder
- Pieter de la Court (1618), wetenschapper
- Jan Steen (1626 of 1625), schilder
- Frans van Mieris (16 april 1635), schilder
- Jacob Toorenvliet (1640), schilder
- Nicolaas Anslijn (12 mei 1777), schrijver
- Klikspaan (8 januari 1814), schrijver
- Johannes Diderik van der Waals (23 november 1837), natuurkundige
- Piet Aalberse (27 maart 1871), politicus
- Willem Kolff (14 februari 1911), wetenschapper
- Frans Poptie (3 maart 1918), jazzviolist
- Zangeres zonder Naam (5 augustus 1919), zangeres
- Alfred Kossmann (31 januari 1922), schrijver
- F.B. Hotz (1 februari 1922), schrijver
- Wim Slijkhuis (13 januari 1923), atleet
- Chris van der Klaauw (13 augustus 1924), diplomaat en minister
- Els Amman (4 september 1931), kunstenares
- Louis Ferron (4 februari 1942), dichter en prozaschrijver
- Emile Fallaux (16 augustus 1944), journalist en programmamaker
- Henk van Woerden (6 december 1947), schrijver
- Jan Brokken (10 juni 1949), schrijver
- Bartho Braat (17 augustus 1950), acteur
- Carolijn Visser (5 september 1956), schrijver
- Carina Benninga (18 augustus 1962), hockeyinternational en -coach
- Taco van den Honert (14 februari 1966), hockeyinternational
- Prinses Laurentien (25 mei 1966)
- Isa Hoes (13 juni 1967), actrice
- Frits Huffnagel (15 juli 1968), VVD-politicus
- Armin van Buuren (25 december 1976), trance-deejay en producer
- Klaas Veering (26 september 1981), hockeyinternational
Onderwijs in Leiden
- Bonaventura College
- Da Vinci College
- Hogeschool Leiden
- Het Kompas (protestants christelijk basis onderwijs)
- Stichting Kaderopleidingen Leiden (particulier deeltijd HBO voor volwassenen)
- Leidse HoutSchool (protestant christelijk basis onderwijs)
- Leidse Instrumentmakers School
- ROC Leiden (Regionaal Opleidings Centrum)
- Roomburg (protestants christelijk basis onderwijs)
- Stedelijk Gymnasium
- Mytyl school De Thermiek
- Universiteit Leiden
- Visser 't Hooft College
- Volksuniversiteit K&O Leiden
- Vlietland College
- Instituut R.R. Vrijbergen (particulier onderwijs)
- Vrije School Mareland (basisonderwijs op antroposofische basis)
- Vrije Schoolgemeenschap Rudolf Steiner (voortgezet onderwijs op antroposofische basis)
- Webster University (Amerikaanse erkende universiteit in Nederland)
- Woutertje Pieterse (openbare basis onderwijs)
- P.C. Zijlwijkschool
Externe links
- [http://www.leiden.nl Stadsportal Leiden]
- [http://www.leiden.nl/gemeente Digitaal Stadhuis Leiden]
Categorie:Leiden
Categorie:Nederlandse vestingstad
Categorie:Plaats in Zuid-Holland
Noordwijk
Noordwijk is een stadje en gemeente in de Nederlandse provincie Zuid-Holland. De gemeente telt 24.583 inwoners (1 juni 2005) en heeft 51,53 km² (waarvan 16,12 km² water).
Te Noordwijk is ESTEC gevestigd, een Europees centrum voor ruimteonderzoek en technologie. Dit is de grootste vestiging van de Europese ruimtevaartorganisatie ESA. Het bezoekerscentrum Space Expo is een grote ruimtevaarttentoonstelling.
In het hotel Hotels van Oranje in Noordwijk aan Zee wordt wekelijks met televisieprogramma Business Class van Harry Mens opgenomen. Noordwijk aan Zee heeft een vuurtoren en een KNRM reddingsstation, en kent sinds 1997 een jaarlijks zomerfestival: Opera aan Zee.
Kernen
Noordwijk aan Zee en Noordwijk-Binnen.
Geboren in Noordwijk
- Henriette Roland Holst (24 december 1869 - 21 november 1952), dichteres en socialiste
Externe links
- [http://www.noordwijk.nl Website van de gemeente]
- [http://www.meertens.knaw.nl/books/winkler/noordwijkaanzee.html Voorbeelden van het Noordwijkse dialect (Meertens Instituut)]
Categorie:Plaats in Zuid-Holland
Categorie:Gemeente in Zuid-Holland
Categorie:Badplaats
categorie:Noordwijk
Delft
Delft is een stad in Zuid-Holland, gelegen aan de Schie, tussen Den Haag en Rotterdam. Op 1 juni 2005 telde de gemeente Delft 94.543 inwoners.
Delft heeft een historische binnenstad, ontwikkelde zich in de 19e eeuw tot industriestad en profileert zich tegenwoordig, met de aanwezigheid van een Technische Universiteit en het onderzoeksinstituut TNO, vooral als 'kennisstad'.
Binnen de geschiedenis van Nederland is Delft vooral bekend omdat Willem van Oranje er enige tijd heeft geresideerd en er uiteindelijk in 1584 werd vermoord. De Oranjes worden sindsdien traditioneel in Delft bijgezet.
Delft is de hoofdplaats van het hoogheemraadschap Delfland. De gemeente maakt deel uit van het kaderwetgebied Haaglanden.
Stadsbeeld
Delft heeft een historische binnenstad met een vrij overzichtelijk stratenplan. Parallel, en grofweg in noord-zuidrichting, lopen de grachten Oude Delft en Nieuwe Delft. Die laatste is beter bekend als achtereenvolgens Koornmarkt - Wijnhaven - Hippolytusbuurt - Voorstraat.
Tussen deze beide grachten in staat, op wat vermoedelijk de oudste bebouwde locatie van de stad is, de Oude Kerk, bijgenaamd de 'Oude Jan' met zijn karakteristieke toren. Deze toren met vier hoektorentjes staat flink uit het lood en helt over de Oude Delft. Nabij de toren vinden we ook het Gemeenlandshuis van Delfland met een fraaie gotische gevel, het Prinsenhof en het imposante gebouw van het Hoogheemraadschap van Delfland.
Ten oosten van de twee grachten werd de stad in de loop der eeuwen uitgebreid. Aan de Markt, een zeer ruim plein, staat de Nieuwe Kerk, vroeger gewijd aan Sinte Ursula, met hierin het praalgraf van Willem van Oranje en de koninklijke grafkelder. De toren van de kerk is een van de hoogste van Nederland. Tegenover de kerk staat het Delftse stadhuis, dat door Hendrick de Keyser in 1618-1620 werd gebouwd rondom het oudste gebouw dat Delft tegenwoordig nog heeft: een toren genaamd het Oude Steen. Op de Markt staat een standbeeld van Hugo de Groot, de rechtsgeleerde die in 1583 in Delft werd geboren.
Andere bezienswaardigheden in de binnenstad zijn de Oostpoort, de enige overgebleven stadspoort; de voormalige Vleeshal (tegenwoordig jongerencentrum 'De Koornbeurs'); een aantal hofjes (maar veel minder dan in Leiden of Haarlem) en vele interessante gevels.
De Beestenmarkt is vooral in de zomer het uitgaanscentrum van Delft, maar ook op andere plekken nabij de Markt bevinden zich volop horecagelegenheden - met name op de route Burgwal, Brabantse Turfmarkt, Kromstraat, Markt, Nieuwstraat.
Geschiedenis
Wortels
Delft is ontstaan aan een gegraven waterloop, de Delf, en heet daar ook naar; delven betekent graven. Op de verhoogde plaats waar deze Delf de kreekwal van het dichtgeslibde riviertje de Gantel kruiste was, vermoedelijk sinds de 11e eeuw, een grafelijke vroonhof gevestigd. Delft was mede daardoor een belangrijk marktcentrum, wat nog te zien is aan de omvang van het centrale marktplein.
Bloei vanaf 1246
Graaf Willem II verleende Delft op 15 april 1246 stadsrecht. Handel en nijverheid (bierbrouwerijen, draperie) kwamen er tot grote bloei. In 1389 werd de Delfshavense Schie naar de Maas gegraven, aan de monding waarvan de zeehaven Delfshaven (nu een stadsdeel van Rotterdam) werd gebouwd.
In 1536 werd een groot deel van de stad door brand in de as gelegd.
Prins Willem van Oranje resideerde korte tijd in Delft in het voormalige Sint-Agathaklooster, dat sindsdien Prinsenhof wordt genoemd. Hij werd er op 10 juli 1584 vermoord door Balthasar Gerards.
Delft was tot de 17e eeuw de derde stad van Holland - na Dordrecht en Haarlem.
In de 17e eeuw beleefde Delft door de aanwezigheid van een Kamer van de VOC en door de aardewerkindustrie (Delfts Blauw) een nieuwe bloeiperiode.
In 1654 werd een groot deel van de stad verwoest door de Delftse donderslag - de ontploffing van een opslagplaats voor buskruit op de plaats waar zich sindsdien de Paardenmarkt bevindt. Op de 'afstand van een kanonskogel' werd een nieuw Kruithuis gebouwd, door architect Pieter Post.
Terugval vanaf 1672
Vanaf het Nederlandse rampjaar 1672 ging de Delftse economie achteruit en raakte de stad overvleugeld door de beide buursteden Den Haag (als bestuurscentrum) en Rotterdam (als havenstad). In de 19e eeuw was er nog maar één plateelbakkerij over: De Porceleyne Fles, welke nog steeds bestaat.
Met de slechting van de stadsmuren in de 19e eeuw en de komst van de trein in 1847 werd Delft weer een aantrekkelijke plek voor nieuwe industrieën zoals de Gist- en Spiritusfabriek (later Gist Brocades, nu onderdeel van DSM), Calvé en Delft Instruments. De oprichting van de Koninklijke Academie (tegenwoordig: Technische Universiteit) in 1842 en het onderzoeksinstituut TNO in 1932, zorgden ervoor dat Delft ook een centrum van wetenschap werd.
Na de Tweede Wereldoorlog
In de jaren 1960 werd Delft fors uitgebreid, vooral in zuidelijke richting. Daar verrezen achtereenvolgens de hoogbouw-wijken Poptahof en Voorhof, die nog steeds behoren tot de dichtstbevolkte wijken van West-Europa, en de iets minder ambitieus opgezette Buitenhof. Vanaf de jaren tachtig werd, nog zuidelijker, de Tanthof ontwikkeld; Tanthof-Oost als exponent van de zogenaamde 'nieuwe truttigheid', met het onoverzichtelijke stratenplan dat bij dergelijke wijken hoort; Tanthof-West als iets zakelijker ingerichte eengezinswijk aan de zogeheten 'Derde-Werelddreef'.
Met deze ontwikkelingen is het centrum van Delft als woonstad opgeschoven van de historische binnenstad naar het aan de andere zijde van de spoorlijn gelegen winkelcentrum In de Hoven.
Delft nu
Een recente ontwikkeling in het uiterlijk van Delft is de voltooiing in maart 2005 van de herinrichting van het Zuidpoortgebied aan de zuidkant van de binnenstad, dat met de aanwezigheid van theater, megabioscoop en biblio/media/artotheek een soort cultuurcentrum moet worden. De uitvoering van dit plan verloopt nog enigszins stroef: de beoogde exploitant van het inmiddels voltooide bioscoopgebouw trok zich terug toen het pand niet aan de vooraf overeengekomen eisen bleek te voldoen; een nieuwe exploitant heeft zich nog niet aangediend.
Voor de toekomst staat, met de komst van een spoortunnel, de herinrichting op stapel van de westgrens van de binnenstad — een gebied dat door de aanwezigheid van een spoorviaduct al decennialang als een soort niemandsland geldt.
Bezienswaardigheden
- Agnetapark
- Gemeenlandshuis (Delfland)
- Genestetkerk (Delft)
- Het Meisjeshuis
- Het Wapen van Savoyen
- Koornbeurs (Delft)
- Kruithuis (Delft)
- Legermuseum (Delft)
- Maria van Jessekerk
- Museum van Elven
- Molslaan 104
- Nieuwe Kerk (Delft)
- Oostpoort (Delft)
- Oude Kerk (Delft)
- Prinsenhof (Delft)
- De Roos (Delft)
- St. Hippolytuskapel (Delft)
- St. Huybrechtstoren (Delft)
- Synagoge (Delft)
- Techniekmuseum (Delft)
- Zuiderkerk (Delft)
Bevolkingsopbouw
Aan de Delftse bevolkingsopbouw valt vooral het aandeel van mannen tussen de 20 en de 30 op. In 2002 was dit aandeel ongeveer 100% hoger dan het Nederlands gemiddelde. Het aandeel van vrouwen in dezelfde leeftijdscategorie was ongeveer 25% hoger dan het landelijk gemiddelde. Oorzaak van deze verschillen is ongetwijfeld de aanwezigheid van een universiteit die voornamelijk studies aanbiedt die traditioneel populair zijn onder mannen. ([http://www.raad.delft.nl/bw/2002/wijk_en_buurt_gegevens_2002/Inhoud/inhoud.pdf Bron: Gemeente Delft (PDF-bestand)])
Verkeer en vervoer
Delft is goed bereikbaar per auto en openbaar vervoer. De stad ligt ingeklemd tussen de A4 in het westen en noorden, de A13 aan de oostzijde, en de N470 aan de zuidzijde.
Er zijn twee treinstations, station Delft en Delft Zuid. Het spoorwegviaduct in het centrum zal worden afgebroken en worden vervangen door een spoortunnel. Voor Delft Zuid zijn plannen in de maak om meer kantoren te realiseren in de directe omgeving van het station.
Verder doet tramlijn 1 van de HTM Delft aan, en in 2007 zal een tweede tramlijn 19 vanuit Leidschendam naar de TU Delft worden geopend.
Wijken
Delft is verdeeld in 7 wijken:
- Buitenhof
- Centrum
- Tanthof:
- Tanthof Oost
- Tanthof West
- Voorhof
- Voordijkshoorn & Hof van Delft
- Vrijenban
- Wippolder
Het gedeelte Poptahof in de wijk Voorhof wordt nog wel eens gezien als een aparte wijk, terwijl dit niet het geval is.
Bekende inwoners
Voorhof]
Bekende Delvenaren
In Delft is de eretitel Delvenaar voorbehouden aan diegenen die in Delft zijn geboren.
- 10 april 1583: Hugo de Groot, rechtsgeleerde, wiens standbeeld op de Markt in Delft staat
- 29 januari 1584: Frederik Hendrik van Oranje, stadhouder
- 31 oktober 1632: Johannes Vermeer, schilder
- 24 oktober 1632: Antoni van Leeuwenhoek, wetenschapper
- november 1641: Anthonie Heinsius, raadspensionaris
- 4 december 1886: Jan Thomée, voetballer en huisarts
- 6 maart 1915: Jan Cottaar, sportverslaggever
- 20 mei 1938: Stien Baas-Kaiser, schaatsster
- 16 oktober 1939: Nico Haak, zanger
- 11 december 1951: Ria Stalman, atlete en sportverslaggever
- 31 december 1956: Arjen Duinker, dichter
- 1 april 1960: Frank Leistra, hockeyinternational
- 16 december 1965: Alexander Pechtold, politicus
- 17 april 1969: Eeke van Nes, roeister
- 11 september 1972: Ricky Koole, actrice en zangeres
- 2 augustus 1979: Thamar Henneken, zwemster
- 9 juni 1981: Bastiaan Tamminga, zwemmer
- 9 januari 1989: Michaella Krajicek, tennisster
Bekende Delftenaren
Wie korte of langere tijd in Delft woont, is een Delftenaar.
- Willem van Oranje, prins/stadhouder. Geboren 1533 in Dillenburg; woonde de laatste maanden van zijn leven in Delft, in het Sint-Agathaklooster (thans Prinsenhof).
- Piet Hein, zeevaarder. Geboren 1577 in Delfshaven; woonde de laatste maanden van zijn leven in Delft, aan de Oude Delft 171.
- Carel Fabritius, schilder. Geboren 1622 in Middenbeemster; woonde van 1650 tot aan zijn dood in 1654 in Delft — achtereenvolgens aan de Oude Delft en in de Doelenstraat.
- Jan Steen, schilder. Geboren 1626 in Leiden; was van 1654 tot 1657 uitbater van de herberg De Roscam aan de Oude Delft 74.
- Reinier de Graaf, arts en anatoom. Geboren 1641 in Schoonhoven; woonde van 1666 tot aan zijn dood in Delft. Het Delftse Reinier de Graaf Gasthuis is naar hem genoemd.
- Hubert Korneliszoon Poot, dichter. Geboren 1689 in Abtswoude; woonde gedurende twee korte periodes in Delft, waar hij ook overleed.
- Petrus Jacobus Kipp, apotheker, chemicus en instrumentenmaker. Geboren in 1808 in Utrecht. Had vanaf 1830 een apotheek aan de Oude Delft 162.
- Jacques van Marken, industrieel. Geboren 1845 in Dordrecht. Liet in 1880 in Delft het tuindorp Agnetapark bouwen, waar hij zelf tot zijn dood bleef wonen.
- Jules de Corte, zanger/liedjesschrijver. Geboren 1924 in Deurne; woonde vanaf 1945 geruime tijd in de Wippolder.
- Jody Bernal, zanger. Geboren 1981 in Bogota; groeide, nadat hij door een Nederlands gezin werd geadopteerd, op in Delft.
Zie ook
- Delft - eiland bij Sri Lanka
Externe links
- [http://www.gemeentedelft.info Gemeente Delft]
- [http://www.delft.nl Delft.nl - digitale wegwijzer]
- [http://www.raad.delft.nl Raads Informatie Systeem]
- [http://www.delftkennis.nl Delft Kennisstad]
- [http://www.tudelft.nl Technische Universiteit Delft]
Categorie:Delft
Categorie:Nederlandse vestingstad
Categorie:Plaats in Zuid-Holland
ja:デルフト市
Haastrecht
Haastrecht ligt in Zuid-Holland en maakt deel uit van de gemeente Vlist. Het is bestuurlijk samengevoegd met de twee andere kernen Stolwijk en Vlist in 1985. Het aantal inwoners is ongeveer 4500.
Haastrecht maakt deel uit van de Krimpenerwaard. Andere dorpen en steden in de Krimpenerwaard zijn Schoonhoven, Bergambacht, Ammerstol, Berkenwoude, Lekkerkerk, Krimpen aan de Lek, Krimpen aan de IJssel, Gouderak en Ouderkerk aan de IJssel.
Geschiedenis
De historische naam van Haastrecht is Havekesdrecht. In 1108 wordt het voor het eerst melding van gemaakt. Haastrecht ontstond rond 1100 op de plaats waar het veenriviertje De Vlist uitmondt in de Hollandsche IJssel.
Bij deze nederzetting werd later een kasteel gebouwd, waarvan de fundamenten teruggevonden zijn.
Op grond van de ligging heeft Haastrecht in 1396 stadsrechten gekregen. Een belangrijke scheepvaartsroute was via de Vlist naar de Hollandse IJssel. In Haastrecht bevond zich de sluis die beide rivieren met elkaar verbond. Deze sluis is later door Dordrecht vernietigd, vanwege concurrentie bij de innamen door tol van de scheepvaart.
Een van de mogelijke theorieën over het ontstaan van de naam Haastrecht, gaat ervanuit dat het komt uit een samenvoeging van "haastig recht". In Haastrecht mocht rechtgesproken worden en ze had een galg om de misdadigers te veroordelen. Het industriegebied in Haastrecht, waar de galg heeft gestaan, heet dan ook Galgoord.
Gezichtsbepalende gebouwen in Haastrecht zijn het stadhuis uit 1618, de ophaalbrug over de IJssel uit 1883 en de Hervormde kerk, waarvan de eerste delen in de 13e eeuw zijn ontstaan. Haastrecht is een lange tijd door de familie bisdom van Vliet bestuurd geworden. Het oude huis van de familie is tegenwoordig een museum. De laatste van de familie was Paulina Bisdom van Vliet, die het gemeenschapshuis Concordia heeft gesticht. Men gaat ervanuit dat de ligging van dit gemeenschapshuis zo door haar bepaald is dat ze vanuit haar huis de Rooms-katholieke kerk in Haastrecht niet meer kon zien.
Aan de Hollandse IJssel richting Gouda bevond zich het klooster te Stein (Passionisten), waarin Desiderius Erasmus enige jaren woonde. Nu staat hier een boerderij.
Het later voor de afwatering van de Lopikerwaard en de Krimpenerwaard op de IJssel noodzakelijke (stoom)gemaalcomplex is na uitgebruik nemen in 1992 een Rijksmonument . Het is nu ingericht als het Poldermuseum De Hooge Boezem en dagelijks te bezoeken. In het pomphuis zijn originele machines en installaties aanwezig. Tevens is er een diapresentatie en een permanente tentoonstelling over de ontstaansgeschiedenis van het Waterschap te bekijken.
Geboren in Haastrecht
- Leo Visser (13 januari 1966), Nederlands schaatser
- Edith van Dijk (6 april 1973), Nederlands marathonzwemster
- Michel Breuer (25 mei 1980), Nederlandse profvoetballer
Externe link
[http://www.gemaalhaastrecht.nl Poldermuseum]
Categorie:Plaats in Zuid-Holland
< | | |